25 december 2017

Het eindejaarslijstje 2017 van Anky Mulders

Zoals gewoonlijk is het lezen van Karl Ove Knausgård een knus huiselijk avontuur. Waar hij in Mijn strijd minutieus verhaalt over het verloop van zijn leven, vertelt hij in De vier seizoenen wat hij in zijn directe omgeving om zich heen ziet, kleine dingen met een hoog herkenbaarheidsgehalte. Zelden neemt iemand de moeite om ze zo te overdenken of beschrijven als Knausgård doet.

In Herfst bijvoorbeeld – dat hij begint met een brief aan zijn dochter die zes maanden later geboren zal worden – behandelt hij in teksten van zo’n tweeënhalve pagina’s uiteenlopende onderwerpen als het uiterlijk van de wesp, wat voor schilder Van Gogh is, het plezier van het kalken van een muur, roofvogels, stilte, hoe mensen overal ter wereld ’s nachts in hun bedden liggen, en over zijn eigen beperkingen qua begrip, bijvoorbeeld als het om filosofie gaat. Ook al schiet hij daarin tekort, nadenken over de kleinste zaken kan hij, en ook over de grote, zoals relaties met mensen: ‘Ik […] trek de deur achter me dicht en ben alleen. Ik weet waarom ik dat doe, het is prettig om alleen te zijn, om een paar uur helemaal vrij te zijn van alle gecompliceerde banden, alle kleine en grote conflicten, alle eisen en verwachtingen, alle verlangens en wensen die er tussen mensen worden opgebouwd en die al binnen korte tijd zo nauw met elkaar verweven zijn dat zowel de handelings- als de reflectieruimte wordt beperkt.’ Wie kent het niet?

Herfst - De vier seizoenen
Karl Ove Knausgård
Vertaling door: Marin Mars
Vier seizoenen. Deel 1
Verschenen bij: De Geus
ISBN: 9789044536331
288 pagina's
Prijs: € 19,95

Van Knausgårds relaties naar de liefdesbanden in de kronieken van Clarice Lispector in De ontdekking van de wereld.

Weinigen willen de ware liefde, want liefde is de grote ontgoocheling van al de rest. En weinigen kunnen ertegen alle andere illusies te verliezen. Je hebt hen die zich als vrijwilliger aanmelden voor de liefde omdat ze denken dat de liefde hun persoonlijke leven zal verrijken. Het is precies andersom: liefde is uiteindelijk armoede. Liefde is niet hebben. Liefde is zelfs ook de teleurstelling van wat je dacht dat liefde was.’

Dit is een diepgaande maar voor de doorsnee lezer goed te begrijpen gedachte van de als cryptisch schrijfster bekend staande Lispector. Bij andere zinnen moet de logica, als die er al is, veel verder weg gezocht worden. Al wat Lispector schrijft komt regelrecht uit het onbewuste van deze opmerkelijke vrouw die schrijft omdat het een drang is, die als zij niet schrijft ‘niet weet hoe dat moet‘, die schrijft: ‘De tomaten waren rond voor niemand: voor de lucht, de ronde lucht‘ en die zichzelf voortdurend onderzoekt. ‘Ik schreef terwijl ik heel aandachtig zocht naar wat zich binnen in mij aan het organiseren was, iets wat ik pas na de vijfde keer geduldig herschrijven begon te begrijpen. Ik begreep eindelijk beter wat er gezegd wilde worden.’ 

Voor wie graag in de afgrond van het onbewuste kijkt en zich laat bekoren door schijnbaar ondoorgrondelijke woorden zijn Lispectors teksten een zegen. Ze komen van ver onder de oppervlakte, reden waarom vrijwel alles in dit boek het verdient om herlezen te worden, zelfs of misschien vooral citaten als ‘Wij zijn degenen die niet vernielen en daardoor lijden. Wij, vermomde agenten met minder onthullende functies, herkennen elkaar soms’ en ‘Behalve doodgaan is er nooit iets verzonnen.’ Geweldig!

De ontdekking van de wereld
Clarice Lispector
Vertaling door: Harrie Lemmens
kronieken
Verschenen bij: De Arbeiderspers
ISBN: 9789029505758
456 pagina's
Prijs: € 24,99

Van heel andere orde en juist gebaseerd op logica is Ik, robot van Isaac Asimov. Dit boek uit 1950 is opnieuw uitgegeven in november van dit jaar door de Stichting CPNB (Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek) in het kader van Nederland Leest (een jaarlijkse actie om mensen aan te moedigen hetzelfde boek te lezen erover te discussiëren), en door de openbare bibliotheken gratis verstrekt.

Ik, robot (in de vertaling van Leo H. Zelders uit 1969) speelt in 2057 en bevat negen samenhangende verhalen. Daarin zijn de voor speciale taken gebouwde robots onderworpen aan de drie wetten der robotica: 1) Een robot mag een mens geen letsel toebrengen, noch laten overkomen. 2) Een robot moet door mensen gegeven orders uitvoeren, behalve als die orders in strijd zijn met de eerste wet. 3) Een robot moet zichzelf beschermen, zolang of voor zover dat niet in strijd is met de eerste en tweede wet.

De robot in het eerste verhaal kan nog niet praten, die in het laatste gedraagt zich voor honderd procent als een mens. Hij is de hoofdcoördinator van de wereld die dan is onderverdeeld in vier sferen. Ze worden bestuurd door Machines waarin alle menselijke zwakheden en de mogelijkheid om die onschadelijk te maken zijn mee geprogrammeerd. Enkele mensen hebben een genootschap tegen robots opgericht omdat ze bang zijn dat de mensheid zelf niets meer te zeggen heeft. Maar, laat Asimov de hoofdcoördinator zeggen: ‘Het [mensdom] had daar toch niets over te zeggen, werkelijk niet. Het was altijd al overgeleverd aan economische en sociologische krachten die het niet begreep: aan de grillen van het klimaat en aan de wispelturigheden van de oorlog. De Machines begrijpen dit alles nu en niemand kan ze tegenhouden omdat zij zich ermee bezig zullen houden, zoals ze zich met de maatschappij bezighouden en daarvoor het machtigste van alle wapenen tot hun beschikking hebben: absolute beheersing van onze economie. […] Denk je eens is dat voor altijd alle conflicten eindelijk vermeden kunnen worden. Van nu af aan zijn het alleen de Machines die onvermijdelijk zijn!

Isaac Asimov (1920-1992) was biochemicus en later full time schrijver van populairwetenschappelijke boeken en sciencefiction, waarvoor hij flink gelauwerd werd. Met humor, fantasie en een groot voorstellingsvermogen laat hij zijn verhalen draaien om de logica van de aan de drie wetten gehoorzamende robots. Zij gaan steeds minder primitief denken en winnen het uiteindelijk ook op ethisch gebied van de mens. Al een halve eeuw oud zijn de actualiteit en idealen in dit boek nog steeds dezelfde.

Ik, robot
Isaac Asimov
Vertaling door: Leo H. Zelders
Verschenen bij: Het Spectrum
ISBN: 9789031502004
192 pagina's
Prijs: € 17,95

1 reactie





 

Recent

24 september 2018

Individuen in de branding van de geschiedenis

Over 'De wintertuin' van Jan Konst
21 september 2018

Schrijven met de veer van de arend

Over 'De onzorgvuldig geketende Prometheus' van André Gide
20 september 2018

Alleen of samen, in- of exclusief?

Over 'Vrouwen en macht' van Mary Beard
19 september 2018

Omdenken in optima forma

Over 'De olifant van de bovenbuurman' van Rijswijk, van, Roos