14 juli 2017

Beest – Paul Kingsnorth

Het barre landschap van de menselijke geest

Recensie door Daan Pieters

Paul Kingsnorth situeert zijn jongste roman Beest op het Engelse platteland, meer bepaald in de moors, de woeste heide. Verwacht echter geen tutterig theekransje met scones, want er staat rauw natuurgeweld op het menu. De hoofdpersoon, van wie we pas na ruim veertig bladzijden te weten komen dat hij Edward Buckmaster heet (‘Ik heet Edward ik heet Edward Buckmaster er zijn cirkels om me heen ik ben een steen die in een vijver valt’), is een mysterieuze kluizenaar die zich heeft teruggetrokken in een vervallen boerderij.

Het boek is een weerslag van zijn innerlijke monoloog. De man drukt zich mysterieus en fragmentarisch uit, bij momenten is zijn gedachtestroom haast onbegrijpelijk, zoals in dit fragment: ‘alles verandert in iets anders schubben worden staarten veren worden haren benen worden vinnen bladeren worden stenen waarom weglopen voor de verandering die de dood met zich meebrengt.’ De lezer krijgt dan ook geen rechtlijnig verhaal voorgeschoteld en moet zich op sleeptouw laten nemen door Buckmasters associatieve, en bij momenten zelfs dissociatieve, van de hak op de tak springende hersenspinsels.

Op het eerste gezicht is dat normaal, want gedachten zijn niet lineair en logisch: ze gaan nooit in een rechte lijn van A naar B. Toch is er duidelijk iets niet in de haak. In het begin drukt Buckmaster zich nog redelijk grammaticaal uit en zit er nog een beetje orde in zijn gedachten, maar naar het einde van het boek toe wordt de chaos compleet. Zinnen worden abrupt afgebroken en hoofdletters en interpunctie verdwijnen, als om duidelijk te maken dat hij steeds meer het noorden kwijt is. De indruk dat deze man niet alleen ernstig in de war is, maar werkelijk geestesziek zou kunnen zijn, wordt nog versterkt door zijn obsessieve zoektocht naar een mysterieus wezen dat over de moors dwaalt. Zijn paranoïde gedachten worden altijd maar heviger, misschien maakt hij wel een psychose door (‘De bomen de heggen de kevers de dingen die in de grond leefden ze keerden zich tegen me sisten me toe wilden me verdrijven wilden me weg hebben’).

Beest is het tweede deel van een trilogie waarin Paul Kingsnorth de landschappen van Engeland wil ‘laten spreken’. Uit een aantal details valt op te maken dat het zich afspeelt in het hedendaagse Engeland, maar dat blijkt overigens amper uit Buckmasters leefwereld of taal, die in The Guardian een voor moderne ogen en oren herschapen interpretatie van Oud-Engels werd genoemd. Het gevecht van de mens met de vijandige, gevaarlijke natuur levert plastische beschrijvingen van natuurgeweld op (‘De regen lijkt horizontaal, hij komt aanstormen vanuit het westen alsof hij ergens op de Atlantische Oceaan is geland’). Maar de hevigste strijd wordt duidelijk in Buckmasters hoofd geleverd: ‘Op die ochtend was de moor een vijand. Hij hield me in de gaten ongeacht of ik buiten op het erf stond of dat ik me schuilhield in mijn kamer met de deur dicht.’ De lezer daalt af in de krochten van Buckmasters aftakelende brein en volgt het pad dat begint met een zeker afkeer van de samenleving – zo wordt duidelijk dat hij vrouw en kind heeft achtergelaten – naar de waanzin. De tocht door de wildernis heeft bij momenten iets van een Apocalypse Now op de Engelse heide.

De leesbaarheid van dit boek wordt trouwens sterk bevorderd door de soepele vertaling van Nicolette Hoekmeijer, die een natuurlijk ritme en timbre heeft kunnen handhaven, wat tegenwoordig helaas niet altijd vanzelfsprekend het geval is met vertalingen uit het Engels. De hypnotiserende sfeer en cadans komen goed over in de Nederlandse versie: ‘het gelige water doordrenkt me de zurige stand van het veen is als een wolk om mijn gedachten ik ben te zwak om mezelf eruit te trekken zak weg in de drek wordt gemummificeerd en over vijfduizend jaar word ik opgegraven door wetenschappers die naam maken met het mysterie dat ik vertegenwoordig.’ Wie nogal angstig is aangelegd en deze zomer wil gaan wandelen in de moors, kan misschien maar beter wachten met dit boek tot na de vakantie.

 

 

Beest
Paul Kingsnorth
Vertaling door: Nicolette Hoekmeijer
Verschenen bij: Ambo/Anthos Uitgevers
ISBN: 9789026337758
176 pagina's
Prijs: € 19,99

Meer van Daan Pieters:

18 oktober 2017

‘Een luchtig sprookje’

Over 'Waterscheerling' van Rascha Peper
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt
3 oktober 2017

‘De korst van het denken lospeuteren’

Over 'De peer en ander proza' van Konrad Bayer

Recent

23 oktober 2017

Zingende gedichten onovertroffen in hun beeldspraak

Over 'Nacht & navel' van Yannick Dangre
20 oktober 2017

Soepel en licht vallende poëzie

Over 'Wax Hollandais' van Abdelkader Benali
17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit
16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong

Verwant

14 juli 2017

Er wordt gezwendeld, coke gesnoven, veel gedronken en gepraat

Over 'Glovers vergissing' van Paul Kingsnorth