9 mei 2020

Fotosynthese 14 – Campo santo

Fotosynthese door Hans Muiderman

klik op de foto om de achtergrond te zien

Ik fotografeer graag deuren. Deze maakte ik niet omdat de Romaanse voorname sfeer me aansprak, maar vanwege de bordjes ‘verboden te parkeren’ en met name die op de smalle deur. Alsof de bewoner van dit pand twijfelde of hij met één verbodsbord wel duidelijk genoeg was. Beneden in het dal passeerde ik het bruggetje over een beek, daarna een wandeling op een vriendelijke kronkelweg en dan steil omhoog naar Vezelay. In de berm af en toe een aanduiding van een pelgrimsroute.

Dit huis staat in het hoogste gedeelte van Vezelay, en op het bord links lezen we dat hier Adolphe Guillon gewoond heeft, ‘Le peintre de Vezelay’. Het chique bord met goudkleurige letters laat zien dat Guillon (1829-1895) geen gewone jongen was met alleen alpinopetje en een tekenblok. Hij is in dit huis gestorven, hij vond zijn dood bovenop de berg waarvan hij dagelijks het uitzicht schilderde. Hij had ook een atelier in Parijs, maakte vooral landschappen en zijn werk is voor een bescheiden prijs nu nog te koop op veilingen.

Op zo’n veiling vind ik een klein schilderij met Napoleon. Guillon heeft hem geschilderd op een schip terwijl hij zijn steek afneemt, want hij staat pal in de wind. De lijnen zijn onzeker, wellicht een kopie van een bestaand werk. Misschien had de schilder wat met vechtersbazen, ooit begonnen de kruistochten hier in Vezelay met Richard I de Engelse koning voorop. Hij was bepaald geen doetje, vandaar zijn bijnaam Leeuwenhart. Maar ook de meer ingetogen pelgrimsgasten kwamen en komen hier, de abdijkerk vlakbij dit huis is de laatste verzamelplaats richting Santiago de Compostella. De eigenaar, of bouwer, van dit huis gaf ook deze plek iets heiligs mee. Il Campo Santo lezen we rechts op de pilaar.

Campo Santo, de titel van een boek van de te vroeg gestorven W.G. Sebald. Hij stierf in december 2001 bij een verkeersongeluk, in het jaar dat zijn meesterwerk Austerlitz verschenen was. Campo Santo (2003) is een bundeling van prozastukken en essays, gedeeltelijk onaf en na zijn dood uitgegeven.
De geschiedenis van Europa, de oorlog is altijd aanwezig in zijn werk. Je móet je herinneren lijkt hij te zeggen, als schrijver ben je tot herinneren verplicht. Om dit te benadrukken voegde hij vaak foto’s toe aan zijn werk. In Austerlitz zien we er tientallen, zwart-wit, soms onscherp. Oude foto’s die verwijzen naar plekken, gebouwen en personen uit het verleden. De geschiedenis van de werkelijkheid in een fictief verhaal.

Kafka hield niet zo van foto’s, schrijft Sebald. Het leven in foto’s afbeelden vond hij ‘een beetje eng’. De fotograaf Thieberger herinnerde zich dat hij, met een logge kist voor fotografische vergrotingen onder zijn arm, Kafka op straat tegenkwam. ‘Fotografeert u?’ had Kafka hem verbaasd gevraagd en hij had eraan toegevoegd: ‘Dat is toch eigenlijk iets griezeligs.’ En na een korte pauze zei hij: ‘En u vergroot het nog ook!’

Op de omslag van Campo Santo een uitzicht op een haventje in Corsica waar Sebald veel wandelde. Ik herinner me dat ik terug wandel vanaf het huis in Vezelay weer naar beneden langs het pelgrimspad, passeer het bruggetje over de beek, draai me om en bekijk de heuvel op zoek naar de plek waar ik daarnet stond. In het titelverhaal heeft Sebald het moeilijker bij het afdalen van de heuvel bij het dorp Piana.
‘…over dicht met groen kreupelhout begroeide, langs bijna loodrecht afgebroken rotsen daal ik af naar de bodem van een honderden meters diepe kloof.’ Toe maar, dan was mijn heuvel een makkie. En Sebalds wandeling eindigt bij een beek waarin het water ‘met spreekwoordelijk gemurmel dat mij uit een of ander grijs verleden vertrouwd is, omlaagstroomde…’

Ook hij bezocht begraafplaatsen.
Waarom bezoekt een mens onderweg, in een oord dat hij nauwelijks kent, een begraafplaats? Achter mij, in de kast van mijn werkkamer, staan zo’n veertig notitieboekjes die ik vol schreef tijdens mijn reizen. Ik weet zeker dat ik tientallen namen van doden heb genoteerd. Ik sla een boekje open en de hele familie Lont komt langs: Jan, Maartje, Corneel en Sietske, de oudste Lont geboren in 1814. Een paar pagina’s verder: Dr. Herman Scheier (1840-1917), in een ouder boekje vind ik Michaela Ott (1995-2003), ik herinner me een foto van haar die op het graf stond in Denemarken. Ze had een speldje in het haar dat een springende krul veroorzaakt.  Gek dat je dat onthoudt.

Vreemd dat ik vaak ronddwaal op een kerkhof, tussen graven die op kleine bunkers lijken afgewisseld met bescheiden stenen in een standaardmaat en daarop een sepia-kleurige foto waarvan je niet weet of het portret altijd al deze tint had of dat het verkleurd is door de tijd.
Ik noteer namen die alleen maar naam zijn, iets absoluuts hebben. Volmaakt zijn, in letterlijke zin, die een vage herinnering opwekken aan een tijd van ver voor de mijne. Dat gevoel van eeuwigheid is tegenovergesteld aan de tijdelijkheid van de naambordjes op het appartementengebouw waar ik woon.

Namen die zelden verdwijnen omdat iemand gestorven is, maar gewoon vanwege een verhuizing, meestal weet je niet waar naartoe. En de lege plek wordt vervangen door een nieuwe naam. Het enige dat de sfeer van het verleden oproept zijn de twee groen uitgeslagen schroefjes die al een leven lang in en uit de naambordjes gedraaid worden.

 

 


Foto: Hans Muiderman

Fotosynthese is een door Rudy Kousbroek geïnitieerd genre waarbij beeld en tekst een verbinding aangaan. Deze rubriek wordt verzorgd door verschillende medewerkers van Literair Nederland.

 

Recent

25 november 2020

De wereld op zijn kop

Literair Nederland - 10 jaar geleden

08 december 2010

De goede terrorist bestaat
Recensie door Albert Hogeweij

De meeste mensen zullen Albert Camus nog van de middelbare school kennen. Van de roman De pest of De vreemdeling, die in 1942 verscheen, en uiting gaf aan de weerzin om altijd maar in de pas te moeten lopen met de heersende normen en waarden.

Lees meer