23 december 2020

Fotosynthese 19 – De generaal

Door

(klik op de foto om de achtergrond te zien)


Ter voorbereiding op een bezoek aan het Kröller-Müller Museum zocht ik naar informatie op de website van het museum. Daar vond ik een foto van een standbeeld van Christiaan de Wet, een generaal uit de Boerenoorlog eind 19e eeuw. Het beeld staat midden op het stuiflandschap van de Hoge Veluwe, vanaf het fietspad goed te zien. De streng kijkende generaal ziet als het ware uit over de eindeloze vlaktes van zijn land, Zuid-Afrika, de linkerhand op zijn hart en de rechterhand als strijdbare vuist gebald. De argeloze fietser stopt en loopt er naartoe om zich te laten vereeuwigen naast het standbeeld van de generaal. Hij zal zich verbazen over de afmetingen van het beeld. Qua lengte komt de bezoeker niet boven de sokkel uit. Ook de plaatsing in dit verstilde landschap lijkt bizar. Na de informatie op de plaquette te hebben gelezen, zet hij zijn fietstocht door het park voort, in zichzelf gekeerd, enigszins ontregeld en lichtelijk verbijsterd. Dit standbeeld roept vele vragen op. Niet alleen over de afmeting en plaatsing, maar vooral ook over het waarom van dit beeld. Zonder kennis van zaken roept het een gevoel van vervreemding op. Het heeft ook iets potsierlijks en werkt op mijn lachspieren zoals alle standbeelden van historische figuren en zeker van generaals. 

In mijn studententijd liet ik mij in Londen of Parijs wel eens fotograferen bij zo’n standbeeld, liefst in heldhaftige pose. Vrijwel niemand stoorde zich daaraan. Hoewel ook Berlijn en Praag in die tijd beschikten over een keur aan groteske standbeelden van vooral communistische kameraden, durfde ik daar zo’n fotosessie niet aan. Ik vermoedde  dat de mensen daar minder gevoel voor humor hadden en de autoriteiten bepaald geen scherts verstonden. Standbeelden passen goed in autoritair geregeerde landen. Ze zijn doorgaans absurd groot, hoog verheven boven de mensen. Vandaar dat er in Nederland, zeker in Amsterdam, zo weinig standbeelden van meer dan levensgroot formaat zijn. Het enige ruiterstandbeeld in de stad is dat van koningin Wilhelmina op het Rokin. Nou ja, dat zegt genoeg.

Het beeld van Christiaan de Wet is gemaakt in monumentale stijl door beeldhouwer Joseph Mendes da Costa in opdracht van Hélène Kröller-Müller. In 1921 werd het geplaatst op de heide. Je vraagt je af waarom. Vóór de Eerste Wereldoorlog bestond er in Nederland veel sympathie voor de Boeren in Zuid-Afrika en een grote antipathie tegen de Engelsen. De Boeren werden gezien als volksgenoten en afstammelingen van Jan van Riebeeck. Op school leerden kinderen liedjes als: ‘Bobbejaan klimt die berg……’, ‘Moriaantje zo zwart als roet…..’ en ‘Sarie Marijs’. Hun strijd tegen het verdorven Engeland werd breed uitgemeten in de kranten en de legendarische Boerenleider Paul Kruger kreeg in 1900 in Nederland een groots onthaal. Later werden hele stadswijken vernoemd naar Afrikaanse Boerenleiders. Ook de familie Kröller-Müller was in die tijd zeer begaan met het lot van de Boeren. Toen Christiaan de Wet naar Nederland kwam om fondsen voor de oorlog te werven, was Hélène Kröller-Müller zodanig onder de indruk van de man dat zij een standbeeld van hem liet maken als eerbetoon aan de strijd van de Boeren.

En daar staat hij dan, Christiaan de Wet, generaal in de Tweede Boerenoorlog, hoog op een zuil, zijn voeten geplant op een meer dan manshoge sokkel in de vorm van een geschutskoepel. Maar, ‘Hij lijkt helemaal niet!’, aldus de Afrikaners die hem gekend hebben. Dat was ook niet de bedoeling, Mendes da Costa wilde hem ‘in zijn diepste wezen weergeven’, als een personificatie van de onverzettelijke strijdlust van de Boeren, monumentaal dus. Een generaal wordt ‘De Generaal’. Het is een pastiche van het beroemde beeld van de held van de Britse erfvijand, admiraal Nelson op Trafalgar Square. In de nissen van de sokkel van de generaal staan, als in een geschutskoepel,  de verschillende leiders uit de Boerenoorlogen afgebeeld, waaronder Paul Kruger.

Nu zouden we het een ‘fout’ beeld noemen. Het is militaristisch en bovendien van iemand die een voorvechter is geweest van een op racisme gebaseerde staat. Een standbeeld met een groot vraagteken, fascinerend. Het leert je veel over de geschiedenis van Nederland en bovendien, het staat daar prachtig in dat landschap. Het absurdistische beeld werkt ontregelend en contrasteert met het troosteloze landschap. Daardoor krijgt het  een haast Bijbelse uitstraling van roepende in de woestijn. Zoals Nelson op Trafalgar Square wordt omgeven door eindeloze mensenmassa’s en een niet aflatende verkeersstroom, wordt Christiaan de Wet omringd door een stil zandlandschap. De overeenkomst is dat ze niet gezien worden door de gewone mensen. Daarvoor staan zij te hoog verheven. Misschien doet al die informatie over de achtergrond van dat beeld er niet toe. De eenzaam voorbij fietsende passant beleeft waarschijnlijk een moment van grootse schoonheid. De vraagtekens die het oproept behoeven niet altijd beantwoord te worden. De fietser gaat verder, en geniet van de natuur, met dat vraagteken dat verder sluimert in het onderbewustzijn.

 

 


Fotosynthese is een door Rudy Kousbroek geïnitieerd genre waarbij beeld en tekst een verbinding aangaan

 

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

07 december 2011

Religie in de literatuur - Zomer- en Herfstnummer Liter

Recensie door: Ingrid van der Graaf

De redactie van Liter heeft deze zomer een nieuwe rubriek geïntroduceerd, Religies van het boek. Schrijver, essayist en criticus Liesbeth Eugelink gaat in gesprek met een schrijver over religie aan de hand van citaten uit de werken van de betreffende schrijver. In Liter nr. 62 (zomernummer) praat Eugelink met Marcel Möring, die op zijn zevende de Donald Duck verruilde voor het, van zijn vader gekregen, Oude Testament.

Lees meer