22 januari 2013

Forel Vissen in Amerika – Richard Brautigan

Verse forel als fris van de lever

Recensie door Albert Hogeweij

Als de forel in het hedendaagse Amerika net zo sprankelend oogt als de zinnen in het onlangs heruitgegeven Forel Vissen in Amerika uit 1967 is er voor de vis weinig reden tot klagen. De  Amerikaanse schrijver Richard Brautigan (1935–1984) behaalde er een cultstatus mee. Het was zijn tweede boek, na het debuut A Confederate General From Big Sur, ofschoon Forel Vissen eerder was geschreven. Het boek is opgebouwd uit 47 korte hoofdstukjes die onderling weinig samenhang vertonen, al zwemt in de meeste de forel wel minstens in een zin voorbij. Bestemde en minder bestemde jeugdherinneringen uit het noordwesten van Amerika wisselen af met beschrijvingen van een met vrouw en baby ondernomen kampeertrektocht door de States in de zomer van 1961, en tussendoor schuiven anekdotes uit zijn volwassen leven in San Francisco langs. Het boek volgt niet een bepaald verhaal, maar het verhaal volgt de grillige humor en poëtische verbeeldingskracht van de auteur. En die uit zich in lenig, frivool en helder taalgebruik. Na zoveel jaren ademt dit forellenboek nog steeds fris met zinnen als: ‘De oude vrouw woonde alleen in een huis dat haar tweelingzus had kunnen zijn.’ Of: ‘De middagzon gaf alles voortdurend een ander aanzien terwijl hij langs de hemel schoof, en de FBI-agenten veranderden met de zon mee. Dat schijnt een onderdeel van hun opleiding te zijn.’ Elders wordt de witte dofheid van de straten van een zeker stadje beschreven als had er ‘een frontale botsing […] plaatsgevonden tussen een begraafplaats en een vrachtwagen met zakken meel.’

‘Forel Vissen in Amerika’ is meer dan alleen een boektitel. ‘Het’ is ook een personage, evenals de handeling van het vissen zelf, maar ook een hotel dat in het boek opduikt. Een zin als: ‘Na zijn afstuderen ging hij naar Parijs en werd existentialist. Hij heeft nog een foto waarop hij samen met het Existentialisme op een terrasje zit.’ mag daarom voor een typische Brautiganzin doorgaan. Het boek wil zeker geen ode zijn aan het ongerepte Amerikaanse landschap waar de rivieren doorschoten zijn van de gewilligste vissen. Daarvoor komt er, naast inderdaad prachtige natuurevocaties, ook genoeg vuiligheid in voor. Brautigans eigen jeugd was gedrenkt in armoede als bijproduct van verwaarlozing door zijn moeder en de alcoholverslaving van zijn stiefvader. Zijn biologische vader heeft hij nooit als zodanig mogen kennen en zijn moeder leek meer gericht op het werven van de volgende man in haar leven dan op de zorg voor haar kinderen. Huiselijk geweld en armoede werden vaste patronen in zijn jeugd. Niettemin groeide de auteur wel op tot een man van 1 meter 93. In zijn puberteit belandde hij in een inrichting, nadat hij een steen door de ruit van een politiebureau had gegooid en in het kielzog daarvan bij hem schizofrenie en depressie werden gediagnosticeerd. Eenmaal daaruit ontslagen, ging hij al spoedig zijn eigen weg. En die voerde hem naar San Francisco, waar hij met uitzondering van de periode waarin hij in Tokyo en Montana woonde, de rest van zijn leven verbleef. Hij huwde jong met een vrouw bij wie hij een dochter verwekte. Deze vrouw en dochter figureren ook in Forel Vissen in Amerika. Maar zelf geen product van een harmonisch gezin, wist Brautigan zulks ook niet voor zichzelf en zijn huisgenoten te verwezenlijken. Hij scheidde dan ook tamelijk rap van zijn eerste vrouw. Daarna kwamen er andere vrouwen in zijn leven, maar met geen kwam hij tot een bestendige relatie. Intussen was de aandacht voor zijn werk danig ingezakt. Met name omdat hem het etiket ‘hippieschrijver’ was opgeplakt en toen eenmaal de tijd van de hippies achter de rug was, achtte men zijn werk opeens van minder belang. Treurig, temeer daar Brautigan veel meer is dan een exponent van de hippies. Succes kende de schrijver wel, maar van het soort: kort maar hevig. Forel Vissen in Amerika ging wereldwijd 4 miljoen maal over de toonbank. Niemand minder dan de Japanse successchrijver Huraki Murakami verklaarde zich schatplichtig aan Richard Brautigan. Spijtig dat de schrijver die in zijn werk zo makkelijk de taal en daarmee de werkelijkheid naar zijn hand kon zetten, voor zichzelf op gegeven moment geen andere uitweg zag dan de loop van het eigen geweer. Niettemin bevat dit boek geen pagina waar het schrijfplezier niet van afspat. De speelsheid begint al bij het begin. Het eerste hoofdstukje gaat over de foto die op het omslag van Forel Vissen in Amerika staat. Het is slechts de opmaat tot een boek waarin de vreemdste zinnen kunnen staan, maar niet van het soort dat de lezer buitenspel zet. Het hoofdstukje Een alternatief recept voor walnotenketchup begint zo: ‘Dit is een minikookboek voor Forel Vissen in Amerika, alsof Forel Vissen in Amerika een rijke gourmet was en Maria Callas zijn vriendin en alsof ze samen zaten te eten aan een marmeren tafel met prachtige kaarsen.’ Een Waldenvijver voor wijnliefhebbers kent deze ouverture: ‘De herfst bracht, als de roetsjbaan van een vleesetende plant, port met zich mee en de mensen die die zoete donkere wijn dronken, mensen die er nu allang niet meer zijn, behalve ik.’

Hoe wonderlijk de uitschieters van Brautigans stijl ook zijn, de verhaaltjes lijken allemaal vrij nonchalant geschreven. Het stukje De Boodschap zet bijna achteloos in: ‘Gisteravond dreef er iets blauws, de rook zelf, van een kampvuur het dal in en vermengde zich met het geluid van de paardenbel, zodat het blauwe iets en de bel niet meer van elkaar te scheiden waren, hoe hard je het ook probeerde.’ Dan volgt er een beschrijving waarin de doortocht van de auteur naar een goede stek om te vissen belemmerd wordt door een over de weg lopende schaapskudde. De herder ervan ‘zag eruit als een jonge, magere Adolf Hitler, maar dan aardig.’ Omdat de schrijver na de schaapskudde eindelijk gepasseerd te hebben, even zijn route verlaat om die later weer te hervatten, komt dezelfde schaapskudde in dit drie pagina’s tellende verhaaltje, nog eens voorbij. En steevast wordt de herder aangeduid als ‘Adolf Hitler, maar dan aardig’. Helemaal verlost van het geblaat en gebel van de kudde raken de auteur en zijn gevolg ondertussen niet, want uiteindelijk strijkt de kudde op gehoorafstand neer van de plaats waar de auteur zijn tent heeft opgezet. ‘De cirkel was rond en Adolf Hitler, maar dan aardig, was de diameter. Hij had daar beneden zijn kamp opgeslagen. En zo kwam het dat in de schemering de blauwe rook van ons kampvuur naar beneden dreef en zich vermengde met het geluid van de belmerrie. De schapen blaatten zichzelf in droomloze slaap en zegen stuk voor stuk neer, als de banieren van een capitulerend leger. Ik heb hier een zeer belangrijke boodschap die zojuist is binnengekomen. Hij luidt: Stalingrad’. Een terloops begin van een verhaal wordt ingehaald door een al even terloops einde en intussen passeert een ogenschijnlijk achteloos verteld verhaaltje. De metafoor, het taalgebruik neemt de handeling over en wordt werkelijker dan het verhaaltje zelf dat daarmee naar de achtergrond verdwijnt.

De zin met misschien wel de meeste power vinden we in de omschrijving van de joodse eigenaar van een boekenzaak waar de ik-figuur een erotisch avontuur zal wachten: ‘Hij leerde het leven kennen op zijn zestiende, eerst van Dostojewski en daarna van de hoeren in New Orleans.’ Hier en daar doemt in het boek een surrealistische tafereel op. Zo blijkt op de wonderlijke Cleveland sloopmarkt viswater per strekkende meter te worden verkocht. Soms zit de humor tegen het melige aan. Het op ene laatste hoofdstukje eindigt met de wens: ‘Ik heb altijd een boek willen schrijven dat eindigde met het woord ‘mayonaise’’. In het laatste hoofdstukje, ‘Het mayonaise-hoofdstuk’, dat slechts het afschrift van een kort maar ernstig briefje naar aanleiding van een sterfgeval bevat, gaat die wens op het nippertje in vervulling. Het briefje bevat namelijk een krankzinnig p.s: ‘Sorry dat ik het vergeten was van de mayonaise’ . Maar het meeste van wat Brautigan ons in dit boek voorschotelt, heeft nog weinig van zijn glans verloren. In het hoofdstukje Forel bezweken aan port beweert de schrijver dat de vakliteratuur over de forel niets vermeldt over dat zo’n vis ooit bezweken is aan een slok port. Ter staving van zijn bewering somt Brautigan zogenaamde boektitels op die die doodsoorzaak niet noemen. Uit zijn schrijversduim gezogen boektitels als Truth is stranger than fishin’, Till Fish Us Do Part, Old Flies in New Dresses passeren de revue. Een paginalange opsomming van de absurdste titels ver voordat cartoonist Gummbah er een nummertje van maakte! Het is te hopen dat het niet bij deze heruitgave van Forel vissen blijft. Brautigans talent, met name ook wat in zijn gedichten gestalte heeft gekregen, verdient na zoveel jaar een herkansing.

 

Forel vissen in Amerika

Auteur: Richard Brautigan
Vertaald door: Peter van Oers
Verschenen bij: Uitgeverij Van Gennep
Aantal pagina’s: 160
Prijs: € 14,95

 

 

 

 

Forel Vissen in Amerika
Richard Brautigan
ISBN: 9789461641687

Meer van Albert Hogeweij:

20 oktober 2017

Soepel en licht vallende poëzie

Over 'Wax Hollandais' van Abdelkader Benali
18 mei 2017

Poëzie gefascineerd door het zijn, het aanwezig zijn.

Over 'Gebogen planken' van Yves Bonnefoy

Recent

18 oktober 2017

‘Een luchtig sprookje’

Over 'Waterscheerling' van Rascha Peper
17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit
16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt

Verwant

22 januari 2013

Eenzame getuige in tweestrijd

Over 'Leven met de ster' van Richard Brautigan
22 januari 2013

Een staaltje van literaire journalistiek

Over 'Iedereen stapt wel eens af' van Richard Brautigan