26 juni 2015

Europa in sepia – Dubravka Ugrešić

De ‘heks’ uit Kroatië heeft ons veel te zeggen

Recensie door Adri Altink

In 1992 viel Joegoslavië uit elkaar in een landschap van onafhankelijke landen, die de jaren erna voortdurend bezig waren grenzen te trekken ten opzichte van elkaar en vooral te bewijzen dat ze een eigen staat waren met een eigen bestaansgrond. Het nationalisme vierde daarbij hoogtij. Eén van de staten was Kroatië, het land van de schrijfster Dubravka Ugrešić. Ook daar richtte het nationalisme zich op uitsluiting van anderen, ontkenning van het verleden in Joegoslavisch verband en verheerlijking van de nieuwe ‘eigenheid’. In tegenstelling tot het gros van de politici en intellectuelen wenste Ugrešić daar niet aan mee te doen. In haar ogen was het nieuwe Kroatië vergeven van de hypocrisie en geschiedvervalsing. Ze zei en schreef dat ook met als gevolg dat ze door haar landgenoten werd uitgekotst. Op de Universiteit van Zagreb, waar ze onderzoekster was, werd ze door collega’s genegeerd en in de pers werd ze (met enkele andere kritische vrouwen) uitgemaakt voor heks en ‘joegonostalgica’. Ugrešić verliet het land en vestigde zich eerst in Berlijn en later in Amsterdam.

Vóór het uiteenvallen van Joegoslavië was Ugrešić een schrijfster en onderzoekster die nauwelijks aandacht had voor politiek. Na 1992 is die echter prominent aanwezig in haar boeken. Zo ook in het onlangs verschenen Europa in sepia, een verzameling essays die ze schreef in de periode 2010 tot 2013. De bundel bestaat uit tal van kortere stukken die samenhangend zijn gegroepeerd in vier delen. Vooral in het laatste daarvan, ‘Een bedreigde soort’, meet Ugrešić haar verhouding tot de gebeurtenissen in het begin van de jaren 90 breed uit. Het is het meest persoonlijke en felle deel. Persoonlijk is Ugrešić overigens in alles wat ze schrijft omdat het voortdurend waarnemingen in haar eigen kleine kring zijn die aanzetten tot diepere beschouwingen over ontwikkelingen in de maatschappij; Een ontmoeting met iemand in een winkel, een krantenberichtje, een opmerking van haar dochter, een bezoek aan een winkel, een YouTubefilmpje: alles kan aanleiding vormen tot een scherpe analyse van onze tijd.

In dat laatste stuk, ‘Een bedreigde soort’, komt bij die persoonlijke ervaring ook nog eens een flinke dosis gif, die degenen die haar al langer volgen ook kennen uit eerdere boeken als Nationaliteit: geen en Cultuur van leugens. Ze herhaalt zich dan ook nogal eens, maar ze doet dat niet omdat de emmer nog altijd niet leeggegoten is. Nee, ze scherpt voortdurend aan en probeert nog dieper tot de kern door te dringen. Ze beschrijft bijvoorbeeld hoe ze in 2012 door krantenknipsels uit de jaren 90 bladert alsof het een onverschillige verzameling papier is die niets meer met haar te maken heeft, maar ‘dan valt mijn oog op de datering van die stukken, ja vooral op de datering, en wat ik destijds aanzag voor een spontane uitbarsting van krantenroddels over mijn persoon, wordt nu steeds meer een samenhangend verhaal. Het is alsof ik mijn hoofd tegen een muur stoot als ik me bewust word van een keiharde paradox: hoe meer samenhang het verhaal krijgt, hoe moeilijker het wordt om er iets tegenin te brengen.’ Die nieuwe schok vormt de aanleiding om te analyseren hoe geraffineerd campagnes om iemand buitenspel te zetten eigenlijk in elkaar zaten en hoe zinloos het is te proberen daartegen ten strijde te trekken.

De status van Ugrešić in Kroatische ogen druppelt ook in de andere essays door. Dat begint al in het eerste deel dat dezelfde titel draagt als de bundel, ‘Europa in sepia’. Daarin legt ze uit wat precies met ‘joegonostalgia’ wordt bedoeld en hoe het mede haar kijk op de westerse wereld heeft gekleurd, zoals je naar oude foto’s in sepia kijkt. Als het over integratie gaat bijvoorbeeld of over de omgang van Nederland met Polen die hier komen werken, krijgt haar blik die kleur van de geschiedenis. Treffend beeld van hoe het met ons is gesteld, is een ervaring die ze opdoet in de hortus botanicus in Dublin waar 17.000 plantensoorten uit de wereld bijeen zijn gebracht. Bij sommige van die planten staan bordjes met de vraag ‘Why is it a problem in Ireland?’ Ze staan bij planten die een bedreiging vormen voor de inheemse Ierse vegetatie en die beter uit het land verbannen zouden kunnen worden. Met een schok lees je vervolgens de parallel die ze trekt met de omgang van West-Europese landen met immigranten: ‘Ja, Europa is net zo ingericht als de hortus botanicus van Dublin, iedereen draagt om zijn hals een bordje waarop al zijn gegevens staan: waar hij vandaan komt, hoe invasief hij is en in hoeverre hij voor de inheemse soorten een bedreiging vormt’.

Terloops bewijst Ugrešić in dit essay overigens de Nederlandse literatuur eer als ze schrijft: ‘Nostalgie is als een onvoorspelbaar dier dat ons belaagt wanneer het wil, dat ons zonder onaangekondigd en zonder duidelijke reden besluipt en op een verkeerd moment en op een verkeerde plek vanuit een hinderlaag toeslaat’. Zou ze hier bewust Cees Nootebooms Rituelen (‘Herinnering is als een hond die gaat liggen waar hij wil’) parafraseren? Hoogstwaarschijnlijk wel. Ze las hem in elk geval, want in Ministerie van pijn uit 2005 gaf ze enkele stukken al motto’s van Nooteboom mee.

Het omvangrijkste deel van de bundel, het derde, is getiteld ‘De karaokecultuur’. Het is eigenlijk één essay in tien paragrafen, waarin de auteur een belangrijke ontwikkeling in de westerse cultuur van het laatste decennium signaleert. De meesten zullen bij karaoke denken aan de uit Japan overgekomen leukigheid om met een orkestband op de achtergrond en met de tekst op een autocue, een eigenwijze versie ten gehore te brengen van het origineel. Maar dat verschijnsel is voor Ugrešić veel breder: ‘Karaoke vertegenwoordigt niet alleen de democratische gedachte dat iedereen kan wat hij wil, maar is ook, en vooral, een bewijs van de democratische realiteit dat iedereen wil wat hij al kan.’ We apen alleen nog na en creativiteit buiten gebaande paden krijgt nauwelijks nog een kans, bedoelt zij. We leven in een ‘cultuur van het narcisme’ en van voldoen aan wat scoort. Daarom verschijnen er zoveel boeken met op het omslag kreten die verwijzen naar bestsellers van anderen, waarmee in feite wordt gezegd dat we met de zoveelste epigoon te maken hebben. En: ‘De media – kranten, televisie, de uitgeversindustrie en internet – bestaan bij de gratie van volkse en populaire popsterren en de populaire popsterren bestaan bij de gratie van de media, en zo scheppen ze samen een populaire cultuur die ze ook gezamenlijk beheersen.’
Het is heel herkenbaar, maar tegelijk kun je je afvragen of het boekenaanbod inderdaad zo rampzalig is. Er duiken steeds weer schrijvers op die juist wel nieuwe vergezichten weten te openen. Ugrešić’ conclusie is er dan wel weer één om over na te denken: ‘Wat alle vormen van karaokecultuur met elkaar gemeen hebben is de narcistische, exhibitionistische en neurotische behoefte die eruit spreekt om als hulpeloos individu een teken van jezelf op deze onverschillige aarde achter te laten, en het maakt niet uit waarmee of hoe: in de schors van een boom, op je eigen lichaam, op internet, met een foto, met een daad van vandalisme, een moord of een kunstwerk. Aan deze cultuur ligt echter een serieus motief ten grondslag: de angst voor de dood.’

Laat trouwens door het bovenstaande niet de indruk ontstaan dat Ugrešić louter sombert. Haar stukken zijn hier en daar juist erg humoristisch, bijvoorbeeld als ze schrijft over haar bezoek aan IKEA of over haar opstand tegen de minibar op hotelkamers.

Europa in sepia

Auteur: Dubravka Ugrešić
Vertaald door: Roel Schuyt
Verschenen bij: Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar (2015)
Aantal pagina’s: 376
Prijs: € 24,95

Europa in sepia
Dubravka Ugrešić
ISBN: 9789038800417

Meer van Adri Altink:

9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník
25 juli 2017

Een Limburgse Rémi

Over 'De dagen' van Frans Budé
19 juni 2017

Stinkende lijven en slapeloze nachten

Over 'Tien dagen die de wereld deden wankelen' van John Reed

Recent

22 augustus 2017

Variabele verhalen in prettige stijl geschreven

Over 'Astronaut' van Pieter Kranenborg
17 augustus 2017

Vergeefse strijd heeft een mooie bundel opgeleverd

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
16 augustus 2017

Ideale bestaansvorm

Verwant

26 juni 2015

Oogst week 40

26 juni 2015

Aanvaarden dat het leven niet maakbaar is

Over 'Filosoferen is makkelijker als je denkt. Leren denken zonder dogma’s ' van Dubravka Ugrešić
26 juni 2015

Fictie en non-fictie lijken in elkaar over te lopen

Over 'De halfbroer' van Dubravka Ugrešić