Enige betekenis

Als ik over rellen, plunderen en vernielen hoor denk ik sukkels, idioten. ’s Nacht zet ik me in een gemakkelijke stoel in mijn kamertje, lees Rachel Cusk alsof dat het enige is dat telt. Als kind ben ik wel eens tegen geldende regels in gegaan. Op de leeftijd waarop je nog denkt dat niemand je ziet, stopte ik in een winkel een zakje snoep in mijn jaszak. Ik weet nog hoe het knisperde, voelde me een houtenklaas, weet niet meer hoe ik buiten ben uitgekomen. Ik nam wel eens een schriftje weg bij de Hema. Eén keer een boek in een antiquariaat op een grijze januaridag. Januaridagen zijn sowieso dagen die het best zo snel mogelijk voorbij gaan. Er was niemand die me tegenhield, ik stak het onder mijn jas, eenmaal daar kon het niet meer terug. Er is nooit een weg terug. Vraag me niet wat me bezielde. Toegegeven, ik was in een bepaalde stemming, had teveel Strindberg en Büch gelezen, ik was beïnvloedbaar. 

Ik heb ook wel eens het fietsen van anderen gesaboteerd. Het losdraaien van een strak aangeschroefd ventielmoertje van de fiets van de overbuurman, dat gaf een bepaald gevoel van macht. Daarna volgde een gevoel van ontheemding, kon er niet van slapen. In een interview zei Rachel Cusk dat in haar schrijven alles eindigt met de thuiskomst. Als je een geliefde verliest door dood of scheiding, ben je iets kwijt. Ze zei, ‘mij interesseert het Griekse idee dat het lijden eervol is. Dat je iets wint. De waarheid. Wat dat ook is.’ In die zachte stoel in de hoek van mijn kamertje, lees ik het laatste deel van haar scheidingstrilogie, Kudos. Over haar alter ego Faye die in het eerste deel van de trilogie gescheiden is, in het laatste hertrouwd. Ze omringt zich met verhalen van anderen, mensen die even met haar mee oplopen. Zoals de jongeman die op het literair festival schrijvers begeleidt haar vertelt dat het Griekse woord Kudos, ‘eerbewijzen’ betekent. 

Een medepassagier in een vliegtuig vertelt over zijn dochter, als kind overgevoelig voor clichés. Wanneer er gasten waren, rende ze gillend het huis door. Ze speelde als kind hobo. Hij kon het niet aanhoren, vond het aanstellerig klinken. Tot hij haar bij een optreden op het podium ziet, perfect in balans. Hij begint te huilen, niet om haar spel, maar omdat hij nooit in haar geloofd heeft. Er is de eens gelukkige vrouw die haar vertelt dat haar leven in puin ligt, omdat ze moeilijkheden ontliep. ‘Als kind zag ik dat mijn zus, twee jaar ouder dan ik, altijd de ergste klappen opving, terwijl ik alles aankeek vanaf de veilige schoot van mijn moeder, en elke keer dat zij in de fout ging of iets verkeerds deed nam ik me voor het anders te doen als het mijn beurt was.’
Ik lees Rachel Cusk alsof ik er enige betekenis in kan vinden over deze tijd. Zo die er is, is een ‘veilige schoot’ wel iets voor oproerkraaiers, thuis een gelegenheid tot beschouwen.
Oja, dat boek, dat was Slechte mensen, van Biesheuvel.

 

 

Kudos / Rachel Cusk / 200 blz. / De Bezige Bij (2018) / vertaling Marijke Versluys


Inge Meijer is een pseudoniem, zoekt antwoorden in een goed verhaal, wast haar mondkapjes.

Meer van Inge Meijer: