Dave Goulson – Een verhaal met een angel

Over hommels, hommels en nog eens hommels

Bijen – de hommel is een grote en harige variant daarvan – vormen de grootste familie van de zogenaamde vliesvleugelige insecten. Dave Goulson is een Britse hoogleraar in de biologie en hij is gespecialiseerd in de hommel. Hij is de auteur van Een verhaal met een angel, dat als een veel omvattende monografie van de hommel kan worden beschouwd.

Goulson begint zijn relaas met een waarneming van Nieuw-Zeelandse boeren, die er in de jaren 70 van de 19e eeuw achter kwamen, dat de rode klaver, die ze als voer voor hun paarden en runderen uit Engeland hadden geïmporteerd, maar weinig zaad voortbracht. Ze zagen zich dus genoodzaakt het uit Europa te importeren. Een advocaat, die in 1869 naar Nieuw-Zeeland was geëmigreerd, was behalve jurist een enthousiast insectkundige. Hij ontdekte het probleem: het betrof een gebrek aan hommels die de klaver in Groot-Brittannië met stuifmeel bevruchtten. En hierdoor vindt, zoals bekend, in de plantenwereld de voortplanting plaats. Na een aantal mislukte pogingen kwam het in 1885 tot een succesvolle ‘immigratie’ van hommelkoninginnen, die nesten bouwden en nakomelingen voortbrachten. Ze doen het tot op de huidige dag zeer goed in Nieuw-Zeeland. Mogelijk heeft daarbij in hun voordeel meegespeeld dat ze op hun lange reis veel ziekten en parasieten achterlieten waardoor ze in Europa werden geteisterd. De hommels deden het – toen al enigszins maar later zeker – minder goed in Groot-Brittannië en dat kwam door de mechanisering van de landbouw. Voorheen waren de akkers meestal klein en waren de boeren afhankelijk van paardenkracht. Paarden eten graag klaver dus teelden de boeren klaver. Bijen zijn ook dol op klaver zodat de bevruchting met stuifmeel vlot kon verlopen. Maar ja, de paarden werden vervangen door tractoren, klaver was nu veel minder nodig en datzelfde gold ook voor de hommels. En die teloorgang deed zich in Groot-Brittannië sterker voor dan in Nieuw-Zeeland. Daar kwam nog eens bij, dat de geallieerden gedurende de Tweede Wereldoorlog ontdekten dat de chemische substantie, bekend geworden onder de afkorting DDT, de muggen kon verdelgen die malaria en tyfus verspreidden onder de troepen in Azië. Het duurde daarna nog zo’n 20 jaar voordat doordrong dat DDT moeilijk afbreekbaar was en ook veel insecten, waaronder bijen doodde. Al met al leidde dat er toe, dat de in het Verenigd Koninkrijk meest voorkomende soort de zgn. donkere tuinhommel uitstierf door verdwijning van zijn leefgebieden. Hij moet simpelweg voldoende bloemen hebben om zich te kunnen voeden. Zoals Goulson het stelde: ‘Nul bloemen staat gelijk aan nul bijen’.

Maar goed, andere hommelsoorten zoals de aardhommels en de boomhommel overleefden wél en over hen weet Goulson veel te vertellen. Zoals het feit, dat hommels geen eigen onderkomen bouwen maar nestelen in bestaande locaties, bijvoorbeeld onder vloeren, oude vogelnesten, mezenkastjes e.d.

De ‘bijenstaat’ van de hommels bestaat uit een volwaardig wijfje, de ‘koningin’ en een groot aantal onvruchtbare wijfjes de ‘werksters’. Een bijzondere eigenschap van deze bijenkoningin is, dat ze zowel onbevruchte eitjes kan leggen waaruit zonen voortkomen alsook bevruchte, waaruit dochters geboren worden. Uit de eitjes komen larven voort, de vrouwelijk larven ontwikkelen zich tot toekomstige koninginnen. Deze groeien veel sneller dan de larven die werksters gaan worden. De mannetjes blijven even klein als de werksters en hun is geen lang leven beschoren; zij overleven de winter niet. Hun enige taak in de nog resterende zomer is zoveel mogelijk te paren met koninginnen die vervolgens in winterslaap gaan. Degenen, die dat overleven komen bij de eerste zonnestralen weer naar boven om een nieuw hommeljaar te beginnen.

Aangenomen moet worden, dat bijen ongeveer 130 miljoen jaren voor het eerst zijn ontstaan en dat zo’n 65 miljoen jaar geleden de aarde een rampzalige verandering onderging. En wel, doordat er een reusachtige meteoor insloeg ongeveer op de plek waar zich thans het Mexicaanse schiereiland Yucatan bevindt. Dit ging gepaard met vloedgolven en zoveel vulkaanuitbarstingen, dat de grote hoeveelheden as voor een zonsverduistering zorgden. De temperatuur daalde daardoor zodanig dat de grote levensvormen als dinosaurussen snel en volledig uitstierven, terwijl merkwaardigerwijze insectensoorten (bijen, mieren, sprinkhanen etc.) overleefden. Tot op de huidige dag leveren deze insecten talloze diensten aan het ‘ecosysteem’ zoals bevruchting en ontbinding. We kunnen niet meer zonder hen. En om de teruggang van bijen, waaronder hommels, een halt te kunnen toeroepen is veel kennis nodig waaronder die omtrent de nesten van de hommels. Om de hommels te kunnen beschermen moet je hun nesten beschermen maar het systematisch vinden daarvan is een bijzonder grote opgave gebleken.

Een vindingrijke gedachte was deze: honden kunnen leren drugs en explosieven op te sporen, ze kunnen zelfs kanker bij mensen herkennen. Dan moet het ook mogelijk zijn om de – onwelriekende – hommelnesten te laten opsporen. Maar de experimenten daarmee mislukten hoewel veel ‘bijkomende’ kennis werd opgedaan. De auteur vermeldt nog meer wetenswaardigheden zoals het feit, dat honingbijen bijvoorbeeld totaal ongeschikt zijn om tomaten te bevruchten terwijl ze zeer geschikt zijn om koolzaad en kiwi’s te bestuiven. Voor de bevruchting van tomaten ontstonden hommelkwekerijen. De tomatenkweker moet zeer voorzichtig omgaan met chemische bestrijdingsmiddelen want die zijn veelal giftig.

Van alle bestuivingen in het Verenigd Koninkrijk door insecten nemen de honingbijen minstens eenderde voor hun rekening terwijl het overige tweederde deel de taak is van wilde bijen, waaronder hommels.

In 2006 heeft Goulson samen met enkele leerlingen de ‘Bumbelbee Conservation Trust’ opgericht voor het behoud van de hommel; hij ontving hiervoor diverse prijzen.

Eén kwestie mag niet onvermeld blijven: het boek Het verhaal met een angel is – afgezien van de twijfelachtig gekozen titel (want de hommel is geen gevreesde ‘steker’) – niet geschikt als naslagwerk; daarvoor springt de schrijver teveel van de hak op de tak en houdt hij de chronologische volgorde te weinig aan. Maar wie op zoek is naar de vele wetenswaardigheden omtrent de hommel zal ongetwijfeld veel van zijn gading vinden.

 

Een verhaal met een angel

Auteur: Dave Goulson
Vertaald door: Nico Groen
Verschenen bij:  Uitgeverij Atlas Contact (Amsterdam/Antwerpen 2014)
Aantal pagina’s: 320
Prijs: € 24,99

Omslag Een verhaal met een angel  -  Dave Goulson
Een verhaal met een angel
Dave Goulson
ISBN: 9789045026404

Recent

18 december 2017

Onvergetelijke hommage aan de Shakespeare van de lage landen

Over 'Ik, Vondel' van Hans Croiset
15 december 2017

Drakenbloed en hoestende koeien

Over 'Tijl' van Daniel Kehlmann
14 december 2017

Vergane Hollywoodglorie in de Maghreb

Over 'De oppermachtigen' van Hedi Kaddour
13 december 2017

Literatuur uit de provincie

Over 'Ergens op het eind' van Erik Nieuwenhuis
12 december 2017

Troosteloos zal het in Twente wezen

Over 'De heilige Rita' van Tommy Wieringa

Verwant