Inge Meijer
Column

Een Toergenjev waardige roman

Ik zou willen schrijven als Natalia Ginzburg, haar willen zijn. Maar ik krijg mezelf niet uitgewist. Gewoontes en gedachten van anderen sluipen naar binnen, dan praat ik teveel, gedraag me anders. Zie ik iemand een appeltje eten, denk ik, ja, een appeltje, goed idee. Alles moet me worden aangedragen.

Ole, de verteller uit Rollende stenen van Merijn de Boer, leest Alain Fourniers Het grote avontuur op een terrasje in het dorp Sidi Bou Said, nu en dan krabbelt Ole iets op een velletje papier, voelt zich een kunstenaar. ‘Dan verbeeldde ik me dat ik hier was neergestreken om inspiratie op te doen voor een roman.’ Maar hij was er als partner van Daantje, zijn vrouw. En hoe dat vorm te geven, zijn leven als partner van.

Ik nam de verhalenbundel Faust van Toergenjev uit de kast, (lezen is verslavend, je hebt er steeds meer van nodig). Op het titelblad noteerde ik ooit 8-03-‘88. Daaronder mijn gekrabbelde naam. Ik blader er doorheen, lees. ‘De kennismaking van Ivan Afanasitsj en Praskovja Ivanovna vond op de volgende manier plaats. Een dag of vijf na het gesprek met Onisim begaf Petoesjkov zich ‘s avonds naar de bakkerij. ‘Nou,’ dacht hij, terwijl hij het piepende hek opendeed, ‘het zal mij benieuwen…’

Zo verhalend als Toergenjev schrijft, zo schrijft De Boer. Ole (een echte De Boer naamgeving) loopt door een poort een tuin binnen. Om kennis te maken met de huismannen wiens vrouwen als diplomaat in Tunesië zijn geplaatst. ‘Ik duwde hem open. Er was geen volwassene te bekennen. Wel allerlei kinderen. Peuters, kleuters, en oudere kinderen. (…)’

Om conflicten met Daantje te vermijden, vindt Ole goede raad in de literatuur. Hij neemt zich voor zichzelf op de tweede plaats te zetten. Naar een personage uit Aan de vooravond van Toergenjev. ‘Mezelf tot nummer twee maken. (…) Je kon het geen zelfopoffering noemen. De vraag was zelfs of ik wel een keuze had. Leven zonder haar was in elk geval geen optie meer.’

De personages in zijn vorige romans waren vrij eenzelvig, leefden in een bubbel. Wat groots uitgemeten wel hilarisch was. Maar hier is het anders. Naast het quasi lanterfanterige, de satire die in deze vertelling steekt, is er een zekere kwetsbaarheid te vinden in de ontwikkeling die Ole doormaakt. Nadat hij zich door een personage van Toergenjev geïnspireerd voelt zichzelf op de tweede plaats te moeten zetten, vraagt Ole zich op tweederde van het boek af of hij wel als dat Toergenjev personage wil zijn.

Hij wist eigenlijk helemaal niet hoe het met dat personage was afgelopen. En, ‘het was misschien beter als ik al dat romantische van Toergenjev, al dat literaire, juist even helemaal wegdacht. Een gelijkwaardige relatie, dát was toch wat iedereen wilde? Ikzelf ook.’ Maar of dat mogelijk was in een expatrelatie, ‘waarbij de een werkte en de ander thuiszat?’.

De openingszin is er een uit duizenden: ‘Als ik haar niet had ontmoet, had ik waarschijnlijk nooit liefde ervaren (in deze enorme mate, bedoel ik).’ Daar is het al dat Toergenjev zijn neus laat zien. Ik smelt bij deze getuigenis. Dit boek leest als een liefdesbetuiging aan de vrouw waaraan het boek is opgedragen, ‘Sabrina’. En nee, ik weet het. Maar laat mij nu maar, zo lees ik het graag.

Daantje, die het vermogen heeft Ole uit zijn lethargie te trekken. Van wie hij houdt om haar nonchalante intelligentie. ‘Ze was intellectueel zonder dat het haar iets uitmaakte.’ Ole en Daantje (snel getrouwd om als echtpaar, zij als diplomaat, hij als lezer en volgeling) naar Tunesië te kunnen vertrekken. 

Merijn de Boer schreef nooit humorloze romans, in tegendeel. Maar wat nu anders is, is dat het satirische in Rollende stenen opeens een bodem heeft. 

Nog even deze heerlijk lyrische beschrijving van een lezende Daantje, ‘in het licht van de schemerlamp. God, wat hield ik van deze vrouw. En het was een mooi gezicht: zij met haar gebruikelijke schoonheid en intellectuele aantrekkingskracht, en dan daarnaast die Nederlandse schemerlamp. Op het dak van ons huis in Tunesië.’
Hoe geweldig dit is. Lees het!

 

Inge Meijer is een pseudoniem. Zij schrijft over boeken als steunpilaren voor het leven en over de ontdekkingen die zij doet in de marges van de literatuur.

Columns