16 december 2016

Hindernissen

Door Inge Meijer

Het is 7 uur in de ochtend, je hebt een afspraak waarvoor je de trein van 09.44 uur moet halen en er moet nog een stukje geschreven worden. Je denkt dat wel te redden in die tijd. Maar er mist iets in je ochtendritueel (jij die van verandering houdt en geregeld de structuur van een huisleven omzet, is van slag als de krant niet in de bus zit). De krant die niet meer wordt geleverd sinds een dag of wat. Omdat de rekening niet was overgemaakt. Wacht, wel overgemaakt maar naar het verkeerde nummer. Daar moet nog over gebeld worden. Maar je zit in bed met een maag waarin het maagsap tekeer gaat omdat het niets te verteren heeft. Je denkt aan koffie. Dan zal je je bed uit moeten. Je kijkt naast je. Op het tafeltje ligt Zilah, van K. Schippers en Four Stories van Alan Bennett. Honestly, je was in die laatste column niet helemaal eerlijk geweest. Want je was niet zonder boek vertrokken uit de Broadway Bookshop. Je had je laten troosten door Alan Bennett. Er zijn altijd alternatieven die gegrepen moeten worden om op nieuwe sporen te geraken.

Er is een film: The Lady in the Vann met Maggie Smith, gebaseerd op Bennetts autobiografische verhaal over een oude dame die 15 jaar lang in een busje op zijn oprijlaan leefde. Een alternatief voor sociaal wonen. Je denkt nu aan een alternatief voor deze ochtend. Je wilt verstek laten gaan, afspraak afzeggen. Trein gemist (dat weet je nu al), van de onderste traptrede gegleden (gaat gebeuren), pasje kwijt (is normaal), net als dagelijks bril kwijt. Maar nee, zoiets vereist eerlijkheid, geen smoesjes. Dus: to be honest, er wacht een boek op me. Een boek is als een hindernis nemen. Je moet het gewoon doen en is echt beter dan hardlopen of estafette zwemmen. Beter dan de deur uit gaan.

Dan: De traptreden kraken, stappen op de overloop, de deur gaat open en daar komt een kop koffie met een citaat uit Bennetts roman De ongewone lezer binnen:
“Als men haar had gevraagd of het lezen haar leven had verrijkt, had ze dat ongetwijfeld moeten beamen, al had ze er met stelligheid aan moeten toevoegen dat het haar leven tegelijkertijd van ieder doel had beroofd. Ooit was ze een zelfverzekerde, vastberaden vrouw geweest die wist waar haar plichten lagen en vastberaden was deze zo lang ze kon te vervullen. Nu werd ze maar al te vaak bekropen door twijfel. Lezen was niet hetzelfde als iets doen, dat was het probleem. Ze noteerde: ‘Je stopt je leven niet in boeken. Je vindt het daar.”
Je weet niet waar je vandaag terechtkomt, maar dat The Lady in the Van, een van de verhalen is in Four stories, zegt genoeg.

 

 

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer