Ik ging met de trein (Blauwnet) van Zutphen naar Lochem. De reis verliep voortreffelijk. De trein tufte als liep hij op stoom (al was ook het zoeven van elektrisch aangedreven motoren waar te nemen) door een landschap van populieren, ruige velden, struikgewas, eindeloosheid. Alsof de rand van de wereld (mocht de wereld een rand hebben) bereikt was, de tijd vertraagde. Ik nam een verhalenbundel van Amy Bloom uit mijn tas. Voorin een disclaimer: ‘Waar de God van liefde is is een bundel verzonnen verhalen.’ Het zegt iets als een auteur wil voorkomen dat iemand denkt dat er dingen aan de werkelijkheid ontleend zijn. Niet zelden is dat dan ook zo. Op een af andere manier zag ik, sinds ik haar laatste boek In liefde, een memoir over leven en verlies, had gelezen, in al haar verhalenbundels de grote liefde van haar leven voorbij zag komen. Ik houd van Blooms verhalen. Haar openingszinnen, ‘Ik was altijd van plan geweest mijn vader te vermoorden.’, of ‘Iedere dood is gewelddadig.’, maken dat je wilt weten wat er gebeurt is om deze eerste zinnen te rechtvaardigen.

De openingszin uit de verhalenbundel uit mijn tas, ‘Om twee uur in de ochtend kun je niemand iets kwalijk nemen.’, loopt vooruit op het feit dat William en Clare elkaar beginnen te zoenen terwijl hun partners boven slapen. Vier verhalen in deze bundel gaan over de (overspelige) liefde tussen Clare in William, beiden vijftigers. In het vierde verhaal zijn ze getrouwd. ‘Het had William en Clare vijf jaar gekost om een einde aan hun huwelijken te maken.’

De man van Amy Bloom overleed in 2020 in een kliniek in Zwitserland. In In liefde, schrijft ze over de zelfverkozen dood van de man die ze in haar verhalen al langer liefhad dan de werkelijkheid haar gegeven was. Ze schrijft ook over de tijd dat ze minnaars van elkaar werden. ‘Brian en ik werden verliefd op elkaar zoals dat wel vaker voorkomt bij sommige mensen van middelbare leeftijd in kleine stadjes, die vastzitten in een ongelukkige relatie…’ Amy Bloom en Brian Ameche waren Clare en William. 

Ze zijn dertien jaar bij elkaar als Brian wordt gediagnosticeerd met Alzheimer. Hij zegt, ‘Omdat jij van mij houdt, ga jij mij helpen.’ Hij wil in het harnas sterven. Door zijn mentale conditie komt hij niet in aanmerking voor euthanasie. Zij zoekt wereldwijd naar een legitieme manier om te sterven. Als die uiteindelijk in Zwitserland doorgang vindt, zijn ze dolgelukkig om het feit dat hij ergens legitiem zal kunnen sterven. ‘We hebben gehoord wat we moesten horen en aanvankelijk omhelst Brian me stevig, omdat we hebben bereikt wat we wilden bereiken en we dat samen hebben gedaan, en hij is gek op teamwork. Maar dan verandert het licht en het neemt af; ik ben in de wereld zonder hem; hij ziet duidelijk de wereld verdergaan zonder hem,  met mij alleen in de keuken en hij niet naast me. …’

In al haar boeken die ik nu doorblader, is een ongelukkig huwelijk, overspelige liefde, een sterke vrouw (ja, dat vooral, een sterke vrouw die hoe het lot zich ook wendt of keert, er een verhaal van maakt, een boek over schrijft). Haar laatste boek, “In Liefde” is een intens en zuiver relaas over de dood van haar man die als minnaar in haar verhalen leeft.’ Alles wat een schrijver beleeft komt in een verhaal terecht. Dit is geen disclaimer.

 

 


Inge Meijer is een pseudoniem. Zij schrijft over waar literatuur en het leven elkaar raken.

Meer van Inge Meijer: