24 november 2010

In memoriam Willem Barnard 1920 – 2010

Door Ingrid van der Graaf

Op zondag 21 november is de dichter Willem Barnard overleden. Barnard was een belangrijk dichter die ten tijde van de Vijftigers debuteerde maar lange tijd door de pers veronachtzaamt werd. Pas in 1998 – tijdens de Nacht van de Poëzie in Utrecht – werd hij op 88 jarige leeftijd als dichter herontdekt. Hij is onder meer van grote betekenis geweest bij de vernieuwing van het kerklied in de protestantse kerken.

Barnard publiceerde onder het pseudoniem Guillaume van der Graft een twintigtal gedichtenbundels en was als Willem Barnard een veelzijdig schrijver van essays, dagboeken, Bijbeluitleg en psalmliederen. Een pseudoniem koos hij om de dichter van de dominee te scheidden. Waar hij uiteindelijk niet in geslaagd is. Hij geldt als een van de belangrijkste dichters op het gebied van psalmvertalingen en nieuwe gezangen. Wellicht stond zijn christelijke identiteit hem in de weg om een doorbraak naar het grote publiek mogelijk te maken.

Van der Graft publiceerde zijn eerste gedicht in 1944 in het illegale tijdschrift, Parade der Profeten, waarin ook W.F. Hermans debuteerde. In 1946 debuteerde hij met de bundel In exilio. Als dichter werd hij sterk beïnvloed door  Martinus Nijhoff, vooral door de grote gedichten als Awater,( 270 regels ). Maar ook was hij op zoek naar open uitdrukkingsvormen en taalvernieuwing. Toen hij doorbrak als dichter in 1953 met de bundel Vogels en vissen, werd hij wel vergeleken met Gerrit Kouwenaar en Simon Vinkenoog. Ondanks de verwantschap die er wel degelijk was tussen Van der Graft en de Vijftigers, bleef hij door de religieuze inbedding van zijn werk een buitenstaander. Zelf sprak Barnard van het zelfverkozen lot van de eenling. Hij wilde niet bij een groep horen. Dichten noemde hij: ‘Een dialoog met de stilte’, daar had hij geen statement voor nodig. Van der Graft  wilde meer dan experimentele vorm en taal in de poëzie en zocht steeds naar de diepere betekenis van taal.

Barnard wenste zijn werk als theoloog te scheiden van zijn dichterlijke activiteiten. Dat lukte niet altijd en was er zeker sprake, zowel in zijn theosofische werken als in zijn gedichten, van een Barnard-Van der Graft overlapping. Zelf had Willem Barnard “onnoemelijk spijt” van zijn pseudoniem. Op het moment dat hij zijn pseudoniem wilde afschaffen begon zijn zoon –  schrijver en dichter Benno Barnard  (1954) – naam te maken in de literatuur.

Dat Barnard ooit koos voor een studie theologie boven een studie in de Letteren, heeft hem een dubbele identiteit opgeleverd waar hij zelf niet altijd gelukkig mee was. Met name de benaming dominee-dichter verafschuwde hij. Van 1947 tot 1975 was Willem Barnard predikant. In die periode werkte hij in opdracht van de kerk als dichter en vertaler nauw samen met Martinus Nijhoff, Ad den Besten, J.W. Schulte Nordholt en Jan Wit. Het leidde tot een nieuwe psalmberijming die in 1973 gepubliceerd werd als Liedboek van de Kerken.

In 1997 maakte Van der Graft een comeback als dichter. Na de verschijning van het aan zijn overleden vrouw opgedragen Onbereikbaar nabij, dat tegelijkertijd ook het hoogtepunt in zijn werk genoemd wordt, gaf hij een indrukwekkend optreden tijdens de Nacht van de Poëzie(1998) te Utrecht. Het is daar dat  Van der Graft kennismaakte met jonge dichters als Ruben van Gogh en Ingmar Heytze, die hem op hun beurt ontdekten. Het leidde tot nieuw werk dat, meer en meer gericht op de liefde, de dood en de poëzie, steeds soberder en kernachtiger werd.

Willem Barnard was eredoctor aan de Universiteit Utrecht en Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Daarnaast ontving hij tal van literaire onderscheidingen als de Van der Hoogtprijs, de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam, en de Dr. C. Rijnsdorpprijs.

Werk dat van Willem Barnard nog in de handel is, zijn: Praten tegen langzaam water. Gedichten 1942-2007 (2007, De Prom). Mens in wind en vuur (2010 Skandalon),
Een zon diep in de nacht. Verzamelde dagboeken 1945-2005 (2009, uitgeverij Skandalon),
Orthodox of niks. Notities en overpeinzingen (2008, Boekencentrum),
Stille omgang. notities bij de lezing van de Schriften volgens vroeg-middeleeuwsw traditie (Boekencentrum Lofzang is geen Luxe,
Een stille duif in de verte
Tegen David aan Praten, alle drie de bundels met ondertitel ‘Gepeins bij psalmen’ (2006 en 2005, Boekencentrum).

 

Foto Rufus de Vries

Zie ook de rencensie Een dubbeltje op zijn kant.

 

 

 

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

13 oktober 2017

Leven zonder moeder

12 oktober 2017

Een antikrimi

11 oktober 2017

De stijl tekent de man

10 oktober 2017

Eindeloos gepieker

Literair Nederland - 10 jaar geleden

22 oktober 2007

Klein boek zonder enige allure
Door Frans

Waarom gaf de commissie – Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek – aan Geert Mak de opdracht om het boekenweekgeschenk 2007 te schrijven? Vermoedelijk vanwege zijn succes met de dikke pil ‘In Europa’. Zou Mak daarom als onderwerp voor zijn boek de Galatabrug, die Europa met Klein-Azië verbindt, gekozen hebben?

Lees meer