15 augustus 2016

Pallieter – Felix Timmermans

Boem! 100 jaar Pallieter

Recensie door Rob van Dam

Aan het slot van de roman Pallieter trekt de hoofdpersoon, naar wie het boek is genoemd, de wijde wereld in. De wereld die hij achterlaat wordt dan als volgt beschreven:

Wijd en ver strekte de wijde Nethevallei blauwig uit, onder de fijne, grijze lucht, die nu en dan een lek liet vallen. In die wereld-oneindigheid lagen mierig de huizen, plat de bosschen, en klein en miniem de dorpen en de molengehuchten. Nog kleiner waren de menschen daarin gestippeld, die het bedrijvig werk des zomers volbrachten; volle hooiwagens rolden over de wegen (…) een zwart treintje kroop met een weelderige, witte rookpluim achteraan, traag vooruit. Heel het land hief zijn geur als wierook in de lucht. En al ineens stootte de zon uit ’t Westen enorme, melkbleeke lichtbalken door de lucht en over de aarde, dorpen blonken, molentjes draaiden in helderheid, en over heel de heerlijke, feestende wereld spande alsdan, als een nooit geziene schoonheid, een klare, breede regenboog zich uit.

Een boerenwereld waarin de mens één met het land is, het land ‘waar het leven goed is’ zoals dat in de Ster-reclame heet, en een leven dat doordrongen is van het geloof. Ora et labora. Een wereld waarin de mens zijn plaats kent en die ogenschijnlijk al eeuwen onveranderd is gebleven. Jacqueline Bel, in Bloed en rozen, noemt het boek een streekroman.
Voeg daar Pallieters reputatie bij, die van een man die niets liever doet dan eten en drinken, Tijl Uilenspiegel-achtige streken uithaalt en dol is op blote-billenhumor. Boertige leut à la Brueghel.
Wie wil zoiets lezen? Nog afgezien van het Vlaams, maar dat went, zoals uit de citaten in dit stuk moge blijken. Het nawoord meldt weliswaar dat er sinds 1916 meer dan één miljoen exemplaren van zijn verkocht en in vertaling nog eens honderduizenden exemplaren, maar zulke verkoopcijfers wekken soms juist argwaan. En was die Timmermans niet een Vlaamse nationalist?

Maar het beeld klopt niet. Dat is de grote verrassing bij het lezen van dit boek. Het is helemaal geen streekroman. Ja, Pallieter woont op het platteland, maar hij is geen plattelander. Hij werkt niet. Toch heeft hij altijd ruimschoots geld. Hoe hij daar aan komt wordt niet verteld. Hij bewoont een boerderij en heeft een huishoudster. Hij is een ontwikkeld man, die Ruusbroec en Thomas à Kempis kent en zo nodig uit het hoofd citeert. Hij speelt vele muziekinstrumenten, van doedelzak tot hobo. Hij kent de muziek van Wagner, Beethoven en Palestrina. Zijn enige vriend is een kunstschilder, die in hetzelfde dorp woont. Hij is een soort Vlaams Titaantje, maar dan katholiek en met geld.

‘Melk de dag’
Het verhaal van de roman is gauw verteld. Veertien maanden lang volgen we Pallieter in zijn plattelandsleven. Hij zaait niet, hij oogst niet, hij leeft van dag tot dag. Hij ontmoet Marieke, met wie hij tegen het eind van het boek trouwt. Ze krijgen een drieling en verlaten in een huifkar het ‘Netheland’ om de wereld in te trekken.
De boerderij heet ‘Reinaert’, het paard ‘Beiaard’ en de kat ‘Tibaert’. Als Pallieter zingt, zijn het oude, Middelnederlandse liedjes. Onschuldige uitingen van Vlaamse trots.
Het dorpsleven wordt bepaald door de eisen die gewas en vee stellen en door de katholieke kerk. Er zijn begijntjes, processies en dankdiensten. Er is de jaarlijkse kermis en er is een pastoor die Gezelle citeert en bijna net zo veel drinkt als Pallieter.

Die heeft geen goed woord voor over voor de kerkelijke gebruiken en gaat niet ter kerke. Hij drijft de spot met zijn kwezelachtige huishoudster. Toch is hij de grootste gelovige in dit boek. Dag in dag uit wordt hij bestormd door heftige aandoeningen bij het aanschouwen van alles wat de natuur hem voorschotelt. Onder zijn katholieke jas is hij een heiden, een paganist. ‘De grote god Pan is niet dood’, roept hij. Een ‘goede wilde’ is hij niet, want hij kent zichzelf en draagt zijn levenshouding uit. Nadat hij op een houtveiling een oeroude beuk heeft gekocht om die te sparen voor de kap, kerft hij zijn motto in de bast: ‘Melk de dag!’ Zijn dieren laat hij niet slachten. Hij raakt slaags met harteloze paardendrijvers. Bloemen plukt hij niet zomaar. En als een tweede Sint Franciscus omarmt hij vol hartstocht een oude boom met de woorden ‘Bruur Boem, Bruur Boem!’

Loflied 
Dit mystieke aspect van het boek – en het is de hoofdzaak – is groots en op den duur wel wat vermoeiend. Want wát zich ook aan Pallieter voordoet: sneeuw, volle maan, oogst, uitbottende bomen, de geboorte van zijn kinderen, een tochtje in een vliegtuigje – alles brengt hem in grote vervoering en daar geeft hij luidkeels uiting aan. Telkens weer overspoelen hem de zintuigelijke indrukken, de verrukking daarover en de dankbaarheid jegens het bestaan. Hij lijkt soms wel niet goed snik:

En ginder over de Nethe was de groote, tomaatroode zon als een lustige verrassing uit al die witheid opengebloeid.
Pallieter was er van aangedaan en riep: ”t Weurdt fiest vandaag! ’t wordt fiest vandaag!’
Versch-omploegde velden slurpten met groot geschitter de klaarte op hun vettige schellen, dat ze werden als spartelende waters (…).
Pallieter riep: ‘Vader zon bevrucht Moeder aarde!’

De natuurbeschrijvingen in dit boek zijn belangrijk vanwege de rol die landschap, weer en seizoenen in Pallieters leven spelen: een onuitputtelijke epifanie. Timmermans natuurschilderingen zijn uitstekend, goed geobserveerd (behalve dan die zingende nachtegalen in juli) en zeer rijk verwoord, uiterst zintuigelijk. Zijn woordkeus verwijst nogal eens naar eten en drinken. Jammer dat de erotische scènes niet met evenveel uitbundigheid en détail worden geschetst.

Soms is de stem van de verteller gelijk aan die van Pallieter. Beider stemmen zingen hetzelfde loflied op de vitaliteit van de natuur en de duizend-en-één vormen waarin die zich manifesteert. Het is alles louter schoonheid. Een godsgeschenk.

Verandering
Dit leven en deze wereld lijken buiten de tijd te staan, maar schijn bedriegt. Aan de horizon laten zich treintjes zien en een eendekkertje maakt een noodlanding in het weiland. De nieuwe tijd, net wat u zegt. En dan, als het herfst is geworden, krijgt Pallieter het bericht ‘dat er een spoorweg ging komen over de Nethe, dat deze laatste zou gekanaliseerd worden, dat zijn hof er helemaal zou invallen, verder zou er nog een fort bijkomen en een nieuw kerkhof.’ Pallieter, die al eerder, bij het zien van een vlucht kraanvogels, overvallen was door het verlangen te reizen, weet het nu zeker: ‘Boem! ’t Is nor de maan! Adieu schoon land! Maar in zo’n land blijf ‘k nie wone!’

Dat fort en dat kerkhof doen onwillekeurig denken aan de Eerste Wereldoorlog. Het boek verscheen in 1916. België was bezet en gedeeltelijk verwoest, met honderduizenden vluchtelingen in Nederland.

De modernisering van het boerenbedrijf kwam in die tijd op gang. De aantasting van het boerenland speelt verder geen rol in dit boek, maar als lezer van honderd jaar later kun je niet anders dan die kanalisatie en die onteigening (de plattelanders houden Pallieter voor dat hij rijk gaat worden) zien als het begin van de verwoesting van natuur en platteland die in de twintigste eeuw zou plaatsvinden. Daardoor heeft dit boek honderd jaar na dato een aantrekkelijke meerwaarde gekregen: het toont ons de wereld waar Heimans, Thijsse en Nescio in rondwandelden, de wereld waar de eerste natuurbeschermers voor opkwamen.

Lezers die iets met natuurmystiek hebben of die domweg gelukkig worden van een wandeling door bos en beemd: lees dit boek. Het is een juweel. Maar lees het niet in één ruk uit, want Pallieters extasen en erupties zijn wel erg veel van het goede. Gelukkig is Pallieter eigenlijk meer een reeks schetsen dan een roman. Het laat zich daardoor goed per hoofdstuk lezen.

Chapeau tenslotte voor uitgeverij Polis. Een mooi verzorgde uitgave, met vignetten van Timmermans zelf en een boeiend nawoord van Kevin Absillis, die het boek in zijn tijd plaatst en onder meer wijst op ‘de verwantschap tussen Pallieter en de historische avant-garde’.

 

 

Pallieter
Felix Timmermans
Nawoord door: Kevin Absillis
Illustraties van de auteur. Bezorgd door Wendy Lemmens
Verschenen bij: Uitgeverij Polis
ISBN: 9789463101622 303
303 pagina's
Prijs: € 19,95

4 reacties

  • Mon Van den heuvel schreef:

    Goed artikel, juiste recensie
    Mag ik u uitnodigen om onderstaande blog te bezoeken

    Blog over Felix Timmermans
    http://blog.seniorennet.be/timmermans_fan

  • janus raaijmakers schreef:

    Ooit las ik Pallieter in de fraaie vooroorlogse uitgave van P. N. van Kampen (met stofomslag). Wat me bijbleef is hoe gelukkig Pallieter de sneeuw ervoer: “Hij piste zijn naam in de sneeuw”. Het is mij nooit gelukt. nav de recensie ga ik het boek maar weer eens herlezen….

  • Gerard van der Leeuw schreef:

    Ha, fijne recensie. Graag meer van Timmermans herlezen. Hij is een grandioos schrijver, een van de groten. Hij was niet fout in de oorlog, hij is geen heimat-schrijver en iedereen heeft er een mening over zonder ooit een letter van hem gelezen te hebben…..Laat Pallieter een mooi begin zijn. Lees ook de mooie biografie van Gaston Durnez en geniet van dee unieke schrijver





 

Meer van Rob van Dam:

20 januari 2017

Openhartig over lotsbestemming

Over 'Het visioen aan de binnenbaai' van Oek de Jong
28 november 2016

Laat varen alle hoop

Over 'We houden van Tsjernobyl' van Svetlana Alexijevitsj
25 oktober 2016

Een man, een vogel

Over 'De havik' van T.H. White

Recent

23 november 2017

Weidse landschappen, bekraste zielen

Over 'Idaho' van Emily Ruskovich
21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

Over 'en toen aten we zeehond' van Nicoline Timmer
20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef

Verwant

15 augustus 2016

Mannen en vrouwen van papier

Over 'Lezen, een gebruiksaanwijzing' van Felix Timmermans
15 augustus 2016

Verblind door schaamte

Over 'Een onmogelijke liefde' van Felix Timmermans