Astrid H. Roemer wint prestigieuze Prijs der Nederlandse Letteren

Door Ingrid van der Graaf

Astrid H. Roemer (Paramaribo, 1947) krijgt de Prijs der Nederlandse Letteren, een driejaarlijkse oeuvreprijs voor een auteur wiens werk een belangrijke plaats in de Nederlandstalige literatuur inneemt. Roemer is de eerste auteur uit Suriname die bekroond wordt met deze prijs. In 2016 werd ze ook gelauwerd met de P.C. Hooftprijs voor haar gehele oeuvre.

De jury noemde onder meer dat Roemer met haar romans, toneelteksten en gedichten een unieke positie bekleedt in het Nederlandstalige literatuurlandschap. ‘Haar werk is onconventioneel, poëtisch en doorleefd. Roemer slaagt erin thema’s uit de recente grote geschiedenis, zoals corruptie, spanning, schuld, kolonisatie en dekolonisatie, te verbinden met de kleine geschiedenis, het verhaal op mensenmaat’.

Astrid H. Roemer debuteerde in 1970 onder het pseudoniem Zamani met de dichtbundel Sasa mijn actuele zijn waarna ze behalve poëzie ook romans en theaterstukken publiceerde. Roemers proza vormt het belangrijkste onderdeel van haar oeuvre, waaronder haar magnum opus: de trilogie Gewaagd leven (1996), Lijken op liefde (1997) en Was getekend (1998). Haar laatste boek, Gebroken Wit, verscheen in 2019. In haar werk spelen thema’s als migratie, seksuele oriëntatie, racisme en emancipatie een grote rol.

De uitreiking van de prijs wordt beurtelings door het fonds Literatuur Vlaanderen en het Nederlands Letterenfonds georganiseerd en wordt afwisselend uitgereikt door de Belgische koning en de Nederlandse koning. In oktober ontvangt Roemer de prijs in het Koninklijk Paleis te Brussel uit handen van Koning Filip. Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van € 40.000.

In het verleden ontvingen onder meer Remco Campert, Leonard Nolens, Judith Herzberg, Cees Nooteboom, J.C. Bloem, Lucebert en Hugo Claus de Prijs der Nederlandse Letteren.

Vorig jaar werd de schrijfster over haar oeuvre geïnterviewd in De Balie: Het grote Schrijversinterview met Astrid H. Roemer.

Foto: Raúl Neijhorst

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

05 augustus 2011

Recensie door: Marleen Ferket

Eind 2010 gaat een speciale delegatie bestaande uit de schrijvers Jan Siebelink, Rosita Steenbeek, P.F. Thomése en de priester Antoine Bodar naar de Palestijnse gebieden. Ze zijn uitgenodigd door UCP (United Civilians for Peace), een pro Palestijnse humanitaire organisatie, met als doel zich onder deskundige leiding op de hoogte te stellen van de situatie daar. Een filmploeg van de NCRV gaat met hun mee.

Thomése staat oorspronkelijk erg sceptisch tegenover het hele gebeuren in het ‘Heilig Land’;

Lees meer