2 december 2008

Archief:

Literair Nederland bestaat in december 2008 zes jaar en heeft dus een redelijk rijk archief.

In november 2003 schreef Roef Ragas een fraai artikel over de biografie van Albert Vogel.

Albert Vogel – Voordrachtskunstenaar (1874-1933)

‘Voordrachtskunst, dat riekt naar fijnzinnig gezegde muffe verzen, of oude mensen luisterend naar een balkende en loeiende orator op het gammele podium van het dorpshuis dat is ingericht voor culturele evenementen. Rederijkerij. Begin vorige eeuw werd voordrachtskunst ook al met een scheef oog bekeken. Wat was dit voor eigenaardig bastaardgenre en was het eigenlijk wel kunst? En als je het dan al deed: was het dan de bedoeling dat je wel of niet gesticuleerde, waren kostuum, grime en decor nu wel of niet gewenst?’

Lees hier verder.

 

Heb je iets opgediept uit de krochten van deze website dat je de moeite waard vindt, meld het dan de redactie.

 

 

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer