28 februari 2010

Andere Achterhuizen – Verhalen van Joodse onderduikers

Bij Athenaeum ? Polak & Van Gennep verschijnt op 28 maart 2010: Andere Achterhuizen, Verhalen van Joodse onderduikers van Marcel Prins en Peter Henk Steenhuis. Met een voorwoord van Judit Herzberg.

Spreken we over de onderduik dan denken we aan Anne Frank. Maar wat weten we van de 28.000 andere Joden die in de Tweede Wereldoorlog in ons land onderdoken? Een derde van hen werd alsnog opgepakt, gedeporteerd en meestal vermoord in de concentratiekampen. In Nederland leven nu nog ongeveer drieduizend Joden die ondergedoken hebben gezeten. Zij zijn de laatste getuigen. Marcel Prins en Peter Henk Steenhuis lieten vijftien van hen aan het woord. Het zijn hún verhalen die nu nog verteld kunnen worden, en vaak vertellen zij ze voor het eerst. De onderduikgeschiedenissen zijn zo divers dat ze stuk voor stuk een documentaire waard zijn. Dat bracht Marcel Prins op het idee ze te verzamelen en te verbeelden. Samen met ontwerper Marcel van der Drift ontwikkelde hij de website herinneringen uitgewerkt zijn tot korte animaties. Boek en website vormen één geheel. Op 28 maart 2010 worden zowel het boek als de website andereachterhuizen.nl in het Joods Historisch Museum te Amsterdam gepresenteerd. Het eerste exemplaar zal door burgemeester Job Cohen uitgereikt worden aan de geïnterviewden.

196 bladzijden €16,95  isbn: 978 90 253 6739 8

Over het project Andere achterhuizen: Met dit project willen de makers een bijdrage leveren aan een meer pluriform beeld van de Joodse onderduik in Nederland gedurende de Tweede Wereldoorlog. Het uitgangspunt wordt gevormd door vijfentwintig interviews met voormalige onderduikers. Deze interviews worden verwerkt in een crossmediaproject bestaande uit een serie van ongeveer zestig korte animaties die worden getoond op de website andereachterhuizen.nl, het boek Het Joods Historisch Museum en de Anne Frank Stichting zullen daarnaast educatieve projecten over onderduiken organiseren op basis van de verhalen uit Andere Achterhuizen en een artikelenreeks in dagblad Trouw.

Doel: Het doel van het project is om de beleving van de betrokkenen invoelbaar te maken. Doordat we al die uiteenlopende verhalen, afwijkende beelden, onderdrukte angsten en beschamende gevoelens leren kennen, krijgen we een beter beeld van wat de onderduik echt betekend heeft.

De website is het centrale onderdeel van dit crossmediaproject en bestaat uit drie lagen. In de eerste, verhalende laag worden de onderduikverhalen getoond door middel van korte animaties in inktpen, die gemaakt zijn op basis van de interviews. Hier worden de persoonlijke geschiedenissen vooral invoelbaar gemaakt. De tweede laag bestaat uit verdiepende informatie die de verhalen in een bredere context plaatst. In een derde laag kunnen bezoekers in de toekomst zelf hun eigen verhalen toevoegen. De manier waarop de website is opgebouwd nodigt op een speelse wijze uit tot verder onderzoek en doorlezen. ‘Andere Achterhuizen’ is geen wetenschappelijk project, maar in de eerste plaats een artistiek project op basis van Nederlands cultureel erfgoed, waarin de persoonlijke verhalen van onderduikers navoelbaar en inzichtelijk worden gemaakt. Een voormalige onderduiker zelf horen praten en diens tekst krachtig verbeeld zien, maakt de urgentie onmiddellijk duidelijk: over een aantal jaren zullen de meeste verhalen letterlijk niet meer naverteld kunnen worden.

Recent

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

14 september 2017

Daar waar granaten fluiten

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer