1 november 2011

Anarchisme zonder structuur

Recensie door: Jaap M. Jansen

Recensie door Jaap M. Jansen

Parijs, 1870. Hier laat Alex Butterworth zijn geschiedenis van het anarchisme beginnen, over een beweging die uit was op het afbreken van de bestaande maatschappelijke structuur en die hiertoe de nodige misdaad niet schuwde. Het werk verhaalt over de periode 1870-1905 en voert de lezer mee naar een wereld van intrige, bedrog, geweld en héél veel namen: de geleerde anarchist Pjotr Kropotkin, markies Henri Rochefort, mademoiselle Louise Michel en nog tal van anderen (hoofdzakelijk Fransen en Russen). Het boek eindigt met de Russische Revolutie en de nasleep van het anarchisme in de decennia die voorafgaan aan de Tweede Wereldoorlog.

Wat vanzelfsprekend als eerste opvalt, is de bewonderenswaardige dikte van het boek: maar liefst 580 pagina’s rauwe tekst. En waar het bij de meeste studieboeken gebruikelijk is om gericht naar informatie op zoek te gaan, is dat hier duidelijk niet de bedoeling: de inhoudsopgave, met hoofdstuktitels als ‘Voorwaarts!’, ‘Dubbel geheim’ en ‘Agenten ontmaskerd’, laat hierover geen twijfel bestaan.

En dus zit er weinig op dan te beginnen met de inleiding, alle 24 hoofdstukken braafjes door te werken en te eindigen met – hoe origineel – het slot. Het voorwoord is plezierig om te lezen; in bondige termen legt Butterworth uit waarom een geschiedenis van zoiets obscuurs als het anarchisme relevant is (vanwege actuele ontwikkelingen), hoe zijn onderzoek in elkaar stak (behoorlijk problematisch, en dus leuk om te lezen) en wat de bedoeling van dit boek is (tja, iets met een verantwoordingsplicht van politici). Het voorwoord is waarschijnlijk het best geschreven deel van het hele boek. Het eindigt op pagina 16. Op de volgende bladzijde begint helaas de proloog (sensationeel betiteld: ‘Een duistere kracht’) en maakt de leesbaarheid een vrije val.

Butterworth is historicus, en hij heeft zich dan ook – met leesbaar plezier – in een immens onderzoek gestort. De ene bron na de andere heeft hij bestudeerd, en hij geeft, zoals het een goed wetenschapper betaamt, aan het eind van zijn pompeuze verslag zowel een bronbespreking als een (zij het selectieve) bronvermelding. Voor de gemiddelde lezer is dit van weinig relevantie, maar het is (zeker gezien de aanzienlijke informatiedichtheid) voor collega-geschiedkundigen natuurlijk wel degelijk van belang.
Helaas brengt Butterworths onderzoek een – om het populair uit te drukken – ware tsunami aan namen van personen en instellingen mee, waarvan de verteller sommige reeds bekend veronderstelt, en andere vaak bedroevend weinig toelicht. Natuurlijk, na verloop van tijd zit je als lezer dermate ‘in het verhaal’ dat je dergelijke vreemde ontmoetingen wel aan kunt, maar daar heeft Butterworth wel erg veel tijd voor nodig. Laten we het maar aan zijn vertel-enthousiasme wijten.

Want dat is er wel: allemachtig, hoe fervent sleept de verteller ons mee van het ene moment van spanning naar het andere! Het is één grote ‘stream of suspense’: wordt iets te saai, dan verandert Butterworth in een oogwenk zijn onderwerp. We glijden van de ene misdaad in de andere, en overal worden we betrapt, opgejaagd, misleid, achternagezeten. Natuurlijk zit hier ook een keerzijde aan: het is, op een algemene chronologische ordening na, nauwelijks tot niet gestructureerd. We mogen de auteur dankbaar zijn voor het namenregister, want anders was het absoluut ondenkbaar geweest om een bepaalde passage terug te vinden zonder het hele boek van voren af aan te lezen.

Een diepgaande bespreking van de inhoud van De wereld die er nooit kwam hoeft u hier niet te verwachten, daar de gebrekkige diepgang en het ontbreken van een samenhangende structuur zo’n benadering onmogelijk maken. Het boek beschrijft enorm veel gebeurtenissen, maar de beweegredenen van de hoofdpersonen worden slechts in beperkte mate uitgelicht en de vertelstroom is zo warrig, dat het bijzonder lastig is om je als lezer in te leven in de beschreven personages.

Concluderend lijkt het me goed om te stellen dat Buttenworths letterlijke magnum opus waarschijnlijk alleen voor gespecialiseerde historici de moeite waard is (als zij een maand of twee niets te doen hebben). En eerwaarde collega-leken: heus, er bestaat leesbaarder lectuur.
Het is goed om een recensie, hoe kritisch die ook mag zijn, positief af te sluiten. Een lofbetuiging, inderdaad. Dus bij dezen: aan iedereen die zich door dit werk heeft heen geworsteld, of dit in de nabije toekomst van plan is: driemaal hulde!

 

De wereld die er nooit kwam

Auteur: Alex Butterworth
Vertaald door: Ineke Mertens
Verschenen bij: Uitgeverij Athenaeum, Polak & Van Gennep
Aantal pagina’s: 576
Prijs: € 39,95

Anarchisme zonder structuur
ISBN: 9789025368371

Meer van Jaap M. Jansen:

22 november 2013

Trans-Atlantisch - Colum McCann

Over 'Trans-Atlantisch' van Colum McCann
7 november 2013

Kinderlijke onschuld en onwetendheid in harde omgeving

Over 'We hebben nieuwe namen nodig' van NoViolet Bulawayo
12 juni 2013

Het geheim van een auteur

Over 'De figuur in het tapijt ' van Daniël Rovers

Recent

17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars
13 november 2017

Een aaneenschakeling van mislukkingen?

Over 'We haten elkaar meer dan de Joden' van Els van Diggele
9 november 2017

Verlangen in vele variaties

Over 'Het raadsel van de liefde' van Andre Aciman