Alomvattend schrijverschap

Stefan Ruiters

Ongeveer een maand geleden kocht ik de boeken van Joost Zwagerman. Op een zaterdag heb ik van elf uur ’s ochtends tot acht uur ’s avonds een busje volgeladen met zijn boeken. Kast voor kast, plank voor plank zag ik waarmee Zwagerman zijn schrijversleven stutte – Amerika, kunst, popmuziek, cultuurgeschiedenis, literatuur – om een paar van zijn thema’s te noemen. Psychiater Bram Bakker schreef in een van zijn boeken een opdracht aan Zwagerman: ‘Voor de man die alles al weet.’ De schrijvende en sprekende alweter die op enthousiaste en soms zelfs evangeliserende toon sprak over zijn passies.

Wat me opviel tijdens de vele uren sjouwen met zijn boeken, was een wat meer frikkerig thema dat we minder goed van hem kennen: de hoeveelheid boeken over ‘het vreemde vermaak dat lezen heet’ (S. Dresden). De schrijver was natuurlijk ook een lezer. Een lezer van romans, van essays, van studies, van kunstcatalogi, over filosofie, spiritualiteit, psychische stoornisssen  en ga zo maar door. Zwagerman was ook een lezer over het fenomeen dat lezen zelf is. En dat, wat hij las, uiteraard ook weer gebruikte in zijn eigen werk. Zo lijkt de titel, de inhoud en het omslag van zijn essaybundel Pornotheek Arcadië (2000) best veel op Pornocopia van Laurence O’Toole (1998) dat in zijn boekenkast stond. Veelzeggend is de opening van Zwagermans essaybundel waarin hij het heeft over het writer’s block van Otto Vallei. Vallei was het hoofdpersonage in zijn daarvoor gepubliceerde roman Chaos en rumoer. Ik denk dat het een mechanisme van Zwagerman was om te schrijven over dat wat hem flink bezig hield of zelfs angstig bekroop. Van porno tot zelfmoord, het fascineerde en domineerde hem.

Het is een unieke en veelomvattende boekencollectie waarin ik al een maand bijna dagelijks verdwaal. Het is echt heel veel. Zijn roman Zes sterren heb ik voorlopig maar van mijn nachtkastje gehaald en in de boekenkast gezet. De nadrukkelijke afwezigheid en de indirecte aanwezigheid van Zwagerman is overdag al zo’n overweldigende en krachtige invulling van mijn werkzame uren, dat ik hem in de avonduren even laat liggen. Ik voelde me wel schuldig want in Zes sterren schreef hij dat zelfmoord betekent dat de mensen er van wegvluchten, ook al zal dat voor zijn naasten, helaas, onmogelijk zijn. Maar ja, het lezen gaat door en ik pakte op weg naar bed een boek van Gerrit Komrij en las over en lachte om zijn bespiegelingen over stront: ‘We zeulen, al kijken we op de eenzaamste kaap naar de indrukwekkendste zonsondergang, onze drol met ons mee.’ Blijkt de volgende dag, dat als ik toch weer in een Zwagerman blader (Het vijfde seizoen), hij het ook heeft gelezen en er, natuurlijk, over schreef. Alomvattend schrijverschap.

 

Joot.nl

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

09 juli 2010

Recensie: Nelson Carrilho een man van verre en van vlakbij - Barney Agerbeek

 Recensie door: Karel Wasch

Er is nu eindelijk een boek over de beeldhouwer Nelson Carrilho. Nelson Carrilho, geboren op 30 maart 1953 op Curaçao (Nederlandse Antillen) verhuisde in 1964 naar Nederland, waar hij in 1980 afstudeerde aan de Academie van Beeldende Kunsten  ‘Artibus’ te Utrecht. Hierna werkte hij als een bezetene aan grote beelden, die de openbare ruimtes in Nederland en op Curaçao sieren. Zijn werk is zowel gevoelig als monumentaal.

Lees meer