1 november 2013

Alles altijd anders – Marietje d' Hane-Scheltema

Alles altijd anders – Marietje d‘Hane-Scheltema

Recensie door Machiel Jansen

Dichter bij Ovidius

Recensie door Machiel Jansen

In het droge zand onder het afdakje bij de voordeur zag ik ronde kuiltjes van ongeveer twee centimeter wijd en een centimeter diep. Mierenleeuwen. Vlak onder het diepste punt van zo’n kuiltje zit een klein afzichtelijk monstertje met enorme kaken. Het wacht en wacht tot een mier de kuil inloopt en uitglijdt. Voor het uitglijden zorgt het monstertje wel, want het gooit met zand en zorgt dat er een kleine aardverschuiving in de kuil plaats vindt. De mier eindigt in de kaken op de bodem van de kuil.

Het merkwaardige is dat het monstertje een larve is, een alles behalve onschuldig jong. Als het zijn best doet in roofzuchtigheid verandert het uiteindelijk van gedaante in een vrij elegant insect, dat aan een waterjuffer doet denken. Weg zijn dan het ronde achterlijf dat vol haren zit en verdwenen zijn de reusachtige kaken. Het monstertje is veranderd in een lang-vleugelig insect met een veel vriendelijker voorkomen.

Gedaanteverwisselingen zijn even mysterieus als intrigerend. Ze benadrukken het idee dat er meer is dan gedaante alleen. Want als dier of mens van gedaante wisselt dan kan het toch bijna niet anders of er blijft ook iets onveranderd? De rups die in een vlinder verandert is nog steeds hetzelfde dier. Als het uiterlijk veranderd is dan moet ten minste het innerlijk hetzelfde gebleven zijn, ben je geneigd te denken.

Het lijkt er soms op dat gedaanteverwisselingen tegenwoordig voorbehouden zijn aan insecten en amfibieën. Mensen veranderen tegenwoordig alleen nog van gedaante door dik of oud te worden of mee te doen aan TV-programma’s die een complete ‘make over’ beloven. Vroeger was dat anders. In antieke tijden veranderden stenen met speels gemak in mensen, goden in stieren, nymphen in bomen, mensen in bloemen, spinnen en zwanen, en keizers werden na hun dood even gemakkelijk goden als rupsen tegenwoordig uitgroeien tot vlinders.

Publius Ovidius Naso, beter bekend als Ovidius, schreef in de eerste eeuw van onze jaartelling een even duizelingwekkend als prachtig boek, Metamorphosen, waarin verhalen over gedaanteverwisseling en verandering over elkaar heen buitelen. Alles lijkt te bewegen in dit klassieke meesterwerk waarin de geschiedenis van de aarde, van de eerste dagen tot de tijd van Augustus, verteld wordt alsof het een levend tapijt betreft waarin elke draad een verhaal verbeeldt.

Precies twintig jaar geleden, in 1993, verscheen de indrukwekkende vertaling van de Metamorphosen door Marietje d’Hane-Scheltema, vreemd genoeg de eerste Nederlandse vertaling sinds die van Vondel uit 1673. Misschien om het twintig jarig bestaan van deze vertaling te vieren is nu Alles altijd anders, Over Ovidius verschenen. Een klein boek dat lezers van Ovidius dichter bij de auteur en zijn werk, met name de Metamorphosen, moet brengen.

In korte hoofdstukken die alles behalve dor en droog zijn wordt niet alleen Ovidius’ leven besproken, maar ook de context, de structuur en de ontwikkeling van zijn werk. Daarbij ligt de nadruk op de Metamorphosen maar ook zijn liefdespoëzie en zijn minder bekende teksten komen aan de orde. In een appendix wordt zelfs een uiterst merkwaardig fragment over de make up van vrouwen weergegeven.

Ovidius zal altijd wel een mysterie blijven, al probeert d’Hane-Scheltema hem zelfs door middel van een fictief dagboek tot leven te wekken. Bekend is dat hij succesvol liefdespoëzie schreef, in de hoogste kringen verkeerde en met zijn gedichten de wrevel opwekte van Rome’s eerste keizer Augustus. In de tijd dat hij de Metamorphosen schreef, beging hij een beroemd geworden ‘misstap’ al is nooit duidelijk geworden wat hij daarmee bedoelde. Het gevolg was wel dat hij door Augustus werd verbannen naar het troosteloze Tomis, in het huidige Roemenië. De omstandigheden van deze verbanning zijn zo onduidelijk dat sommigen geloven dat de auteur alles verzonnen heeft en dat de Tristia (treurzangen) die hij als banneling schreef gezien moeten worden als een practical joke. Deze gedachte doet enigszins denken aan de stelling dat de Odyssee in Zeeland heeft plaatsgevonden en gelukkig gaat d’Hane-Scheltema er niet in mee.

Toch geeft het idee van een verzonnen verbanning aan hoe speels Ovidius is en hoezeer hij afwijkt van andere Latijnse auteurs als Horatius en Vergilius. Die speelsheid zal ook de verklaring zijn waarom in de achttiende en negentiende eeuw Ovidius’ populariteit iets afnam. Zijn werk was niet serieus genoeg en voldeed niet aan de norm van ‘nobele eenvoud en strenge grandeur’ die veel liefhebbers van de klassieke oudheid als ideaal zagen. Het zal ook een deel van de verklaring zijn voor het feit dat het zo lang moest duren voordat er in het Nederlands een nieuwe vertaling van de Metamorphosen verscheen.

In Alles altijd anders laat d’Hane-Scheltema zien dat het speelse karakter van Ovidius zich niet alleen beperkt tot zijn onderwerpen maar ook tot de vorm. Zo heeft de Metamorphosen elementen van een leerdicht maar ook van een epos en uiteindelijk is het werk te veranderlijk om zich rustig in een hokje te laten stoppen. Bovendien is de Metamorphosen strikt genomen een verzameling oude verhalen, maar het verrassende is nu juist dat het geheel een alles behalve oude, starre indruk maakt. d’Hane-Scheltema laat zien hoe Ovidius de oude Griekse verhalen nieuw leven inblaast door ze soms rigoureus aan te passen, hoe hij nadruk op zaken legt die van oorsprong onbelangrijk of minder belangrijk waren, en vooral hoe het ene verhaal het andere voortbrengt, spiegelt of becommentarieert.

De Metamorphosen is een werk dat zoveel beweging in zich heeft, zo weet te betoveren en zo geraffineerd in elkaar zit dat het plezierig is als iemand met kennis van zaken individuele draden uit het geweven tapijt aanwijst en de grote structuur ontrafelt. Dat doet d’Hane-Schelema voorbeeldig. In een radio interview in VPRO’s Avonden gaf ze aan dat de aanleiding voor dit boek een aantal lezingen waren die zij voor geïnteresseerde lezers hield. De hoofdstukken in Alles altijd anders verraden de opzet van een lezing dan ook en het geheel maakt mede daardoor een overzichtelijke en plezierig leesbare indruk.

Desondanks is Alles altijd anders niet een boek dat gelezen kan worden als inleiding tot het werk van Ovidius of de Metamorphosen. Daarvoor wordt te gedetailleerd ingegaan op bepaalde passages van het werk. Maar voor iedereen die de Metamorphosen ooit een keer heeft gelezen, hoe lang geleden ook, vormt het een prachtige aanleiding tot herlezen en verwondering.

De Metamorphosen is een merkwaardig werk over verandering en gedaanteverwisseling dat uiteindelijk zijn eigen analyse bevat door de Griekse filosoof Pythagoras op te voeren. Zijn idee van zielsverhuizing, het geloof dat iedere ziel in andere gedaanten terugkeert, vormt een prachtig sluitstuk, net als overigens in Alles altijd anders. Het werd me na het lezen van d’Hane-Scheltema plotseling duidelijk waarom Pythagoras het eten van dieren en het verwijderen van zwaluwnesten onder daken verbood. Op een dag zijn wij het namelijk zelf die de gedaante van dieren aannemen, want ‘niets vergaat, alles verandert’. Op die manier bezien zijn de mierenleeuwen bij de voordeur nog wonderlijker dan ik al dacht.

 

Alles altijd anders
Over Ovidius

Auteur: Marietje d‘Hane-Scheltema
Verschenen bij: Uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep
Aantal bladzijden: 240
Prijs: € 19,95

 

Alles altijd anders
Marietje d' Hane-Scheltema
over Ovidius
Verschenen bij: Singel Uitgeverijen
ISBN: 9789025369439
256 pagina's
Prijs: € 22,50

Meer van Machiel Jansen:

26 februari 2014

Zoutloze wansmaak

Over 'En dan komen de foto's' van A.H.J. Dautzenberg
29 januari 2014

Parallellen met een hoofdpersoon 

Over 'Te veel geluk' van Alice Munro

Recent

17 augustus 2017

Gedichten die op afstand blijven maar ook weten te ontroeren

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník
7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist