Afkortingen, ik vind ze vreselijk. De onstuitbare zegetocht van het Engelse idioom in berichten vind ik al irritant genoeg, maar het ergste zijn gehanteerde acroniemen als YOLO, FOMO, BFF en OMG. En een stapelacroniem als Vrijmibo is ronduit belachelijk. Evenals Nanowrimo, de afkorting van ‘National novel writing month’, waarbij het de bedoeling is dat je in één maand 50.000 woorden schrijft. Dat zal nog een hele klus worden voor de mensen die vinden dat de titel van de wedstrijd al te veel woorden bevat om voluit te schrijven. En de vrouw in de trein die luid en uitvoerig haar seksleven besprak en haar keuze van anticonceptie, en toen van haar vriendin te horen kreeg dat het TMI was, op z’n Engels uitgesproken. Die afkorting moest ik thuis opzoeken: Too Much Information. Dat was ook erg. 

Afkortingen zijn een belediging voor de taal. Ze suggereren dat de gebruiker de taal niet belangrijk genoeg vindt om woorden en begrippen voluit te schrijven. Bovendien geeft hij daarmee aan dat hij jou als lezer ook niet de moeite waard vindt om tijd en aandacht aan te spenderen. Je moet maar raden wat er staat. Zoek het zelf maar uit, zegt de afkorting.
In het nieuwe nummer van het tijdschrift Onze Taal staat een mooi artikel van Ande Cremers,  getiteld: Een ‘bopla met biba’s’ (borrelplank met bitterballen), met een aantal frappante voorbeelden van ‘afkogebruik’ onder bepaalde groepen studenten. Wie het niet begrijpt, hoort er niet bij. Alsof ze lid zijn van de ‘Jopopinoloukicoclub’ van Joop ter Heul, over wie Cissy van Marxveldt schreef. 

Afkortingen in literatuur of poëzie waren tot voor kort ondenkbaar. Nu worden er zogenaamde sms-gedichten geschreven, met afkortingen en emoji’s, omdat ze niet meer dan 160 tekens mogen bevatten, spaties en leestekens inbegrepen. Je leest ze alsof je een rebus oplost, maar een hoog literair gehalte is dan ook geen vereiste. Een voorbeeld van een gedicht met afkortingen dat ik wel mooi vind, omdat de afkortingen deel uitmaken van het creatieve eindrijm, is ‘De wilde kamelenman’ van Bibi Dumon Tak, dat als een zuinige contactadvertentie geschreven is, brieven onder nummer en betalen per woord:

Wilde kamelenman, alleenstaand,
zkt. kennismaking met vr.
6 jr.
kinderen geen bezwr.
Sterk. Zeer trouw.
Flex. Kan tegen hitte (+50 °C.)
en extr. kou (-40 °C.)
Komt uit Mongolië, Gobi wstn.
Chinese uit Lop Nur geen probl.
Mag ook hele harem zijn.
Tam niet gewenst,
(want te veel vermenst).
Ben jij, of zijn jullie, de ware(n)?
Laat dan een boodschap achter in het zand.
We zijn nog maar met duizend,
het is zo stil en leeg hier
en mijn ♥ staat al te lang in brand.

Afkortingen leveren tijdwinst op, wordt beweerd. Steeds vaker worden daarom ook de punten tussen de letters weggelaten: mvg, aub, dwz. Alsof je uren kwijt zou zijn aan het voluit schrijven van die woorden; mijn ergernis over die afkortingen duurt veel langer. En dan: wat doen mensen die ‘ffw88’ schrijven met al die gewonnen tijd? 

 

 

Uit: Bibi Dumon Tak, Laat een boodschap achter in het zand (2018)


Hettie Marzak is poëzierecensent en schrijft maandelijks een column voor Literair Nederland.

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Hettie Marzak: