175 Zoekresultaten voor: Inge Meijer

27 december 2018

Uit het archief - column Inge Meijer en Godenslaap Erwin Mortier

door Hans Muiderman

Vlak voordat ze de deur uitgaat naar het ziekenhuis om een vriendin mentaal te ondersteunen, grist columniste Inge Meijer het boek Job (1930) van Joseph Roth uit de boekenkast. ‘Om het wachten wat te helpen,’ schrijft ze.

Het boek vergezelt haar die dag en ze leest al wachtend over de hoofdpersoon Mendel Singer, ‘die wordt voortdurend door zijn vrouw op zijn kop gezeten. De liefde tussen hen was zo koud geworden als de winters in die tijd.’ Ook las Inge Meijer De Radetzkymars (1932) van Roth, het stond in de boekenkast van haar vader en was sinds een jaar of tien in haar bezit.

Lees meer
6 mei 2018

Inge Meijer

Inge Meijer is een pseudoniem. Ze schrijft columns over boeken als steunpilaren en over ontdekkingen in de marges van de literatuur.

Lees meer
11 oktober 2019
 – Column

Stokkermat

Er zijn werkmannen in huis, jongens nog. Het huis een open veld waar de wind vrij spel heeft. Ze ontmantelen een rookkanaal dat van beneden door twee verdiepingen omhoog door het dak naar buiten gaat. Daarvoor worden inloopkasten deels afgebroken en is op zolder, door ontbrekende dakpannen een gat naar de hemel ontstaan. Ik trek me terug in het enige kamertje van het huis waar de werkmannen, jongens nog, niets te zoeken hebben. Ik hoor ze roffelend de trappen afgaan, wat klinkt alsof het huis op instorten staat en ze zich het vege lijf moeten redden. Ik hoor ze roepen vanaf het dak naar de straatkant, ‘Hee, heb je de stokkermat geladen?' 'Wat?’. Ik hoor een Arabische beat vanaf de bovenverdieping het huis instromen en duik in het proza van Clarice Lispector.

Lees meer
29 september 2019
 – Column

Trucs

Ik zit in het hoofd van een drieënzestigjarige man die in de nabije toekomst leeft. Er zijn robots op dienstverlenende plekken en iedereen heeft een basisinkomen waardoor het leven nogal eentonig lijkt. De man wordt nergens verwacht. Zijn moeder, die hij twintig jaar wekelijks bezocht, is op honderdjarige leeftijd overleden. Dan komt een oude bekende hem ophalen, waarheen het gaat is voor de man niet duidelijk. Het regent vaak en de man heeft zijn emoties goed onder controle. Ook denkt hij vaak: 'Ik ging niet met hem in discussie hierover!' Alles blijft op afstand. Wat aanzet tot een verlangen naar empathische verhoudingen, naar contactmomenten.
In lees een ander boek over  een liefdesrelatie die na twintig jaar door de vrouw verbroken wordt.

Lees meer
22 september 2019
 – Column

Touwfiguur

Terwijl de avonden kouder werden en ik de houtkachel vanwege het stikstof quotum niet durfde aan te steken, bleken we ineens in het grootste drugsland van Europa te wonen. Bekentenissen dat de regering de criminaliteit niet meer in de hand heeft volgden. Al decennia lang was het goed mis. Het was alsof je ouders, die jarenlang deden alsof ze de wijsheid in pacht hadden, opeens bekenden dat ze ook maar wat deden. Zo stal Prometheus ooit het vuur van de Olympische goden om het aan de mensen te geven. Hij wist niet wat ie deed. Daarna kon de vooruitgang beginnen. Metaalbewerken werd de aanzet tot  de huidige wapenwedloop en door deze Robin Hood-achtige goedheid van Prometheus zit ik nu met een dilemma.

Lees meer
16 september 2019
 – Column

Tuinfeest

De Hongaarse schrijver György Konrád is vorige week op 86 jarige leeftijd overleden. In 1989 hoorde ik voor het eerst van deze schrijver door de vierdelige interviewserie Nauwgezet en Wanhopig. Wim Kayzer had het lef vier grote schrijvers uit de wereldliteratuur langdurig te interviewen, waaronder György Konrád en Gabriel Garcia Marquez, met als doel de menselijke geschiedenis van de twintigste eeuw in beeld te brengen. Marquez zegde op zeker punt zijn medewerking op. Hij beleefde het dagenlange interviewen als een marteling, hij had al meer losgelaten dan in alle interviews die hij ooit gegeven had. Het was genoeg. Wie de aflevering terugkijkt, hoort een prachtige literaire weergave van persoonlijke herinneringen. Van Konrád las ik later de roman Tuinfeest. 

Lees meer
4 september 2019
 – Column

Lanterfanten

Het liefst lanterfanter ik mijn dagen door. Beetje bramen en appels plukken, taart bakken, boek lezen aan de keukentafel, jampotjes vullen, pakketje aannemen bij deur, koffie zetten, later een wijntje. Dagen die ik graag afwissel met gewoon een dag in bed, beetje schrijven, boek lezen (dat blijft) en dan komen er gedachten los. Over het nut der schijnbare nutteloosheid deze keer. In het aprilnummer van Het Liegend Konijn wijst Jozef Deleu, de bezorger van, ja, ik kan niet anders zeggen, het meest onvolprezen poëzietijdschrift, ons op het nut van de nutteloze kunsten. Bezigheden die economisch gezien niets opleveren en derhalve nutteloos zijn. Deleu schrijft dat in een tijd waarin alles wordt afgewogen, kunst in de marge van de maatschappij wordt bedreven. Dat dichters (goddank!) er in blijven geloven ‘dat in de orde van de levende wezens de mens de nutteloze dingen, zoals het schrijven van gedichten en het maken van kunst, moet blijven doen.'

Lees meer
28 augustus 2019
 – Column

Meesterlijk

We zitten in de tuin. De hemel kleurt roze, gekoelde wijn veroorzaakt druppels condens aan de buitenkant van het glas die op onze kleren druppen telkens wanneer we een slok nemen. We nemen het er van. Ik ga voorlezen. Verhalen van Thomas Verbogt die, zo blijkt, niet allemaal met droge ogen tot een goed eind gebracht kunnen worden. Ik heb ze al gelezen, ze onderzocht, me ermee vermaakt maar nu, bij het hardop lezen komt het slapstickachtige van sommige verhalen pas goed naar voren. In het verhaal ‘Uitslapen’, waarbij de schrijver, jawel, tracht uit te slapen, kom ik bij de passage waarin alles samenkomt.
Terwijl de uitslaper nergens aan wil denken dat het uitslapen kan verhinderen, hoort hij de vuilniswagen. Denkt aan twee vuilniszakken, die in de gang staan. Hij schiet zijn bed uit, kamerjas aan en op blote voeten haast hij zich met vuilniszakken naar buiten.

Lees meer
8 augustus 2019
 – Column

Beloved Toni Morrison

Er zijn van die literaire boegbeelden waarvan je denkt dat ze nooit zullen verdwijnen. Toni Morrison, die maandag op 88-jarige leeftijd overleed, was zo iemand. In haar jeugd voelde ze zich totaal niet aangesproken door de boeken van de in die tijd als belangrijk geldende zwarte schrijvers als James Baldwin en Richard Wright. Die schreven volgens Morrison verhalen met een wit lezerspubliek in gedachten. ‘Ze gingen over mij, en waren geschreven door iemand als ik, maar de stem was bedoeld voor andere oren.’ Zo voelde dat, liet ze tien jaar geleden in een interview met Hans Bouman weten. Ze besloot zelf  te gaan schrijven. Verhalen met zwarte jonge vrouwen in de hoofdrol, de witte figurerend op de achtergrond. De rol van de vrouw van de slavenhouder op Sweet Home in Beloved, mevrouw Garner, is dan ook verwaarloosbaar.

Lees meer
1 augustus 2019
 – Column

Bijproducten

Een stukje schrijven kan opeens a hell of a job zijn. Ik heb niet te klagen, maar schrijvers die wekelijks meerdere stukjes schrijven, met een deadline, zullen dit beamen. De kronkels in je hoofd, de beelden op je netvlies omzetten in woorden die het moeten doen. Hoe dichter de deadline nadert, hoe minder de schrijver zichzelf is. De blik vertroebelt, er wordt naar buiten gekeken maar niets gezien, de geest is traag, verworden tot een marshmallow-achtige substantie waarin wordt gedregd naar iets zinnigs. De onrust dwingt tot lopen, van beneden naar boven, raam open, raam dicht. Er worden boeken uit de kast getrokken, naar een passende pen gezocht die dit stukje kan helpen schrijven.

Lees meer
21 juli 2019
 – Column

Suikerfabrieksterrein

In mijn gedachten is alles mogelijk en slapen in een tot jeugdhostel verbouwde container leek me een mogelijkheid. Het is de werkelijkheid waarover ik meestal struikel. Ik boekte twee overnachtingen voor Mijn lief en mij. Het hostel lag op tien minuten fietsen van het centrum van Groningen en de prijs was zeer billijk. Groningen heeft een Puddingfabriek en een Suikerfabriek, de een produceerde pudding, de ander suiker. Zo eenvoudig kan het zijn. Nu bieden ze plaats aan festivals en is er een hostel op het Suikerfabrieksterrein. De openingsavond van het poëziefestival Dichters in de Prinsentuin vond plaats in de Puddingfabriek, het dagprogramma in de Prinsentuin.

Lees meer
9 juli 2019
 – Column

Tussenman

Dimitri Verhulst schreef over de verhouding van een eenzame man met een jonge weduwe. Het speelt aan een groot meer. Dat het in Zweden is, hoorde ik in een interview met de schrijver, die ooit voor de liefde daarheen verhuisde. De liefde ging, de schrijver bleef, tot hij  weer naar België verhuisde, naar Gent om precies te zijn. De schrijver wisselt, net als de Mattis in zijn roman even vaak van geliefde als van woonstee. De schrijver en Mattis kruisen elkaars paden in De pruimenpluk, een tedere roman over je terugtrekken uit de wereld. En waarin eenzaamheid het denken over vergankelijkheid aanspoort.

Jeroen Brouwers is niet ver weg in deze roman. Het allenig leven in het blauwe huis aan het meer, roept de sfeer op van huize Krekelbos te Rijmenan,

 

Lees meer