BUNKER HILL 30 – De dichter is een koe

– Wie zijn in de ogen van de collega's de belangrijkste dichters van de twintigste eeuw?
– En wie de grootste talenten van dit moment?
– Welke dichter moet definitief van zijn voetstuk?
– Wat is de (zuurste) kritiek op de poëziekritiek?
– Loont het om als dichter elke dag een paar minuten te oefenen in het leven van de lucht?
– En hoe is het toch met Hans Faverey?

De enquête werd gehouden door Martijn Mertens en Caroline Mulder. Daarnaast droeg een keurcorps van achttien inzenders een gedicht bij – van Menno Wigman tot Tjitske Mussche en van debutant Eus tot grand old man L. Th. Lehmann. Hans Sleutelaar wijdde zich aan een pleidooi voor het rijm. Rutger H. Cornets de Groot buigt zich in de eerste van een nieuwe reeks poëzienotities over een gedicht van Arjen Duinker.

En in het uitgebreide interview dat de kersverse Bunker Hill-redacteur Alfred Schaffer voor de vaste rubriek Schrijversvertrekken met hem afnam, vat H.H. ter Balkt dit nummer kernachtig samen: 'Poëzie is geen puin, poëzie leeft. Poëzie is geest!'

Word nu abonnee van Bunker Hill voor slechts 18 euro per jaar (4 nummers) en ontvang een nummer gratis. Zie

Recent

1 augustus 2018

Blokken op Blokken

Literair Nederland - 10 jaar geleden

03 oktober 2008

Niet overtuigend maar wel sterk in het laatste deel
Recensie door Menno Hartman

Coen Peppelenbos debuteerde onlangs met de roman Victorie, een roman in drie delen. In het eerste deel wordt Merijn – broer van de hoofdpersoon – gevolgd nadat bekend is geworden dat de hoofdpersoon, Victor, dood is.

Het tweede deel van de roman gaat over Sarah. We volgen er de gedachten van een leraar Engels, die in zijn huis dit meisje vasthoudt, het vriendinnetje van Merijn en waarin duidelijk wordt dat deze Ten Haaf, Merijn gedood heeft door een grote steen naar hem te gooien, nadat hij hem met een camera had gezien.

Lees meer