28 januari 2008

Mevrouw Couperus,Sophie Zijlstra

Maandag 2 juli 1900 vroeg in de ochtend.

Na een doorwaakte nacht, wachtend op haar man, wil Elisabeth Baud-Couperus uit haar stoel opstaan als hij eindelijk thuiskomt. Dan blijkt dat ze niet meer kan lopen…

Hiermee begint het schitterende verhaal over mevrouw Couperus, een zeer intelligente vrouw. Zoals gebruikelijk in die tijd wordt haar verlamming, na allerlei onderzoeken, gezien als een 'hysterische aandoening'. Uiteindelijk besluit ze naar dokter Bende te gaan, een arts die vrij nieuwe methodes toepast om mensen te genezen, te weten… hypnose en suggestie.

De hoofdstukken geven afwisselend de notities weer van hetgeen dokter Bende te horen krijgt als Elisabeth onder hypnose is en de gedachten van Elisabeth zelf als zij thuis is….

"Dit is het laatste station: hypnose. Er zijn nieuwe inzichten die stellen dat fysieke kwalen veroorzaakt kunnen worden door de ziel. We hebben een lichaam en een ziel. Het ene is even belangrijk als het andere. Een mens is een optelsom van beide en niet slechts een verlengstuk van het lichaam. De ziel is aan de beurt om mee te experimenteren, nu het lichaam zijn grootste geheimen heeft blootgegeven. Artsen verdringen zich om het landschap van de ziel in kaart te brengen. Hysterische vrouwen mogen zich in de buitengewone belangstelling van artsen verheugen. Hun landschap moet zo grillig, ongenaakbaar en angstaanjagend zijn dat men het graag ontdekt."

Middels deze afwisseling in perspectief ontvouwt zich langzamerhand het verhaal vanaf de gezamenlijke jeugd met Couperus tot en met hun huwelijk.

Elisabeth is zijn 'secretaresse', zij schrijft zijn manuscripten in het net, onderhoudt de contacten en is de drijvende kracht achter Couperus. Door haar verlamming kan zij niet meer voor hem werken. In de in het boek gepubliceerde brieven aan zijn uitgever maakt Couperus duidelijk dat zijn vrouw 'niet wel' is. Elisabeth zelf is erg met haar innerlijke strijd bezig, ze heeft repeterende dromen over een stenen trap van drie treden, maar komt er niet achter wat die droom betekent.

Onder hypnose blijft Elisabeth zichzelf herhalen en dokter Bende besluit tot een andere aanpak, hij neemt haar mee naar het sombere huis in Baarn waar zij met haar grootouders woonde, daar vertelt zij over haar jeugd in Batavia. Zij en Couperus speelden vaak samen, ze vertelt over de starre opvoeding in het grauwe, donkere Nederland, wat het verschil is in het ervaren van en het leven in de twee landen.

Langzamerhand krijgt ze vertrouwen in de arts en op een dag vraagt ze hem waarom hij niet naar haar man vraagt.

Dokter, als u mij zou vragen: Vertel eens iets over je man, over je huwelijk, over je leven samen, dan zou ik het volgende zeggen: Er is niets wat ons bindt dan het goud van de trouwringen die wij dragen, dan de inkt van de huwelijksakte die wij ondertekend hebben, dan de maaltijd die wij gebruiken.[…]

"Hij had mij nodig dacht ik. We besloten te trouwen. Ik voelde, dacht te voelen, dat zijn emoties net zo sterk waren als de mijne.[…] We waren anders dan andere verloofde mensen[…] Maar anders waren wij beter, dacht ik, vond ik. […] Het was een luchtkasteel, dokter."

Couperus kan haar de liefde niet geven die zij verlangt.

"Het is deze vrouw, dokter, die op een dag niet meer kan lopen…[…] Er is geen liefde of passie in háár leven, want zij heeft alles geofferd voor de illusie die ontstaan is toen zij jong was, kwetsbaar… […]

De gesprekken leiden tot een climax die ontluisterend en bevrijdend is, eindelijk is haar droom over de trap verklaard.

Wat het verhaal zo bijzonder maakt is dat de gesprekken zo ongelofelijk boeiend zijn. Tevens leveren ze een tijdsbeeld op wat betreft de psychiatrie. Freud was net 'ontdekt', zijn methodes (o.a. Traumdeutung) werden voorzichtig toegepast. Het onderbewuste werd belangrijk. De schrijfster heeft heel knap het begin van de psychoanalyse en het leven van Elisabeth Couperus door elkaar weten te vlechten. Het resultaat is een adembenemend en indrukwekkend verhaal waarbij je niets anders dan respect kan voelen voor mevrouw Couperus én de schrijfster die zeer gedegen onderzoek heeft gedaan naar het leven van Elisabeth Baud-Couperus.

Een schitterend debuut, onbegrijpelijk dat dit boek niet de shortlist voor de debutantenprijs heeft gehaald.

ISBN 9789025422899, paperback, 186 pagina's, uitgeverij Contact september 2007

© Bernadet

Meer van :

17 augustus 2017

Gedichten die op afstand blijven maar ook weten te ontroeren

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník

Recent

7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist
2 augustus 2017

Jannie Regnerus gebruikt geen woord te veel

Over 'Nachtschrijver' van Jannie Regnerus
31 juli 2017

Het gitzwarte leven

Over 'Noordwaarts' van Naomi Rebekka Boekwijt
28 juli 2017

Het lot van een niet-joodse jood

Over 'Buster Kafka' van Martin Schouten

Verwant