14 november 2005

W.F. Hermans, een Hollander in Parijs – Ad Fransen

Twee steden in het leven van Willem Frederik Hermans

Met de verschijning van het eerste deel van het Verzameld Werk van de in 1995 overleden auteur W.F. Hermans, verschenen ook twee satellietuitgaven die voor elke Hermansfan een must zijn. Ad Fransen beschreef de Parijse jaren van de auteur en Bob Polak schreef een literaire wandeling door de stad waar Hermans zat voordat hij naar Frankrijk vertrok: het door hem gehate Groningen.
Welke gek gaat er nu in de voetsporen lopen van een auteur? Nou, ik. Lubberhuizen gaf al eerder prachtige boekjes uit in dezelfde reeks over bijvoorbeeld Couperus en Bordewijk (in Den Haag) en A.F.Th. van der Heijden (in Amsterdam) en Groningen mocht natuurlijk niet ontbreken. In deze stad doceerde Hermans aan de universiteit totdat hij in 1973 na jarenlange slepende conflicten met collega’s en studenten die zelfs tot kamervragen hadden geleid, zijn biezen pakte en afreisde naar Parijs, een beslissing waarin hij zijn vrouw, volgens het boek van Fransen, nauwelijks kende.
Vanaf 1952 woonde Hermans echter in Groningen en dat beviel hem slecht. Het literaire leven speelde zich elders af en in zijn baan aan de universiteit kwam hij niet veel verder. Hij promoveerde er wel, maar schopte het nooit tot professor. De jaren die hij in het noorden sleet zou hij later in de prachtige sleutelromans Onder professoren en Uit talloos veel miljoenen verwerken.
Als Groninger kende ik natuurlijk al veel plaatsen uit het leven van Hermans. Zo wijs ik bezoekers met enige literaire bagage altijd op de woning Spilsluizen/ hoek Ossenmarkt waar Hermans gewoond heeft voordat hij naar Haren vertrok. Bob Polak duidt echter alle plekken in Groningen aan de hand van romanfragmenten, brieven en documenten van anderen. Tot die anderen behoort ook een student die college volgde van Hermans. Niet erg inspirerende colleges. Hermans heeft geen contact met de studenten, spreekt drie kwartier, houdt een pauze en gaat dan weer drie kwartier verder met het voorlezen van zijn collegedictaat: ‘Exact na het tweede drie kwartier sluit hij zijn dictaat nadat hij een aantekening heeft gemaakt waar hij is opgehouden. Hij loopt tussen de eerste rijen studenten door naar de deur midden in de collegezaal en gaat naar buiten. De Morgan is gestart en vertrekt weer naar Haren, nog voordat de helft van de studenten de zaal uit is.’
In Parijs, zijn zelfgekozen ballingsoord, gedraagt hij zich bijzonder wrokkig en rancuneus tegenover Nederland en in het bijzonder Groningen. Ad Fransen bundelde de stukken over Hermans in Parijs die eerst in HP/De Tijd stonden en geeft niet direct een hagiografisch portret van de auteur. Integendeel zelfs. Hermans die doet alsof hij de eerste jaren erg gelukkig is in Parijs, lijkt daar zelfs langzaamaan te vereenzamen. Hij spreekt met bijna niemand, zeker niet op straat, heeft geen omgang met Franse schrijvers, heeft een woordenschat die uit de negentiende-eeuwse romans stamt en raakt verwikkeld in kwesties die veel van zijn energie vergen zoals de affaire Weinreb die blijft doorzeuren.
Opvallend is dat zijn journalistieke werk er beter op wordt, maar zijn literaire werk absoluut niet. De romans die hij in Parijs schreef zijn veel minder dan de grote literaire werken daarvoor maakte. Ondanks zijn regelmatige opmerkingen dat Nederland veel slechter was dan Frankrijk (behalve de tandarts dan, want daarvoor reisde hij telkens terug naar Amsterdam, maar dat hield hij heimelijk voor zich) was hij voornamelijk een man zonder vrienden in een grote capitool waar men zijn werk niet las. De lijst van kleinzerigheden die Fransen opnoemt in zijn roman lijkt onuitputtelijk: oude vrienden die hij afstootte, vertalingen die hij verwierp, de hoge geldeisen die hij stelde aan interviews, het maakt hermans tot een tragische man. Als belangrijkste drijfveren voor zijn schrijversschap noemt Fransen: ‘afgunst, rancune, verongelijktheid en een geldobsessie.’
Het boek van Fransen is een genadeloos portret. Hermans wordt weer iets vriendelijker als hij besluit opnieuw te verhuizen (nadat hij een bijna was vermoord door een gek die met een bijl zijn huis binnenstapte) naar Brussel. Maar dat is weer een andere periode (zie de boeken die Freddy de Vree en Jeroen Brouwers daarover geschreven hebben).
Nu zou ik als enige wens nog hebben: een literaire wandelgids door het Parijs van Hermans.

Coen Peppelenbos

W.F. Hermans, een Hollander in Parijs.
Ad Fransen
175 blz.
€17,50
Uitgegeven door Podium

In Groningen was ik van ellende doodgegaan
Bob Polak
88 blz.
€13,50
Uitgeverij Bas Lubberhuizen

Meer van :

17 augustus 2017

Gedichten die op afstand blijven maar ook weten te ontroeren

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník

Recent

7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist
2 augustus 2017

Jannie Regnerus gebruikt geen woord te veel

Over 'Nachtschrijver' van Jannie Regnerus
31 juli 2017

Het gitzwarte leven

Over 'Noordwaarts' van Naomi Rebekka Boekwijt
28 juli 2017

Het lot van een niet-joodse jood

Over 'Buster Kafka' van Martin Schouten

Verwant