1 augustus 2005

De ongelukkige en grootmoedige liefde van Benedita

Naam: Janneke  Datum: 18-7-2005 10:50:00Een vermakelijk geschreven boek(je, 123 blz) wat doet denken aan Gabriel Garcia Márquez.

Naam: Janneke  Datum: 18-7-2005 10:50:00

Een vermakelijk geschreven boek(je, 123 blz) wat doet denken aan Gabriel Garcia Márquez.

Voor de kust van Brazilië ligt het eiland Itaparica dat volgens de schrijver zijn weerga niet kent in de wereld. “De lucht van het eiland vult de borst met kracht, tenminste als je een echte borst hebt en je openstelt voor de wereld. Lui die geen echte borst hebben en zich niet openstellen voor de wereld voelen niets en gaan dan ook weg, of liever het eiland spuwt ze uit. (…) De alleroudsten verzekeren dat de rij zielen die wachten op hun wedergeboorte op het eiland zich uitstrekt van het ene eind van de hemel tot het andere (…) en dat er vaak hoogoplopende ruzies ontstaan en er een grote vraag is naar heiligenkruiwagens. Maar het is niet alleen de lucht, het drinkwater, de etensgeuren, de zeebries en de maan en de zon die het eiland zijn aantrekkingskracht geeft maar vooral zijn radioactiviteit.

 

Deze radioactiviteit zorgt dat het de neiging tot wellust, die op de zieken na, bij de grote meerderheid is ingebakken in hoge mate begunstigt.” Zelfs de devootste paters en zuster ontsnappen er niet aan en het geldt ook voor de dieren en planten op dit bijzondere eiland. Op Itaparica gaat men ondanks toedoen van “ontregelde Amerikanen” er nog steeds vanuit dat de man superieur is aan de vrouw. Toegegeven naaien en klerenwassen en nog een stuk of wat taken kunnen alleen vrouwen en nichten goed. Voor de rest is de man het hoofd, de ruggengraat de fundering, de hefboom en het commando. “Niet dat vrouwen op het eiland geen vrijheid hebben, ze doen alles wat zij willen en geen mens hoeft ze uit te leggen dat wat ze willen de grens niet mag overschrijden van wat hun man wil dat ze willen, mits die zijn plicht als man nakomt. De plicht van de man is onderhouden, goed werk in bed leveren en gerespecteerd worden door de gemeenschap. De echte eilandvrouw beschouwt het als een schande haar man op het matje te roepen als zij hoort dat hij buitenshuis spruiten kweekt. (…) Nee, zij zoekt de slet op en slaat haar, als zij daartoe in staat is, bont en blauw om haar te leren zich niet in te laten met de man van een ander”

Deze radioactieve kracht heeft in Deoclécio Pimentel wel een heel vruchtbaar terrein aangetroffen, die zelfs op Itaparica als bijzonder wordt gezien. Het aantal nakomelingen van deze man wordt geschat op zo’n tachtig, waarvan zeventien bij zijn wettige vrouw Benedita, een voortreffelijke huisvrouw, een goede moeder voor haar zeventien kinderen, waaronder een aantal met prachtig blond haar en daarnaast ook nog de godsvruchtigste vrouw die men kent. Ze gaat niet vaak de deur uit, je ziet haar alleen op de markt en in de processies. En één keer per week, of soms twee keer per week gaat zij naar Bahia om aan liefdadigheid te doen, steeds in gezelschap van Adenailde. Ze is zelfs zo grootmoedig dat al zijn onwettige kinderen hem na zijn dood de laatste eer mogen bewijzen. Maar voor het zo ver is wordt met veel humor en ironie het leven van Deoclécio Pimentel, zijn familie, vrienden en vijanden beschreven .
Al op de eerste bladzijde van het boek ligt Deoclécio Pimentel met de bijnaam Deoquina Jegue Ruço (ouwe dekhengst) dood in het bed van zijn laatste verovering. Gestorven tijdens de daad, zoals hij altijd had willen sterven.

Deoclécio Pimentel is trots op zijn vele nakomelingen en zorgt goed voor ze. Zo staat hij elke week bij slagerij Orgulhoso Talho São Roque om toezicht te houden op de vleesuitreiking aan de gezinnen die hij onderhoudt. Wanneer één van zijn buitenechtelijke kinderen zich geroepen voelt tot het priesterschap, beginnen de moeilijkheden want om toegelaten te worden tot het seminarie moet hij erkend worden als de wettelijke zoon van Deoclécio en Benedita. En hoe grootmoedig moet een vrouw zijn om hier mee in te stemmen? Als het alleen om het geboortebewijs ging was het geen enkel probleem, hij had zo zijn connecties maar het seminarie houdt echter alleen rekening met het doopsbewijs van de jongen en het huwelijksbewijs van de ouders. Het lijkt te lukken door de pastoor een smak geld te geven (voor een vals doopbewijs) en de belofte om de hoofdkerk op te knappen Instemming van Benedita krijgt hij met hulp van de verschrikkelijke, chagrijnige, tandloze en na een verloving van 22 jaar in de steek gelaten Leocádia, de oudste zuster van Benedita. Daarvoor moet hij wel aan drie voorwaarden voldoen: geld, een opknapbeurt van haar huis en zelfs een voor Deoclécio verschrikkelijke laatste voorwaarde, namelijk met haar naar bed te gaan en wel met overtuiging. Maar als dat achter de rug is komt de pastoor met nog een voorwaarde: De jongen moet grootgebracht worden in het ouderlijke huis net als een eigen zoon. Deoclécio weet niet hoe hij dit voor elkaar moet krijgen want zelfs het geduld en fatsoen van Benedita hebben toch zekere grenzen? En om twee keer met Leocádia van bil te moeten is iets waar hij van moet kokhalzen. Maar er zit niet anders op en er volgt een scène waarin Leocádia geniet van haar macht en hem alles laat beloven en doen wat zij wil.

En we krijgen ook een idee wat Benedita en Adenailde aan liefdadigheid doen in Bahia wanneer een dronken Duitse matroos op het eiland verschijnt en gearresteerd wordt voor wildplassen. “ Want het kan best zo zijn dat in Duitsland een vent naar believen in het bijzijn van dames en jongejuffrouwen mag wateren (…) maar hier zijn we niet gediend van dat zwaaien met je slinger in het openbaar’’. Terwijl hij Adenailde aankijkt en “Dorrothy errinnerstoedich” schreeuwt wordt hij afgevoerd. Adenailde, eenmaal thuis lijkt op slag stapelgek te zijn geworden en niet veel later valt ze morsdood neer. Als hij later ook Benedita ziet volgt een zelfde blik van herkenning en roept hij “Manon, Manon errinnerstoedich…”en nog veel meer koeterwaals. Maar niemand gelooft wat hij beweert. Alleen Leocádia twijfelt aan de moraal van haar zuster. Als een echte heilige verzoekt Benedita die arme dwaas, lijdend onder ijldromen en hallucinaties vrij te laten en in vrede terug te laten keren naar zijn land.

“Het is bekend dat de Itaparicaanse radioactiviteit, gekoppeld aan de voortdurende verfijning van onze geslachten, een markante invloed uitoefent op de gave van het woord en de redeneerkunst die iedere Itaparicaat bezit, cultiveert en apprecieert. Nu zullen wij niet ontkennen dat de hele deelstaat Bahia één grote graanschuur is van uitmuntende dichters, prozaschrijvers en redenaars, maar wat in andere delen een fenomeen is, is op Itaparcia volkomen allerdaags”
João Ubaldo Ribeiro had er geboren kunnen zijn.

De ongelukkige en grootmoedige liefde van Benedita
J. Ubaldo Ribeiro
Vert. uit het Portugees Harrie Lemmens
2005
De Bezige Bij

De ongelukkige en grootmoedige liefde van Benedita
ISBN: 9789023417156

Meer van :

18 oktober 2017

‘Een luchtig sprookje’

Over 'Waterscheerling' van Rascha Peper
17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit
16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken

Recent

13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt
11 oktober 2017

De stijl tekent de man

Over 'Mijn grote appartement' van Christian Oster
10 oktober 2017

Eindeloos gepieker

Over 'Parttime astronaut' van Renée van Marissing

Verwant