7 maart 2005

Als het dichtklapt, Roland Jooris

Als het dichtklapt

Dit opnieuw te spellen
uit te spreken, dit
uit krampachtigheid vandaan
naar vingers grijpen, taal-
springen, klankstoten,
letterlallen, dit likkende
liplezende, hortende
dit allereerste
onverstaanbaar hulpeloze, dit
stameldichtende dat opgekropt
stampt in het gedicht: een hunkering
naar de zeggingskracht van
goesting in gezoogde
taal

(‘Moedertalig’ in , Roland Jooris)

De 48 pagina’s in Roland Jooris’ nieuwste bundel herbergen amper 28 gedichten.

Maar dat is dan ook de enige reden om over het ‘boekje’ van de week te spreken. Roland Jooris is in de loop van zijn, intussen bijna vijftigjarig, dichterschap geëvolueerd van een eerst experimentele poëzie, via een expliciete neorealistische poëzie, naar een op het woord gerichte, lyrische poëzie. Die evolutie heeft zich in tal van accentverschuivingen doorgezet, maar heeft een groot deel van de dichterlijke identiteit onaangetast gelaten. Nog steeds put hij zijn gedichten uit de complexe, gelaagde verhoudingen tussen werkelijkheid, taal en verbeelding, en nog steeds maken de beeldende kunsten en de muziek een groot deel uit van zijn poëtische thematiek. Maar hij dicht niet langer in de alledaagsheid met als doel een zo helder mogelijke weergave van de (minimale) werkelijkheid: hij richt zich op de zoektocht naar het woord, de op de essentie gerichte taal.

Een mooi voorbeeld van die taalgerichtheid vind je in ‘Moedertalig’, een gedicht uit de afdeling ‘Handschrift’. Het onverstaanbaar hulpeloze, het stameldichtende dat hortend, opgekropt en binnensmonds aanwezig is in het gedicht, is de taal zelf. De dichter beschrijft de zoektocht naar het woord en de in het woord gevatte essentie, de zoektocht naar de zeggingskracht van ‘goesting’ ? onlangs in Vlaanderen nog verkozen als mooiste woord van de Nederlandse taal. Het schrijfproces van de dichter is getekend door een eindeloos vervangen, verwisselen, herdenken en verschuiven, om zo tot verwoording te komen, tot een taal die uit de grond en het lichaam van de dichter zelf komt.

Dat procédé van het voortdurend schrappen, krassen, aanpassen moet de dingen in hun essentie, hun taal vatten. In ‘Snijwerk’, de tweede afdeling van de bundel, verwoordt Roland Jooris het z ‘(…) de dingen / zijn zichzelf, ze / staan voor niets / dan taal, hun raadsel / is verheldering die zich / met dichtheid vult’. In ‘Klei’, uit de afdeling ‘Nagalm’, klinkt het: ‘(…) Noem het verminderen / tot men de schepping / in het nietige als herboren / voelt’.

De vier gedichten in ‘Snijwerk’ verschenen eerder in een bibliofiele uitgave met gekleurde houtsneden van Noël Drieghe; in de afdeling ‘Nagalm’ bundelt Roland Jooris enkele gedichten die hij in Poëziekrant al publiceerde bij foto’s van Kristof Ghyselinck; en drie gedichten uit ‘Onderdak’ werden geschreven bij tekeningen van Karel Dierickx. Roland Jooris’ fascinatie voor de beeldende kunsten is de fascinatie die hem brengt tot het schrijven van poëzie: de representatie van een werkelijkheid, de interpretatie en persoonlijke beleving daarvan zijn sterk aanwezig in zijn gedichten. In ‘Doos’, uit de afdeling ‘Nabij’, worden de dingen opgeroepen, zijn ze meer aanwezig dan in de alledaagse werkelijkheid: ‘Ingeblikte lucht / van snuifgeurblauw / vervliegen: beneveld / inhoud zijn verruiming / in het verstuiven van / de leegte / vindt’. Nog krachtiger is het tweedelige gedicht ‘Boven’, in de afdeling ‘Kamermuziek’. Daarin zoekt iemand een nest om zijn hand in te schuilen, in de hoop daar een broedplaats te vinden voor ‘het nog te schrijven ei’. Dit zijn de verbeelding, de werkelijkheid en de taal die zozeer op elkaar ingrijpen dat de onontwarbaarheid tot iets nieuws leidt. Alsof het zichtbare lijnen worden die elkaar kruisen in de naden van het gedicht.

bestaat uit 28 gedichten essentie, 28 bladzijden Roland Jooris.

Roland Jooris

Em. Querido's Uitgeverij BV
48 pagina’s
ISBN 90 214 6809 3
€ 15,95

KS

Als het dichtklapt, Roland Jooris
ISBN: 9789021468099

Meer van :

17 augustus 2017

Gedichten die op afstand blijven maar ook weten te ontroeren

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník

Recent

7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist
2 augustus 2017

Jannie Regnerus gebruikt geen woord te veel

Over 'Nachtschrijver' van Jannie Regnerus
31 juli 2017

Het gitzwarte leven

Over 'Noordwaarts' van Naomi Rebekka Boekwijt
28 juli 2017

Het lot van een niet-joodse jood

Over 'Buster Kafka' van Martin Schouten

Verwant