28 juni 2004

Die dag aan zee van Peter van Gestel

“Mijn broer Cham verdronk terwijl ik lag te slapen. Dat gebeurde voor de grote vakantie. Na weken van storm en regen was het de eerste mooie zomerdag. Ik was twaalf, hij zeventien. Pas ‘s avonds wierp de zee Cham zijn dode lichaam op het strand.”

Met deze mededeling begint Die dag aan zee. Sip is aan het woord. Ze vertelt van haar leven tot op die dag, van de gebeurtenissen op de dag zelf en in de maand erna, als Cham er niet meer is. Ze probeert te begrijpen wat er gebeurd is. Hadden ze het kunnen zien aankomen, kunnen voorkomen? Wilde Cham dood? Was het een ongeluk? Met die vragen blijven Sip, haar vader en haar moeder achter. En ondertussen kunnen ze niet met elkaar praten, drijven ze verder uit elkaar of slaan op de vlucht.

“‘Vond je het niet erg dat Cham dood was?’ vroeg ik zacht.
‘Een landschap zonder tijd,’ zei pa, ‘als je dat zegt is het dwaas, je kunt het alleen schilderen.’
Hij keek nu naar me.
‘Wat zei je?’ zei hij.
‘Cham,’ zei ik.”

Die dag aan zee is het verhaal van de liefde van een zusje voor haar eigenaardige en wilde oudere broer, maar ook van een familie met een naar binnen gekeerde kunstenaar als vader, een moeder die vooral oog voor haar man heeft en van kinderen die hunkeren naar liefde en aandacht van hun onbenaderbare vader.

Die dag aan zee is een kinderboek. De regels voor kinderboeken zijn grofweg als volgt: Het boek is geschreven vanuit het perspectief van een kind, het verhaal wordt verteld in duidelijke en eenvoudige taal, er worden geen al te gruwelijke dingen in beschreven en het einde is zo niet geruststellend, dan toch tenminste hoopvol.

Peter van Gestel houdt zich in Die dag aan zee (2003) alleen zonder meer aan de eerste regel. Het verhaal wordt verteld door de ogen van Sip, een twaalfjarig meisje. De andere regels weet Van Gestel zo’n beetje te omzeilen. Zonder in verheven taalgebruik te vervallen, roept Van Gestel – vooral door dingen weg te laten en niet te verklaren – een dromerige en tegelijk grimmige sfeer op. Het verhaal begint met de dood van Cham, maar de toon is weerbarstig, zonder sentiment, maar ook zonder overdadig realistische details. Van Gestel vermijdt daarmee zowel Alleen-op-de-wereld-drama als ook het hoe-gruwelijker-hoe-beter van sommige boeken voor volwassenen. Het verhaal kent geen hoopvol einde. Cham blijft even dood als aan het begin, Sips vader leeft nog steeds in zijn eigen wereldje en Sips moeder is het huis tijdelijk ontvlucht. Nadat Sip gehoord heeft hoe haar vader Cham destijds gevonden heeft, besluit ze enigszins cynisch met:

“Cham was weg, ik was alleen met pa. Op het strand had pa Cham eindelijk gekust. Ik moest er de hele tijd aan denken. Van alles maken we tenslotte een mooi verhaal.”

Kinderboeken zijn te vaak óf boeken om in te vluchten óf boeken waarin de realistische boodschap de vorm overschaduwt. Een bekende uitzondering hierop zijn natuurlijk de boeken van Guus Kuijer, al is zijn toon vele malen lichter dan die van Van Gestel. Waar we van Kuijer mogen grinniken, is Van Gestels humor voornamelijk wrang en maakt het zijn verhalen doorgaans alleen maar grimmiger. En van al zijn boeken is Die dag aan zee zijn grimmigste, maar ook zijn meest poëtische en ontroerende boek. Niet alleen vanwege de beschrijving van de drinkende Cham, clown, losbol, zwerver, die uit liefde voor de zee zijn hoed voor haar afneemt, haar het hof maakt als een vrouw, al honderd jaar niet geslapen heeft en die keer op keer tevergeefs door zijn gedrag zijn vader tracht uit te lokken tot iets – wat dan ook. Maar ook vanwege de beschrijving van de vader die er allemaal niks van begrijpt, niet weet hóe hij dan moet handelen en als hij het al wist, daar gewoonweg niet toe in staat is.

Peter van Gestel (Amsterdam, 1937) begon zijn carrière als acteur en dramaturg. In 1961 debuteerde hij met een bundel verhalen voor volwassenen. Eind jaren zeventig begon hij op verzoek van Karel Eykman voor de jongerenkrant van Vrij Nederland jeugdverhalen te schrijven. Dat resulteerde in zijn eerste kinderboek. Hij schreef sindsdien veel bekroonde boeken, de bekendste waarvan zijn Mariken (1997) en Winterijs (2001). Op www.queridokind.nl staat een interview met Peter van Gestel naar aanleiding van het verschijnen (in 2003) van Die dag aan zee.

KP

Meer van :

20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef

Recent

14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars
13 november 2017

Een aaneenschakeling van mislukkingen?

Over 'We haten elkaar meer dan de Joden' van Els van Diggele
9 november 2017

Verlangen in vele variaties

Over 'Het raadsel van de liefde' van Andre Aciman
8 november 2017

Biografie Herman de Coninck gedicteerd door De Coninck zelf

Over 'Toen met een lijst van nu errond' van Thomas Eyskens
7 november 2017

De dreiging van het duister

Over 'Wol' van Aart Taminiau

Verwant