14 augustus 2006

De encyclopedie van de grote woorden,Mark Boog

De eenvoudigste zaken zijn de ingewikkeldste

Er verschijnt niet zoveel in de zomermaanden, maar voor Literair Nederland is de actualiteit toch al nooit het grootste goed geweest. Geen komkommertijd dus, een bundel die er al even was is altijd beter dan een krantenbericht over Egyptische ratslangen die zijn gesignaleerd in een buurtschap bezuiden het dorp Doodstil. Of zoiets.

De encyclopedie van de grote woorden van Mark Boog heeft echt niet liggen wachten tot ‘ie opgemerkt werd door een recensent van de website Literair Nederland. De bundel ontving de VSB- poëzieprijs en werd breed besproken in alle dag en weekbladen.  

Op de voorkant van de bundel staat een foto van een opstelling met miniatuurbootje en kanten tafelkleed dat met de ogen halfdicht ook een felrealistische foto van een heuse boot op volle zee zou kunnen zijn. Een paar vierkante meter dek op de woelige baren, het laatste beetje zekerheid in een allesomvattende wereld. Maar ook duidelijk zichtbaar: de kunstmatigheid ervan, het beeldkarakter, de imitatie. het kan een beeld zijn van het streven dat deze dichtbundel mogelijk weerspiegelt: via een nadrukkelijk kustmatige aanpak toch het idee geven van een werkelijke poging de grote wereld te bedwingen, of er houvast te vinden.

De encyclopedie bestaat uit 64 begrippen, lemma’s die als titel functioneren van een gedicht.  Lemma’s die als woorden  in de meeste poëzie angstvallig vermeden worden omdat het thema’s zijn. De dichter zou op een schrijfschool kunnen leren dat het principe show, don’t tell van elementair belang is – ook in de  in de poëzie. Mocht je de neiging voelen iets over liefde te berde te brengen, dan is het af te raden het woord ook werkelijk te noemen, want dan kan het gedicht niet meer in een bundel, maar kan Jan Veen het voorlezen in Candlelight. Een programma dat nog steeds ergens wordt uitgezonden.

Maar Boog doet het maar wel:

Liefde

De lucht als een blok op het land
onzichtbaar en massief.

Je gaat gekleed in de kleur van je haar,
in je ogen, je passen en je woorden.
Je bent hier en elders. Ik draag je me na

en huiver. Je bent te groot misschien,
of te dichtbij. Je onbereikbaarheid

is onvergeeflijk. Kon ik een vogel zijn –

maar de nauwkeurigheid ontbreekt me

zoals het vertrouwen. Ik kijk naar je

en huiver. Spreek me aan, want ik zwijg,
verdraag mijn wurggreep, verdraag
de onbeholpenheid, verdraag mij, liefde.

Er zit zowel iets moedigs als iets voorzichtigs in dit idee de grote woorden maar eens uit te diepen. Enerzijds weerspiegelt het een soort rederijkershoogmoed van de makkelijk wegschrijvende auteur. Tjechov die op de vraag: hoe moet je schrijven? antwoordde – een asbak omhoog houdend die toevallig in zijn buurt stond – ‘Morgen schrijf ik een verhaal dat heet ‘De asbak’. 

Boog toont dat hij het kan, gewoon een lange lijst met woorden die veel dichters trachten te vermijden, en over elk van die afgelikte clichés iets zinnigs zeggen, duidelijk maken dat je ermee om weet te gaan zonder je eraan te stoten, jezelf belachelijk te maken.  Toch is het conceptmatige van deze bundel, en daarbij komend de noodzaak je voorzichtig niet te stoten aan het probleem dat jezelf gekozen hebt in zekere zin een zwakte.

Als dit gedicht nu eens onder het lemma Liefde had gestaan:

Zie daar: ik. Voor spiegels te staan
en zo lang te kijken dat men zichzelf wordt:

een ander. Een onthutsende, broodnodige ervaring –
onze gewoonte is stuitend. Wat verbeelden wij ons?


Wij verbeelden ons dat wij weten wie we zijn.

Ik ken mij minder dan jou, jij mij meer dan jezelf.
De eenvoudigste zaken zijn de ingewikkeldste.


Ik zie liever jou, voor wie in deze spiegel altijd plaats is –

ik neem mij terug door even over tegengestelde schouders
te kijken, daarna bijna zichtbaar weer in mij te varen.

We glimlachen wee naar elkaar, dubbel.


En het gedicht Liefde onder het lemma Ik? Noch de kwaliteit van het gedicht, noch de losse poging het lemma te definiëren waren daar erg bij ingeschoten denk ik. Integendeel, het verlegt het perspectief net zo dat het interessant wordt. Lees dan bijvoorbeeld het gedicht onder Kwaad, het alsof het onder het lemma Liefde  had moeten staan, en het wordt nog veel beter.  Boog is echter op versniveau als dichter sterk genoeg om soms iets nieuws uit het verstarde lemma los te schudden. Daar staat tegenover dat een licht profetische dictie niet altijd te vermijden blijkt, en die dictie past Boog niet zo. Mark Boog is als dichter het best als hij een lichte ongemakkelijkheid kan laten doordringen in een verder niet al te schokkende wereld. ‘We laten ons veilig raken’ schrijft hij zelf veelzeggend onder het lemma Poëzie.

De bundel De encyclopedie van de grote woorden levert enige verrassende inzichten op aangaande de grote thema’s van de poëzie, het leven wellicht. Boog is wel de aangewezen dichter om grootse thema’s in het fletse licht van de nieuwbouwwijk te zetten zodat ze in dat karige decor eens iets anders van zichzelf laten zien. In het algemeen in zijn poëzie gebaat bij een wat vrijere ontstaansgrond, conceptgestuurde bundels als deze maken zijn poëzie er niet perse interessanter op.

Menno Hartman

Mark Boog, De Encyclopedie van de grote woorden Cossee, 2006

Recent

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

7 augustus 2017

Een kanjer

4 augustus 2017

Wondranden

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 augustus 2007

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Dat klinkt toch goed nietwaar? Helaas, we worden wel meegenomen maar niet naar het bovengenoemde. Natuurlijk komen deze gebieden wel voor in het boek maar het frappante is dat ik heel veel over het reizen zelf heb gelezen maar weinig over het land.

Lees meer