Deze deur is geen uitgang,S. Mehmedinovic

Semezdin Mehmedinovic
Deze deur is geen uitgang

De gedichten verzameld in Deze deur is geen uitgang komen uit twee verschillende bundels van de Bosnische schrijver Semezdin Mehmedinovic: Sarajevo Blues (1992) en Negen Alexandria’s (2002), waarin ook de reeks ‘Deze deur is geen uitgang’ is opgenomen. Mehmedinovic (1960) maakte de Bosnische oorlog van dichtbij mee in Sarajevo en vertrok meteen na het einde van de belegering in 1996 naar Washington DC. Zijn poëzie, gaande van het nog tijdens de oorlog gepubliceerde Sarajevo Blues tot de in de Verenigde Staten geschreven bundel Negen Alexandria’s, wordt gekenmerkt door een eigenzinnige, soms chaotische, maar consistente beeldspraak en een ambigue gevoelswereld die echter nooit (ongeloofwaardige) pathetiek predikt.

Al in ‘Verlies’, de opener van de bundel, legt Mehmedinovic de tweespalt bloot die hij ervaart, of misschien beter: die hij zelf construeert, om zijn eigen leed, verleden en heden de baas te kunnen. ‘Met een scherpe schaar snoeit vader op een warme aprilmiddag de dorre takken van de fruitbomen en zingt O, ik beet in een kleurige appel…’ In één beeld van zijn vader, in één zin verwoordt en verbeeldt hij de nood die hij voelt om ‘beelden van gewone vrolijkheid’ op te roepen. Uit angst voor een vernietigende melancholie, voor de herinnering (aan zijn overleden vader) die het heden kan overwoekeren, creëert de dichter een galerie aan beelden die in staat zijn een tegengif te bieden voor die altijd aanwezige ‘dreiging’. De dorheid van de oorlog wordt geconfronteerd met een blik in een verleden dat heuglijker was. Opvallend is dat de aprilmaand (de lente) niet uitnodigt tot een projectie in de toekomst maar eerder tot een terugblik: vanaf dat moment werd alles anders.

    ik was jong, wist toen nog niet
    dat de dood gewoner is dan hij schijnt
    zo gewoon
    dat woorden erover wel leugenachtig moeten klinken

Dat die vlucht in beelden een vorm van zelfbedrog inhoudt, beseft Mehmedinovic. In het bovenstaande fragment uit het gedicht ‘De wereld van gisteren’ wordt de eerbied voor de dood, het uitschakelen van dat onderwerp in een dagdagelijks, bijna banaal verband op een zeker moment omgebogen tot het besef dat de dood net gewoon is, dagdagelijks en banaal. Zoals hij het in het gedicht ‘Het lijk’ verwoordt:

    en ik voelde een wild verlangen om te lachen
    om jou

    omdat je deze plek de hel noemt
    en hiervandaan vlucht, overtuigd
    dat de dood buiten Sarajevo niet bestaat

Deze regels worden oorverdovend voorafgegaan door: ‘niets in mij is veranderd’. Een uitspraak die getuigt van het verlies van een heel referentiekader. Niets in mij is veranderd, alsof alles altijd al zo is geweest, alsof de herinnering zelf dood is. Ook een vorm van zelfbedrog, en niet steeds houdbaar. Of, opnieuw in de woorden van Mehmedinovic zelf: ‘ik een vreemdeling’.

In ‘Negen Alexandria’s’, het titelgedicht uit de gelijknamige bundel, onderneemt de dichter een reis door Noord-Amerika.

    Volgens mijn schatting, die mogelijk niet volledig is,
    Zijn er in Amerika negen steden met de naam Alexandria.
 
    […]

    Mijn reis over het continent
    Is alleen zo voorstelbaar:
    Terwijl ik van het ene Alexandria naar het andere ga
    Kom ik voortdurend aan in dezelfde stad

Steeds naar een andere stad, met steeds dezelfde aankomst. In die zin is alles bekend; ‘Dat wil zeggen: niets is nog onbekend.’ (uit ‘Mythe en tekst’) Die tweespalt tussen bekend en onbekend reflecteert de positie van Mehmedinovic zelf in zijn nieuwe land. Als een continentale nomade, een reiziger nergens en overal thuis, is hij een buitenstaander. Hij moet de geobserveerde verschillen (met zijn verleden) erkennen, zien dat hij ‘scheef op de wereld’ staat (uit ‘Voor het verdriet van het continent’) en tegelijk zichzelf thuis doen voelen, verhuizen.

In de afdeling ‘Deze deur is geen uitgang’ speelt de herinnering aan het verleden op; die ligt hier meer aan de oppervlakte van de gedichten, maar komt daar niet minder problematisch uit. Af en toe vervalt de dichter in een algeheel pessimisme, zoals in Een desolate februari-ochtend, in de kamer:

    Ik ben de wereld in gegaan om
    Mijn lichaam, verward door de angst om te verdwijnen, tot rust te
             brengen

    Maar de moed zonk me in de schoenen
                                                bij het eerste donker –
    Nu ben ik in het midden of aan het einde
                                                                 dat maakt niet uit

    van een leven dat niet eens onmisbaar was

Ook de ‘beelden van gewone vrolijkheid’ keren letterlijk terug, als tegengif voor de dreigende, alles verterende melancholie. Misschien zelfs eerder het vrolijke gewone in plaats van de gewone vrolijkheid, een soort grijsheid zonder bagage, een leven dat – op het eerste gezicht – gewoon is. Niet de natuurlijkheid die voor Mehmedinovic een synoniem is voor bekendheid en herinnering, maar het onaangeroerde, niet door de herinnering (verdrietig of vrolijk) belemmerde leven.

    […], ze was zo gewoon dat ze

    Op deze plek een wonder vertegenwoordigde
    Nooit zal ik vergeten: niet de vrouw

    Maar de manier waarop ze zich presenteerde

Deze deur is geen uitgang is een bundel die de lezer soms overvalt: de stijl van Mehmedinovic is niet altijd even herkenbaar of even welwillend voor de lezer. Maar onder de eerste schijnbare chaos ligt een symboliek die door Mehmedinovic secuur wordt aangebracht. De bundel zit vol verwijzingen naar ruimtes en tijden. De dichter tracht zijn plaats (voor, achter, oost, west…) te bepalen, maar merkt dat de herinnering die letterlijke bepaling in de weg staat. Alsof hij zowel de kleine ruimte schuwt en de oneindigheid niet kan verteren. Alsof hij een wereld is in gegaan, maar de daar aanwezige deur geen uitgang biedt.

Semezdin Mehmedinovic, Deze deur is geen uitgang. Vertaald door Reina Dokter; voorzien van een nawoord door Guido Snel. Uitgeverij Atlas, Amsterdam/Antwerpen, 2005. ISBN 90-450-1452-1.

Recent

19 september 2018

Omdenken in optima forma

14 september 2018

Een meer van wanhoop

Literair Nederland - 10 jaar geleden

03 oktober 2008

Niet overtuigend maar wel sterk in het laatste deel
Recensie door Menno Hartman

Coen Peppelenbos debuteerde onlangs met de roman Victorie, een roman in drie delen. In het eerste deel wordt Merijn – broer van de hoofdpersoon – gevolgd nadat bekend is geworden dat de hoofdpersoon, Victor, dood is.

Het tweede deel van de roman gaat over Sarah. We volgen er de gedachten van een leraar Engels, die in zijn huis dit meisje vasthoudt, het vriendinnetje van Merijn en waarin duidelijk wordt dat deze Ten Haaf, Merijn gedood heeft door een grote steen naar hem te gooien, nadat hij hem met een camera had gezien.

Lees meer