Stem uit Duizenden, Annel de Nore

Susan Tersluys wacht thuis in Suriname op een telefoontje van haar dochters die in Nederland wonen. Het is de derde sterfdag van Henk, haar geliefde echtgenoot. Wanneer de telefoon echter eindelijk rinkelt blijkt het een onbekende te zijn, die niet op de hoogte is van Henks overlijden, maar die Henk wel goed gekend moet hebben: Peter Warner. Dit telefoongesprek dat op zo’n pijnlijk moment komt, is het eerste contact tussen Susan en Peter. De roman ontsluiert beetje bij beetje hoe intiem Peter en Henk elkaar kenden, en ook hoe groot de impact voor Susan is van haar uitgestelde kennismaking met Peter.

Kort nadat zij met haar toen nog ongepubliceerde roman De bruine zeemeermin de literatuurprijs in Caracas had gewonnen, uitgeschreven door de Nederlandse ambassade in Venezuela voor ingezetenen van het Caribisch gebied, vertrok Annel de Noré naar Nederland. In 2000 gaf uitgeverij In de Knipscheer De bruine zeemeermin uit, in 2004 gevolgd door de verhalenbundel Het kind met de grijze ogen. Destijds vond ik het vreemd dat ze op zo’n succesvol moment in haar leven wegging uit Suriname. Maar wanneer ik zie hoe haar schrijverschap zich ontwikkelt, hoe ze in Stem uit duizenden een onderwerp kiest waarop een zwaar taboe rust in de Surinaamse gemeenschap, denk ik dat het niet anders had gekund. Je moet niet het gevoel hebben dat er een heel land over je schouder meeleest terwijl je de letters intoetst op je keyboard.

Het hoofdthema van Stem uit duizenden is verborgen homoseksualiteit binnen een ogenschijnlijk idyllische gezinssituatie. Als Henk, Susan en hun kinderen An en Mireille met zijn viertjes niet een hoeksteen van de samenleving vormen, dan is er iets goed mis. En al lezend kom je er heel snel achter dat het familieportret van de familie Tersluys-Maverinck alleen aan de oppervlakte zo fraai is, maar dat er een wereld aan leed, hypocrytie, machtsmisbruik en nog meer treurigheid schuilgaat onder het eerste flinterdunne laagje.

Hoewel dat natuurlijk niet de belangrijkste verdienste van een literair product is, is het toch heel bewonderenswaardig dat Annel de Noré zo’n zwaar onderwerp heeft aangesneden. Het draagt bij aan het bespreekbaar maken van bepaalde maatschappelijke problemen, zoals dat overigens ook met haar eerste roman gebeurde. In De bruine zeemeermin komen ontrouw en mishandeling binnen een relatie aan bod.

Het verhaal heeft vaart, voor mij was het boek echt een pageturner. De dialogen zijn goed geschreven. Waar ik wat moeite mee heb is dat het verhaal soms heel erg langzaam verteld wordt, de kleinste details worden uit de doeken gedaan, maar even later vliegen schrijver en lezer in de tiende versnelling over heel ingrijpende gebeurtenissen heen. Dat maakt die passages minder geloofwaardig, minder indrukwekkend. ‘Grote stappen, snel thuis’ is niet geschikt als stijl voor het verhaal dat De Noré te vertellen heeft. Een ander punt van kritiek vind ik dat Peter en Henk erg zwartwit geportretteerd zijn. Het ligt er dik bovenop: dit zijn onsympathieke mannen die hun eigen frustraties botvieren op hun omgeving. Je begrijpt niet goed wat Henk in Peter zag en omgekeerd, wat Susan jarenlang haar oogkleppen ten aanzien van Henk liet ophouden, en later wat het is dat zowel Susan als An zo intens in Peter aantrekt. De ongenuanceerdheid maakt het moeilijk te verteren dat An zo’n grote vergevingsgezindheid aan de dag legt waar het Peter betreft. En het doet afbreuk aan de sympathie die de lezer voor Susan voelt, dat zij zo smelt voor zo’n player. Het maakt Henk en Peter minder levensecht, in het echte leven zijn mensen immers ook niet zo zwartwit, je hebt dan ook met mensen te maken van wie je zielsveel houdt maar wiens bestaan je tegelijkertijd soms vervloekt.

Al met al echter een bijzonder intrigerende en vlot lezende roman. Ik kijk nu al uit naar Annel de Noré’s volgende boek.

mv

Stem uit duizenden, Annel de Noré. Haarlem, In de Knipscheer, 2007. ISBN 978 90 6265 586 1 Niets is zomaar: Beauty is skin-deep

Een goed geschreven verhaal is net als een goede verteller. Het laat je alles ervaren alsof je er werkelijk deel van bent. Het brengt je mee en laat je niet los. Annel de Noré’s Stem uit duizenden is als een prachtige zwart-wit film die hier en daar wat hikt en flikkert, maar daardoor niet minder mooi is.
Aangrijpend
Vanaf de eerste regel ben je ‘in’ het verhaal: ‘Susan staart zo geconcentreerd naar de telefoon dat kleine beetjes traanvocht achter haar oogleden opstuwen.’ Het begint allemaal met een telefoontje. Had Susan liever niet opgenomen? Susan, weduwe en moeder van twee volwassen dochters (An en Mireille) komt op den duur te weten dat haar huwlijksleven één en al leugen was. Sterker nog: ze vraagt zich af wat haar lieve Henk nog meer heeft verzwegen. (Jammergenoeg zwijgen de doden en raken de achterblijvers verstomd.) Peter verschijnt op het toneel en verkrijgt door middel van een telefoontje toegang tot zowel het leven van moeder Susan als dochter An. En hoewel Henk overleden is, speelt hij de belangrijkste rol in heel het verhaal. Prachtig, niet waar? Daar moet je wel Annel de Noré voor wezen om deze enkele regels te verwerken tot een compleet verhaal. De hoofdstukken dragen de namen van de hoofdpersonages. Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld hoofdstuk 1, ‘Susan’, vanuit haar optiek geschreven is en de lezer deelgenoot wordt van haar gedachten. Susan kan iedere vrouw of iedere moeder zijn. En dat maakt het verhaal zo aangrijpend. Is het terecht dat Peter haar beschuldigt in verband met de seksuele escapades van haar man Henk? En dat ze daarom moet boeten? Zou ze het moeten hebben geweten of op één of andere manier moeten hebben aangevoeld? Annel de Noré raakt een gevoelig punt. Zou je je partner blindelings moeten vertrouwen en moet je als moeder niet een extra radar hebben?

Henk en Peter
In het verhaal kom je achter de schandelijke daden van Henk. Over Henks uiterlijk weet je weinig, bitter weinig. Misschien doet dat er ook niet toe. Dat Henk homo, bi of ‘gewoon’ pedofiel was, zou je toch niet aan hem zien. Eén ding is zeker, hij heeft Peter, en wat de lezer later ontdekken zal, ook zijn dochter voor het leven geschaad. (De schrijfster maakt wel duidelijk wat de werkelijke straf dient te zijn voor dit soort mensen. Dit boek is zeker een aanrader voor het Surinaams parlement!). Peter is zo grondig in de war dat hij zowel haat als liefde voelt voor Henk. Zijn hele leven is gebrandmerkt door wat er toen gebeurd is en de heilige houding die Henk zich eigen maakt, laat Peters frustratie alleen groter worden. Ondanks dit blijft Peter zelfs op latere leeftijd afhankelijk van Henk, alsof hij zijn drug is waar hij niet van afkicken kan en tegelijkertijd zijn guru, zijn eeuwige leermeester. Maar iemand moet boeten voor de pijn die hij geleden heeft.

Uiterlijk
In het verhaal is Peters uiterlijk in tegenstelling tot dat van Henk wel belangrijk, want daar schuilt zijn macht en zijn woorden maken het compleet.
Bij An: “Vanaf het eerste ogenblik is zijn gezicht vertrouwd. Niet omdat ze hem kent. Intensief speurt ze haar hersens af. Een relatie tussen hem en een bepaalde plaats, tijd of gebeurtenis vindt ze niet.[…] ’s Avonds na de begrafenis, glipt ze weg van de aardappelsalade, de bediening, de verhalen en de liederen en belt ze hem. ‘Tien minuten, geen seconde langer’, zegt ze. Het wordt een half uur en toch moet ze losweken. Elk woord dat hij zegt, onderschrijft ze. De volgende ochtend […] in het centrum van de stad […] staat ze oog in oog met Peter. Ze glimlachen, lachen, verstrengelen hun handen in elkaar en schateren het uit. Een uur later kuieren ze gearmd door Paramaribo. Twee uur later slaat hij zijn armen om haar middel. ’s Middags kust ze hem.”(p.313)
Bij Susan: “‘Heb je zin om met me uit eten te gaan?’ ‘De meisjes bellen vast en schrikken zich rot als ik niet opneem.’ ‘Kun je niet zeggen dat je uit gaat?’ ‘Ik kan niet naar het buitenland bellen.’ ‘Zal ik de boodschap doorgeven?’ ‘O,nee! Wat zullen ze daarvan denken?’ ‘Dat je het hebt verdiend.’ ‘Hoe moet ik je aanduiden?’ ‘Een vriend van hun vader die met je meeleeft.’ ‘Jij zult hierover anders denken, maar dit is een rouwperiode.’ ‘Ach Susan, rouw is niet iets doen of laten.’ ‘Daar kun je best gelijk in hebben, maar de praktische zaken zoals Maatjes kamer opruimen, schoonmaken, alles regelen in verband met de begrafenis…’ ‘Ik heb mijn diensten aangeboden. Als je me zo angstvallig verbergt…’
‘Waarmee zou je me kunnen helpen? Het meeste moet ik zelf doen.’ ‘Welk artikel van Susans wetboek is dit? Of is het één van de talloze geboden en verboden?’ Susan lacht. ‘Gottegot, heerlijk dat je lacht. Eis je een videoclip, wil je een reclame folder of mag ik mezelf telefonisch aanprijzen?’ ‘Ga je gang.’ ‘Voetmassage, lichaamsmassage, zoutloze moppen tappen, afstoffen, eieren koken en bakken, boodshappen halen. Je schuldgevoel wegpraten. Nee, dat moet je zelf doen.’ ‘En als je me verkracht?’ vraagt ze lachend. ‘Stel dat ik beloof me keurig te gedragen, een garantie heb je niet. Je zult me moeten geloven.
”(p.141-142)
Peter is zich duidelijk bewust van zijn kwaliteiten en de zwakte van zijn prooi. Net als Henk trouwens, de predikant tevens leider in de bijbelclub, tegenover een jonge bijbelclubganger. Ze maken er beiden gretig gebruik van, met ieder zijn eigen soort bevrediging als einddoel. Heeft Henk zich soms voortgeplant in Peter? Merkte Susan niet meteen bij het eerste telefoontje van Peter dat hun stemmen op elkaar leken? En zowel bij Henk als Peter zijn de slachtoffers onbelangrijk. Die doen er gewoon niet toe zolang het doel bereikt wordt.

Hik-Hik-Flikker
Het is uitgeverij In de Knipscheer niet gelukt het voorplat interessant genoeg te maken. (Laat het feit dat het teveel doet denken aan het voorplat van Annel de Noré’s vorige boek dat ook daar uitgegeven is. Ja, de blinders bij de ramen en deuren van vroeger zijn interessante symboliek.) Er is waarschijnlijk gedacht het plaatje – met de ogen die je rechtstreeks aankijken – klein te houden om de aandacht erop te vestigen, maar door de verschillende kleurschakeringen en de ‘grootte’ van het plaatje, komt dit niet tot zijn recht. Bovendien schept het ook een gek beeld als je het in relatie brengt met de titel: Stem uit duizenden en dan zie je een paar ogen.
Op de achterzijde van het boek staat Susan vermeld als ‘de weduwe Susan Jones’, hoewel in het verhaal staat aangegeven: Susan Tersluys of haar meisjesnaam Susan Maverinck, trouwens geen van alle typische Surinaamse namen. Annel de Noré is een Surinaamse schrijfster en het verhaal speelt zich ook voornamelijk af in Suriname. Maar het kon evengoed elders zijn, want enkele woorden, Paramaribo, bami, Onafhankelijkheidsplein, Angalampu en wat uitdrukkingen, situeren het verhaal. Gedetailleerde beschrijvingen van gebouwen, plaatsen of straatnamen zijn er niet. De personages zijn niet per se Surinaams: ze praten geen Surinaams-Nederlands. Zelfs Detta, de dienst van Susan die waarschijnlijk uit Coronie komt, niet: ‘Susan , ik ben er niet gerust op, jij in je eentje in dat grote huis’. En elders: ‘Ze ziet er florissant uit’. De schrijfster zelf gebruikt het wel wanneer ze het over Surinamers in Nederland heeft: ‘Brenda lichtte met een tori toe.’ ‘De anekdotes werden afgewisseld met discussies over voetbal […] of ze krabden elkaar.’
Ook valt het op dat de meisjes hun ouders bij de voornaam noemen als ze het over hen hebben, wat geen Surinaams gebruik is. Ook al mikt de schrijfster op een Nederlands publiek dan nog is het jammer dat het Surinaams-Nederlands niet klinkt uit de monden van hen die het zeker spreken.

Alles heeft een gevolg
Annel de Noré toont met dit verhaal dat alles impact heeft. Wie denkt dat in een mensenleven iets van voorbijgaande aard is en dat het daarbij ophoudt, moet dit boek lezen. Alles heeft een gevolg. En dan maakt het niet uit of we er nog zijn of dat we met de dood de dans denken te ontspringen; onze daden en onze besluiten hebben gevolgen.

Annel de Noré heeft met dit boek ook bewezen dat ze gegroeid is als schrijfster. Ze voelt de personages beter aan en diept ze meer uit .Ze brengt ze meer tot leven. Deze zwart-wit film hoort in je collectie thuis, omdat het handelt over een onderwerp dat zo oud is als de tijd, maar vaak niet onder ogen gezien wordt. Men kijkt liever de ándere kant op of zegt dat je spoken ziet. En het zijn juist die ‘oude’ films die steengoed zijn en hun glans op niet verliezen.

Annel de Noré kennen we van haar debuut: De bruine zeemeermin (2000) en later de verhalenbundel: Het Kind met de grijze ogen (2004). Ook kwam ze aan bod in de vrouwenbundel Waarover we niet moeten praten (2007).

mp

Mireille Pinas geeft les op een MULO-school te Latour, Paramaribo, Suriname. Ze heeft vorig jaar een studie MO- A Engels afgesloten aan het Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL). In haar vrije tijd is zij dichter, verteller en schrijft zij bijdragen voor de Ware Tijd-Literair en voor Literair Nederland.

Deze bespreking verscheen eerder in de Ware Tijd-Literair op 14 juli 2007. De meest recente bijdragen aan de Literaire pagina zijn te vinden op www.dwtonline.com, onder het kopje Literair.

Aparte schrijfstijl
Dit is de tweede roman van de schrijfster, eerder schreef zij De bruine zeemeermin waarmee zij een prijs won voor schrijvers uit het Caribisch gebied. Stem uit duizenden speelt in Suriname en in Nederland. Het is het verhaal van een weduwe, Susan, die op de derde sterfdag van haar echtgenoot een telefoontje krijgt van een man die zegt een vriend te zijn van Henk, haar overleden echtgenoot. Zij kan zich echter niet herinneren ooit van deze man gehoord te hebben. Toch blijven ze aan de praat. De man, Peter heet hij, weet veel over Henk en zijn huwelijk met Susan. Hoewel Susan het niet helemaal vertrouwt is ze toch geïntrigeerd. Ze blijven bellen en al gauw stort Susan haar hart uit bij Peter. Andersom is dat niet het geval. Peter is niet erg open over zijn verleden en zijn contact met Henk. De hoofdstukken in dit boek wisselen van hoofdpersoon. Om en om lees je vanuit het perspectief van Susan of dat van Peter, en een enkele maal ook vanuit het oogpunt van An of Mireille. Op deze manier kom je als lezer meer te weten over de achtergrond van de beide hoofdpersonen.

Langzaam wordt duidelijk op welke manier deze mensen met elkaar verweven zijn. En welke rol Henk hierin speelde. Ondertussen raken de twee hoofdpersonen steeds meer betrokken bij elkaar. Ze ontmoeten elkaar en er bloeit iets op. Al blijft er vooral bij Susan nog altijd iets knagen. Er is iets waar zij niet de vinger op kan leggen. Van Peter wordt ze wat dat betreft niets wijzer.

De dochters van Susan, die beiden in Nederland wonen, gaan een steeds grotere rol spelen in dit web van verhoudingen. Tot op het laatst blijft onduidelijk welke rollen dit zijn, maar als het boek uit is blijkt er van de beelden die mensen hebben over anderen, zelfs over anderen die ze goed denken te kennen, vaak niet veel te kloppen.

De schrijfstijl van Stem uit duizenden is apart, ik moest er aan wennen. Het is een soort combinatie van spreek- en boekentaal die mij vreemd was. Wellicht is het een kenmerkend aspect van deze schrijfster.

miva

Nadat Mirjam Vaes een boek over veganisme heeft geschreven, Veganisme – een manier van leven, schrijft zij thans voornamelijk weblogs, recensies en recepten. Verder ontwerpt en onderhoudt zij eenvoudige websites. Zij streeft naar een zo eenvoudig mogelijk leven.

Deze bespreking verscheen eerder op de website waar Mirjam aan meewerkt:
www.de-zeepkist.nl.

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

21 juli 2009

Ten tijde van het communisme

Recensie door Marjolein Paalvast

Als kind had ik een sleutelhanger in de vorm van een diamant. Urenlang kon ik me daarmee vermaken: afhankelijk van hoe je door het geslepen glas heen keek, veranderde de wereld die aan de andere kant lag van kleur, vorm of mijn favoriet van onder- en bovenkant.

Lees meer