6 juni 2005

De onzichtbare steden

Een boek voor elke stad. 

Het probleem van de keuze van reisliteratuur is opgelost. Ik beleef er een wat kinderlijk genoegen aan om als ik op vakantie ga, boeken mee te nemen die zich afspelen in de stad waar ik verblijf. Nu is dat met de meeste grote Europese steden niet zo’n probleem; ongeveer elke stad heeft wel zijn eigen great novel. Maar mocht ik binnenkort een stedentripje maken naar Malmö, Porto of Ajaccio, dan zou ik een moeilijk moment voor mijn boekenkast hebben. Gelukkig heb ik nu het boek gevonden voor dit soort reisjes: Italo Calvino’s De onzichtbare steden (vertaald door Henny Vlot).

In dit boek vertelt de ontdekkingsreiziger Marco Polo over de steden die hij onderweg heeft bezocht. De opdrachtgever van de reizen is Kublai Kan, de heerser van een rijk dat zo uitgestrekt is, dat de grote Kan onmogelijk zelf alle steden kan bezoeken. In zijn paleis luistert hij naar de verhalen van Polo en probeert zich zo een beeld te vormen van zijn rijk. Aanvankelijk gaat dat moeizaam, omdat Polo de taal niet spreekt en met handen en voeten uit moet leggen wat hij gezien heeft. En later blijft dat moeizaam gaan, omdat de Kan verhalen over meer steden wil horen dan Polo bezocht heeft. Eigenlijk heeft Polo geen van deze steden bezocht. Hij verzint ze en geeft alle steden een opvallende eigenschap mee. Wat hij doet, is alle eigenschappen van een echte stad verdelen over verzonnen steden. De enige stad die Polo goed kent, is Venetië. En in zekere zin is dit boek een beschrijving van deze veelzijdige stad. Maar andersom klopt het ook: elke stad heeft kenmerken die Venetië ook bezit, en op die manier zit er tussen de 55 steden die in dit boekje worden beschreven, altijd wel een paar die lijken op de stad waar je als lezer op vakantie bent. ‘Niemand weet beter dan jij, wijze Kublai, dat je nooit een stad mag verwarren met de woorden die haar beschrijven. En toch is er een verband tussen het een en het ander,’ merkt Polo zelf al op.

De steden worden allemaal beschreven in korte hoofdstukjes van maximaal twee pagina’s, in een heldere, precieze stijl. Calvino is een meester in het vangen van de essentie van een stad in weinig woorden. Na elke beschreven stad droom je even weg, beeld je je in hoe het zou zijn om in die stad te leven, of je vraagt je af of je ooit in zo’n stad geweest ben. Bijvoorbeeld de stad Maurillia. Bezoekers zien de huidige stad, en krijgen gelijk oude ansichten aangereikt door de bewoners, om te zien hoe de stad er vroeger uitzag. Bezoekers dienen de voorkeur te geven aan de oude stad, maar ook op te merken dat de oude provinciestad maar wel mooi is uitgegroeid tot de huidige wereldstad, en dat je met heimwee terug kan denken aan hoe het geweest was. Ik herkende daar gelijk Brussel in, maar dat is niet de enige stad die zo reageert op vernieuwing.

De verhalen zijn een genot om keer op keer te lezen, ze zijn zo kort dat ze ook in de metro gelezen kunnen worden en het boek is niet zwaar. Na het gelezen te hebben, kan je het boek gewoon in je koffer laten zitten en de volgende vakantie weer herlezen. Het perfecte vakantieboek, kortom. 

Patrick Bassant

 

Recent

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

19 november 2007

Net niet spannend genoeg
Door Fatima Bajja

Het lijkt alsof Sylvia Houweling alles heeft wat haar hartje begeert. Ze is getrouwd met Eddie Kronenburg, heeft twee kinderen en woont in een prachtig huis in Amsterdam-Zuid. Toch is het allemaal niet zo mooi als het lijkt. Eddie werkt namelijk in de onderwereld, hij is verantwoordelijk voor het transport van drugs.

Lees meer