9 augustus 2004

Opgespoorde wonderen

Ik beken: Ik had iets tegen Rudy Kousbroek. Uit wat ik van hem gelezen had (heel weinig) had ik me een beeld gevormd van een francofiel met een neiging tot sentimentaliteit, zelfingenomenheid en een overdreven vertoon van eruditie. Het toeval wilde dat iemand die het goed met mij voor heeft mij Rudy Kousbroeks Opgespoorde wonderen cadeau deed. Over het verband tussen vriendschap en boeken is op deze plek al eens geschreven, maar daar wil ik nog iets aan toevoegen, namelijk dit: Hoe beter de vriendschap hoe groter ook de druk om het gekregene te lezen. Er zat dus niets anders op. Ik zou me over mijn vooringenomenheid heen moeten zetten (of die bevestigd zien worden).

Opgespoorde wonderen
bevat 68 door Kousbroek uitgezochte zwart-wit foto’s. Die foto’s zijn op een paar na niet van bijzondere artistieke kwaliteit. Ook zijn ze niet bijzonder mooi afgedrukt. Het gaat dus in zekere zin niet om de foto’s en in zekere zin ook weer wel. Kousbroek heeft deze foto’s uitgezocht omdat ze hem raakten, zijn fantasie prikkelden of zijn nieuwsgierigheid wekten (er zijn nog meer varianten mogelijk). De foto’s hebben veelal als onderwerp: dieren, plaatsen in Frankrijk en Indië (of in landen die Kousbroek aan plaatsen in Frankrijk en Indië doen denken), erotiek en machines. Wat de foto’s gemeen hebben voor Kousbroek is dat ze gaan over het ongrijpbare: omdat wat je erop ziet niet kan, of omdat het verdwenen is. 'Alles verdwijnt, behalve wat gefotografeerd is', zo merkt hij – overigens onterecht – op. Wat Kousbroek heeft gedaan, is zijn associaties, gevoelens en herinneringen de vrije loop laten bij deze foto’s.

In eerste instantie werden mijn vooroordelen bevestigd. Alles wat ik vermoed had aan te treffen, was aanwezig: de rabiate francofilie, het (in mijn ogen) onnodige vertoon van belezenheid, de sentimentele hang naar het verleden: 'Maar helaas, niet lang meer, het einde is nu naar het schijnt in zicht; zoals naar het schijnt alles wat mooi, lief en kwetsbaar is de nek wordt omgedraaid door de commercie.' En dit slechts naar aanleiding van het verdwijnen van de aangeklede ezels van het Ile de Ré, iets wat Kousbroek, die toch dierenliefhebber is, vreemd genoeg verdriet. Het aantal keren dat Kousbroek 'overspoeld' wordt door emoties, 'tot tranen geroerd' wordt, 'besprongen' wordt door herinneringen en de term 'hartverscheurend' in de mond neemt, is niet te tellen. Al levert die ontroering af en toe ook mooie vergelijkingen op, zoals bij een bepaalde foto die Kousbroek 'ontroerend' vindt 'als teruggevonden speelgoed'.

De gedachten die hij al associërend heeft, zijn niet heel verrassend: dierenlevens zijn ook heilig, een foto bewaart alles, met een bril ziet iemand er intelligenter uit, het leven gaat als een flits voorbij. Kousbroek treedt in dit boek in het strijdperk als beschermer van dat wat dreigt te verdwijnen, van dat wat kwetsbaar is dus. Zijn nostalgie bestrijkt álles wat niet meer bestaat, van hydraulische liften, tot Nederlands-Indië tot een bepaald soort auto’s. Maar zijn ontroering – hoe overdreven ook – is echt. De zachte, vertederende verbazing, de milde ironie en 'de onderstroom van erotisch verlangen', waarvan zijn gemijmer doortrokken is, overtuigden – op den duur.

Toen ik begon te lezen, stoorde het mij dat deze mijmeringen vaak niet rond waren en niet logisch. Ook leek het mij dat het hoogstpersoonlijke bij Kousbroek belangrijker was dan de stijl. Alsof hij alles wat hij te vertellen had, ook kwijt móest en zóu.

Maar gaandeweg het boek begon Kousbroek mijn hart te veroveren met zijn fantasie en zijn humor en met vragen als: 'Hoe hoog kan een krokodil uit het water springen?', 'Hoe ziet het paradijs eruit?', 'Wat denken dieren?', 'Wat is een wonder?', 'Hoe ontstaan ruïnes?' en 'Hoe breng je paarden de schoolslag bij als je ze niet eerst hebt leren praten?'. Een paar stukken gaven ten slotte de doorslag: de stukken 'Het meisjeseiland' en 'Nestblijver'.

In 'Het meisjeseiland' beschrijft Kousbroek met veel overtuiging, fantasie en jongensachtig plezier zijn bezoek aan het door hem gedroomde Meisjeseiland, een paradijselijk eiland met alleen maar lieftallige, naakte jonge vrouwen (en Kousbroek als enige (jonge) man natuurlijk). 'Nestblijver' is mijns inziens nog mooier. De foto op de rechterbladzijde toont een golden retriever tussen een stel takken. Je kunt niet zien waar die takken zich bevinden. Kousbroek opent: 'Bij de vogels heb je nestvlieders en nestblijvers. Nestvlieders zijn vogels die meteen na hun geboorte kunnen lopen; ze zijn al snel in staat hun eigen kostje op te scharrelen. Nestblijvers daarentegen komen naakt en blind uit het ei en moeten nog lang worden gevoed door de ouders. Wat wij op deze foto zien is duidelijk een nestblijver.' En vervolgt even later: 'Met welke vogel hebben wij hier te maken? Het afgebeelde dier is geen Holgersongans, geen Turkse koperwiek, geen zangekster. Hij lijkt wat op de drieteen strandloper, maar de geoefende vogelkenner ziet zonder moeite het verschil: het is een van onze grotere trekvogels: de golden retriever.' Om verder uit te weiden over de verschillende eigenschappen van deze soort: zijn manier van vliegen, zijn overwinteringsgedrag etc.

Hierna moest ik me wel gewonnen geven, al mijn bevestigde vooroordelen ten spijt.

Conclusie: Wie over de sentimentaliteit en tegenstrijdigheden heen weet te lezen en zich open stelt voor de speelse wereld van het grote kind Kousbroek, vindt in Opgespoorde wonderen een prachtige en – ik durf het woord bijna niet meer te gebruiken – ontroerende verzameling stukken. En voor wie daar wel van houdt (sentimentaliteit en tegenstrijdigheden): des te beter.

Opgespoorde wonderen
Rudy Kousbroek
Uitgeverij Augustus
isbn 9045703718
€ 19,95

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

13 oktober 2017

Leven zonder moeder

12 oktober 2017

Een antikrimi

11 oktober 2017

De stijl tekent de man

Literair Nederland - 10 jaar geleden

22 oktober 2007

Klein boek zonder enige allure
Door Frans

Waarom gaf de commissie – Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek – aan Geert Mak de opdracht om het boekenweekgeschenk 2007 te schrijven? Vermoedelijk vanwege zijn succes met de dikke pil ‘In Europa’. Zou Mak daarom als onderwerp voor zijn boek de Galatabrug, die Europa met Klein-Azië verbindt, gekozen hebben?

Lees meer