30 oktober 2006

Colette

Een begaafde ‘Vagabonde’ met lef

Ze is 52 jaar geleden overleden, maar haar naam duikt steeds weer op. Ik heb het over de Franse schrijfster Sidonie-Gabriëlle Colette (1873 ? 1954), ook bij leven slechts bekend door haar achternaam.

In 2003 verscheen er een film over haar leven met als saillant detail dat actrice Marie Trintignant kort na het afronden van de opnames door haar geliefde vermoord werd. Hoe tragisch ook, het bracht de film extra publiciteit en Colette kreeg meer aandacht dan verwacht. Nederland bleef niet achter. Onlangs zijn er twee vertalingen uitgegeven en de actrice Josée Ruiter is tot eind maart 2007 op tournee met de monoloog Colette.

Er is veel bekend over leven het leven van Colette. Haar rustige jeugd op het platteland, de sterke band met haar moeder Sido en de turbulentie die vanaf haar twintigste door haar leven gierde. Ze trouwt met de vijftien jaar oudere schrijver, musicus en vooral playboy Henri Gauthier-Villars (‘Monsieur Willy’) en zet de eerste stappen in de wereld van bohémiens en artiesten. Ze begint zelf met schrijven en onder de naam ‘Willy Colette’ publiceert ze in drie jaar tijd vier romans over het schoolmeisje ‘Claudine’.

De Claudine-serie bestaat uit vier delen en handelt over de onbetamelijke avonturen van deze opgroeiende tiener en adolescent. De titels doen nu wat suffig aan: Claudine à l’école, Claudine à Paris, Claudine en ménage en Claudine s’en va. Het wordt een enorm succes in Frankrijk en de merchandising is niet van de lucht: een kledinglijn, zeep, parfum en zelfs een ‘Claudine’-musical. Het verhaal gaat dat Villars zijn vrouw flink onder de knoet had en zelfs opsloot om haar tot schrijven te dwingen.
In 1906 verlaat Colette Villars, en start ze een theatercarrière waar ze haar borsten ontbloot en copulatiepantomimes ten beste geeft. Ze heeft relaties met mannen en vrouwen van alle leeftijden en met name haar lesbische relatie met Marquise de Belbeuf (‘Missy’) haalt de schandaalpers. In het boek La Vagabonde (De Zwerfster) uit 1910 doet ze verslag van deze periode.
In 1912 trouwt ze met Henri de Jouvenel des Ursins, de uitgever van de Franse krant ‘Le Matin’, en na hun scheiding kiest ze in 1935 voor de zestien jaar jongere Maurice Goudeket. Deze laatste schreef een aandoenlijk boekje over hun leven samen.
Uit het huwelijk met Jouvenel wordt tot Colettes grote schrik een dochter geboren. Kinderen! Wat moet je daar nou mee? Ze wil niets met, Colette Jouvenel, ook wel Bel-Gazou genoemd, te maken hebben. De moeder-dochterrelatie is complex en wordt prachtig neergezet in de monoloog van De Ruiter.
In de jaren twintig stijgt haar succes naar grote hoogten. Ze bevindt zich in de kringen rond de kunstenaar Jean Cocteau, met wie ze een goede vriendschap ontwikkelt, en laat zich inspireren door moderne poëzie en schilderkunst. Ze stort zich weer op het schrijven en haar boeken vliegen de winkels uit. Haar manier van schrijven is speels en lyrisch en ze weet fictie en werkelijkheid goed met elkaar te vermengen. In de novelle ‘Het Zieke Kind’ laat ze hallucinaties vloeiend afwisselen met het leven van alledag. Ook haalt ze (voor die tijd) gedurfde trucs uit. In haar beroemdste boek ‘Chèrie’ (1920) stoeit ze met stereotypen en genderrollen.

Al haar fictie wordt bevolkt door personages die zich aan de buitenranden van de maatschappij bevinden: homoseksuelen, biseksuelen, gigolo’s, courtisanes, prostituees en artiesten. Waar ze vooral om geroemd wordt, is het feit dat ze zich goed weet te verplaatsen in het liefdesleven van vrouwen. Ook worden haar scherpe en rake karakterschetsen alom geprezen. Terugkerende thema’s in haar werk zijn: liefde, de natuur, seks, eten en dieren, met in het bijzonder poezen.

Later in de twintiger jaren legt ze zich toe op autobiografisch werk en schrijft ze met een aan verheerlijking grenzende liefde over haar kinderjaren op het Franse platteland. In Het Huis van mijn Moeder (1922) en Sido (1930) staat Colettes vroegere gezinsleven centraal en schrijft ze beeldend over haar ouders, haar zus en haar twee broers, maar ook over haar innig geliefde tuin en de ronddolende dieren. Door haar rol in society-kringen, maar vooral op grond van haar prachtige en boeiende romans, wordt ze in 1927 Frankrijks belangrijkste vrouwelijke auteur genoemd.

Colette blijft maar schrijven en de lijst met romans wordt langer en langer. Mede door de veranderende tijdgeest nemen de schandalen af en is ze een auteur met aanzien. Tijdens de eerste Wereld Oorlog is ze journaliste aan het front. In 1953 wordt ze tot grootofficier benoemd in het Légion d’Honneur. Ook wint ze veel literaire prijzen en verkeert ze in dezelfde kringen als de beroemde Amerikaanse schrijfster Gertrude Stein (1874 ? 1946). Een aantal van haar boeken wordt omgewerkt tot toneelstuk of musical.

Colette heeft ook in Nederland haar sporen nagelaten. Niet alleen werden haar boeken vertaald, ze inspireerde ook haar collega en tijdgenoot Carry van Bruggen (1881 ? 1932). In haar roman Eva (1927) speelt Claudine een grote rol. Niet alleen leest en citeert Eva Claudine à ménage, maar er zijn ook inhoudelijke raakvlakken te vinden. Zo onderzoeken beide protagonisten hun seksuele voorkeur en gaan ze liefdesrelaties aan met seksegenoten.

Eva is, misschien wel dankzij Colette, maar de eer gaat natuurlijk naar Van Bruggen, de eerste Nederlandse roman met een biseksuele hoofdpersoon. Ook de vertelperspectieven in beide romans komen overeen: een alwetende verteller die de gedachten en gevoelens van de vrouwelijke hoofdpersonen beschrijft. De Claudine-serie is wel in het Nederlands vertaald, maar is niet meer verkrijgbaar in de boekhandel.

Haar verzameld werk verschijnt in 1950 in vijftien banden en de laatste jaren leidt Colette een rustig leven met haar Maurice in het Parijse Palais Royal. Tussen haar en Bel-Gazou komt het gelukkig goed.

In 1954 overlijdt Colette op 81 jarige leeftijd en krijgt als eerste vrouw in de Franse geschiedenis een staatsbegrafenis.
Hoe kan ik mooier afsluiten dan met een fragment uit het gedicht ‘Père Lachaise, oktober’ van de Nederlandse dichteres Esther Blom. Ook in de eenentwintigste eeuw weet Colette haar vakbroeders en
zusters nog steeds te inspireren.
Ik zoek het graf van Colette
die oud werd en mooi bleef
en van het leven wist. Een poes loopt
voor me uit, alsof ze er hoort.

Pauline van der Lans

Recent

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

7 augustus 2017

Een kanjer

4 augustus 2017

Wondranden

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 augustus 2007

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Dat klinkt toch goed nietwaar? Helaas, we worden wel meegenomen maar niet naar het bovengenoemde. Natuurlijk komen deze gebieden wel voor in het boek maar het frappante is dat ik heel veel over het reizen zelf heb gelezen maar weinig over het land.

Lees meer