Chin A Foeng

Wanneer de rukwind komt …

… zal er daarna een vernieuwing van mens en maatschappij tot stand kunnen komen? Deze vraag staat centraal in Jules Anthony Chin A Foengs lichtelijk socialistisch getinte dichtbundel Wanneer de rukwind komt, geschreven in 1971. Juanchi, zoals hij zichzelf noemde, werd op 20 februari 1944 in Paramaribo geboren. Na in Nederland een opleiding in tekenen, schilderen en pottenbaken te hebben gevolgd, keerde hij terug naar Suriname waar hij zeer actief is geweest op het gebied van de beeldende kunst. In 1972 ontving hij voor zijn werk de Gouverneur Currieprijs en behaalde in New York zijn master’s degree. Hij was ook voorzitter van het Nationaal Instituut voor Kunst en Kultuur en stond aan de wieg van de Academie voor Hoger Kunst- en Cultuuronderwijs (AHKCO). In dat kader heeft hij in 1978 Beeldende vorming op school geschreven. Hij overleed in 1983.

Chin A Foeng was behalve kunstenaar, ook een idealist die een rotsvast geloof had in een beter Suriname. Hij geloofde in hard werken en was ervan overtuigd dat er een beter Suriname kán zijn, als de vele sociale problemen in het land zouden worden opgelost. De oplossing was voor hem het socialisme, hij is in de jaren zestig dan ook medeoprichter geweest van de Surinaamse Socialistische Unie. 

in mijn heidense lach
was ik vreemd
voor mezelf
herkende ik
weelde
die bloeide
achter de tralies
van mijn ontastbaar zijn
monopolie
beet zich vast
en sleurde mij mee
totdat ik
ontwakend
rode bloemen zag

In Wanneer de rukwind komt maakt Chin A Foeng de lezer niet alleen deelgenoot  van zijn idealen en zijn liefde voor het vaderland, maar ook van de vele twijfels die hij had over de situatie in het land. Zijn poëzie is een illustratie van dat waar hij in geloofde: progressiviteit door strijd én volledige overgave. Groen en rood zijn dan ook de meest gebruikte kleuren in zijn gedichten. Groen dat staat voor hoopvolle verwachting en rood voor vooruitgang, de vernieuwing van mens en samenleving. 

Geraadpleegde literatuur:
–         Wanneer de rukwind komt, Juanchi. Paramaribo, Drukkerij Atlas, 1971. 
–         Wortoe d’e tan abra. Bloemlezing uit de Surinaamse poëzie vanaf 1957, samengesteld en ingeleid door Shrinivasi. Paramaribo, Bureau Volkslektuur, 1979 (4de dr.).
–         Michiel van Kempen, Een geschiedenis van de Surinaamse literatuur. Breda, De Geus, 2003.

sn

Sen Nandoe studeert MO-B Nederlands aan het Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL), in Suriname. Zij leest graag en veel en schrijft op deze website over de Surinaamse literatuur.

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

17 november 2009

Zoektocht naar zijn verleden levert charmant boek op

Recensie door Rein Swart

De intrigerende roman ‘Austerlitz’ van W.G. Sebald uit 2003 begint met een bezoek van de ik-figuur, een alter ego van de schrijver, aan de Zoo in Antwerpen in de tweede helft van de jaren zestig. De uilen die hij daar ziet doen hem denken aan de vorsende blikken ‘zoals je die wel aantreft bij bepaalde schilders en filosofen, die door middel van de zuivere waarneming en het zuivere denken trachten door te dringen in de duisternis die ons omringt.’ Daarna ontmoet hij, heel en passant, de mysterieuze Austerlitz in de wachtkamer van het station, die zeer geïnteresseerd blijkt te zijn in de architecturale waarde van het gebouw.

Lees meer