14 maart 2005

W.G. Sebald

De geschiedenis van het vergeten is nog veel minder onderzocht dan de geschiedenis van het herinneren.

Winfried Georg ‘Max’ Sebald (18 mei 1944 – 14 december 2001) studeerde Duitse taal- en letterkunde in Freiburg, later ook in Fribourg (Franstalig Zwitserland) en in Manchester. In 1970 verliet hij Duitsland ? een vlucht uit het naoorlogse klimaat van onverdraaglijke verdringing, brutale normalisering en onvermogen om te rouwen ? om zich permanent in Norwich (Groot-Brittannië) te vestigen. Daar gaf hij les aan de Universiteit van East Anglia, en werd hij in 1987 professor Europese Letterkunde. Ondanks zijn jarenlange verblijf in Engeland bleef hij een oorspronkelijk Duits schrijver, al werkte hij intensief samen met zijn Engelse vertalers. In zijn gedichten, essays en romans heeft Sebald een sterke persoonlijke stijl en thematiek ontwikkeld. De kern van zijn werk ligt in het vermengen van fictie en werkelijkheid, in de spanning tussen herinneren en vergeten, binnen de context van de Tweede Wereldoorlog en de holocaust. De gefictionaliseerde biografieën van ? meestal, maar niet altijd ? joodse ballingen die ontsnapten aan de gruwelen van de holocaust worden verweven met de autobiografie van een al even ontheemde verteller, die in dialoog treedt met de genoemde ballingen en die sterke gelijkenissen vertoont met W.G. Sebald. Via minutieuze beschrijvingen en opsommingen, foto’s en andere stille getuigen wordt een documentair karakter opgebouwd, dat echter meteen wordt ondermijnd door een complexe textuur van literaire verwijzingen. De moeilijkheid van het herinneren, de onvermijdelijke fictionalisering van het verleden, de subversieve kracht van toevallige Verbindungen en de onmogelijkheid om de horror van de holocaust en de Kindertransporte recht in de ogen te kijken zijn even tekenend voor zijn oeuvre als het uitputtende onderzoeksproces dat aan elk van zijn boeken voorafgaat: een poging om de geschiedenis die zich in tal van objecten (foto’s, documenten) heeft gecondenseerd te vertellen.

W.G. Sebald won verschillende prijzen, zoals de Los Angeles Times Book Award voor fictie, de Berlijn Literatur-prijs en de Literatur Nord-prijs. In 2001 kwam zijn laatste boek uit: Austerlitz, dat in 2003 onder dezelfde titel in het Nederlands verscheen. In december van datzelfde jaar kwam hij om bij een auto-ongeluk. Voor Austerlitz ontving hij in 2002 postuum de National Book Critics Circle Award.

Titels in het Nederlands:
Melancholische dwaalwegen (Van Gennep, 1991)
De Emigrés: vier geïllustreerde verhalen (Van Gennep, 1993)
De ringen van Saturnus: een Engelse pelgrimage (Van Gennep, 1996)
Austerlitz (De Bezige Bij, 2003)
De natuurlijke historie van de verwoesting (De Bezige Bij, 2004)

Het februarinummer van het literaire tijdschrift DWB (Dietsche Warande & Belfort, http://www.dwb.be/) bevat een uitgebreid themagedeelte over W.G. Sebald, samengesteld door Bart Philipsen en Jan Ceuppens. Naar aanleiding van dat nummer wijdde radiozender Klara op 26 februari 2005 een aflevering van het programma De Harde Schijf aan Sebald. De aflevering, met een heruitzending van het interview dat Jean-Pierre Rondas in 2001 had met Sebald over Melancholische Dwaalwegen, is integraal te beluisteren op http://www.klara.be/html/fs_audio.html. Meer audiofragmenten, over Austerlitz en De natuurlijke historie van de verwoesting, zijn te vinden op boeken.vpro.nl. In het maartnummer van Raster verschijnen enkele van zijn gedichten, vertaald door Wim Brands. En op 8 april 2005 gaat in het Kaaitheater in Brussel (http://www.kaaitheater.be/) De Emigrés in première, een theaterbewerking van Sebalds gelijknamige boek door Rudi Meulemans en De Parade. Een bespreking van de DWB-aflevering en een verslag van de voorstelling in het Kaaitheater verschijnen later op deze site.

Bronnen:
http://www.dwb.be/
boeken.vpro.nl

KS

Recent

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

19 november 2007

Net niet spannend genoeg
Door Fatima Bajja

Het lijkt alsof Sylvia Houweling alles heeft wat haar hartje begeert. Ze is getrouwd met Eddie Kronenburg, heeft twee kinderen en woont in een prachtig huis in Amsterdam-Zuid. Toch is het allemaal niet zo mooi als het lijkt. Eddie werkt namelijk in de onderwereld, hij is verantwoordelijk voor het transport van drugs.

Lees meer