Eric de Kuyper

Als kind al komt Erik de Kuyper (Brussel, 2 september 1942) in contact met zijn latere passies film, opera en ballet. Na zijn humaniora-opleiding bij de Jezuïeten, studeert hij in Brussel eerst aan het Institut des Arts de Diffusion en later aan het Rijksinstituut voor Toneel- en Cultuurspreiding. In die tijd blijkt hij al een fervent bezoeker van Europese film-, opera- en theaterfestivals , zodat hij veelvuldig in Berlijn, Oberhausen, Keulen, Londen en Edinburgh te vinden is. Na zijn studie werkt hij een tiental jaren (1965-1977) bij de BRT als producer filmaankoop en presenteert hij daar De andere film, een eigen programma waarin experimentele films aan bod komen. Tegelijkertijd volgt hij in die jaren nog de kandidaturen filosofie en het licentiaat massacommunicatie aan de Vrije Universiteit te Brussel.

In de periode 1974-1977 is hij student van Roland Barthes en A.J.Greimas aan de Parijse Ecole des Hautes Etudes et Sciences. Bij de laatste promoveert hij met een dissertatie over semiotiek, Pour une Sémiothique Spectaculaire. Van 1976 tot 1978 woont hij in Parijs waar hij meewerkt aan een onderzoeksproject van het Centre Pompidou.

Na zijn Parijse periode richt hij terug in Nijmegen aan de universiteit het bijvak Dramatologie op, dat later zou uitgroeien tot de volwaardige richting Film- en Opvoeringskunsten. In de jaren tachtig draait hij zelf vier speelfilms: Casta Diva (1981), Naughty boys (1982), A Strange Love-Affair (1985) en Pink Ulysses (1990). In 1988 wordt hij benoemd tot adjunct-directeur van het Amsterdamse filmmuseum. Tevens debuteert hij dat jaar als schrijver met Aan zee.

Eric de Kuyper begon met Aan zee aan een groots opgezette autobiografie, die tot op dit moment vijf delen bevat. Door minutieuze observaties laat hij je een langvervlogen tijd zien, ruiken en voelen. De balatum (zeil voor nederlanders) in de kamers, de kolenkachel die ‘poef’ zei (poefte, gepoeft), weinig contacten met de ouders, geen echte schoolkameraden, het op afstand geschokt waarnemen van de seksuele relaties (toen flirts geheten) van medestudenten, de muziek van de jaren vijftig, de vreemde gevoelens die niet te catalogeren waren, de jeugd van zijn eigen jeugd in de derde persoon. Kortom: je wordt ondergedompeld in de culturele sfeer van de jaren ’50 en volgenden. De Belgische Proust met een ietsje meer.

Daarnaast schreef De Kuyper ook nog detectives, essaybundels en ?uiteraard- scenario’s, zoals voor de Proust verfilming La Captive (2000) van Chantal Akerman. Ook in 2004 verschijnt er weer een film van Akerman Demain on déménage waar hij het scenario voor schreef. Veel van zijn werk is in de ramsj te vinden.

Werken:
Filmische hartstochten (1984)
Aan zee (1988)
De hoed van tante Jeannot (1989)
Een tafel voor een (1990)
Mowgli’s tranen (1990)
Dag stoel naast de tafel (1991)
Grand Hotel Solitude (1991)
Aantekeningen van een voyeur (1992)
Als een dief in de nacht (1992)
Bruxelles, here I come (1993)
De verbeelding van het mannelijk lichaam (1993)
Ma, Weduwe, Veuve Dekuyper (1993)
Te vroeg… te laat… (1994)
Een passie voor Brussel (1995)
Drie zusters in Londen (1996)
Met zicht op zee (1997)
Kinders (1998)
Met gemengde gevoelens (2000)
Een vis verdrinken: een niet-Nederlander tussen de Nederlanders (2001)

mn

Recent

20 september 2021

Subtiele metaforen en een poëtisch taalgebruik

Over 'Een Duitse fantasie' van Philippe Claudel
16 september 2021

De kracht van fictie

Over 'Het leugenlabyrint' van Paul Binnerts
15 september 2021

Leren van een vogel hoe te leven

Over 'Vlieglessen' van Charlie Gilmour
14 september 2021

Het beste is je over te geven aan de fantasie van de schrijver

Over 'Arc ' van Richard Osinga
13 september 2021

Puzzelen aan een zondvloedverhaal

Over 'Het Drogsyndicaat' van Mischa Andriessen