2 juni 2003

Louis Paul Boon

Louis Paul Boon (Aalst 15/03/12 – Erembodegem 10/05/79) is afkomstig uit een eenvoudig arbeidersgezin. Hij bezocht niet lang de school en ging als zestienjarige met vader Jef uit werken als pistoolschilder en als gevelschilder. ’s Avonds en in het weekend volgde hij lessen aan de Aalsterse Academie voor Schone Kunsten, maar door geldgebrek kon ook dit niet blijven duren. Moeder Stella hield een verfwinkeltje open om te helpen de eindjes aan elkaar te knopen.

In 1936 huwt Lodewijk Paul Aalbrecht Boon Jeanette Charlotte De Wolf. Louis werkt voor zijn vader en later voor brouwerij Zeeberg. Jeanneke heeft een confectiezaakje. In 1939 wordt zoon Jo Clement Boon geboren.

In 1944 verschijnt Abel Gholaerts. In 1946 verschijnen Vergeten straat en Mijn kleine oorlog. In 1953 De Kapellekensbaan en in 1956 Zomer te Ter-Muren. Pas in 1979 zullen deze twee werken, die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, in een band verschijnen. De diptiek De Kapellekensbaan/Zomer te Ter-Muren wordt als het magnum opus van Boon beschouwd.

Naast het zuiver literaire werk (het vroege werk verkoopt slecht), tracht Boon aan de kost te komen als journalist. Hij werkt achtereenvolgens voor de toenmalige

De roode vaan (1945-1946, op aanraden van Albert Van Hoorick), Front (1946-1947, dankzij Aloïs Gerlo) en De Vlaamse Gids (1948). Boon begint stilaan te werken voor Vooruit als freelance medewerker en definitief van 1954-1972. Zijn dagelijkse Boontjes, zijn cursiefjes, zal hij blijven publiceren tot aan zijn dood. Tussendoor schreef Boon onder talloze pseudoniemen voor de meest gevarieerde kranten en tijdschriften zoals Parool, De Zweep, Zondagspost…

Louis Paul Boon zal pas echt doorbreken in Nederland, dankzij Reinold Kuipers van De Arbeiderspers. In 1994 zal Jeroen Brouwers schrijven dat ‘Boon een standbeeld verdient op de grens tussen België en Nederland, maar met zijn kont naar Vlaanderen’.

*De voorstad groeit, A. Manteau, Brussel, 1943.
* Abel Gholaerts, A. Manteau, Brussel, 1944.
* Vergeten straat, A. Manteau, Brussel, 1946.
* Mijn kleine oorlog, A. Manteau, Brussel, 1946.
Uitleenbibliotheek, Boekuil, Gent, 1949.
Twee spoken, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1952.
* De Kapellekensbaan, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1953.
* De bende van Jan de Lichte, Het Laatste Nieuws, Brussel, 1953.
* Menuet, Ontwikkeling/Nieuw Vlaams Tijdschrift, Kluisbossen, 1954.
* Wapenbroeders, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1955.
* De kleine Eva uit de Kromme Bijlstraat, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1956.
* Niets gaat ten onder, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1956.
* Zomer te Ter-Muren, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1956.
* De paradijsvogel. Relaas van een amorele tijd, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1958.
* Vaarwel krokodil of de prijslijst van het geluk, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1959.
* De zoon van Jan de Lichte, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1961.
* Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1962.
* Dag aan dag, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1963.
* Het nieuwe onkruid, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1964.
* Verzamelde reservaten, De Arbeiderspers/ABC-Boeken, Amsterdam, 1965.
* Dorp in Vlaanderen, De Clauwaert, Leuven, 1966.
* Wat een leven!, De Arbeiderspers/ABC-Boeken, Amsterdam, 1967.
* 3 mensen tussen muren. Een roman in lino. Lowie, Em. Querido, Amsterdam 1969. (eerste druk: 1942).
* 90 mensen. Bekende en minder bekende, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1970.
* Pieter Daens of hoe in de negentiende eeuw de arbeiders van Aalst vochten tegen armoede en onrecht, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1971.
Als het onkruid bloeit, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1972.
* Mieke Maaike’s obscene jeugd, De Arbeiderspers, 1972.
* Eten op zijn Vlaams, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1972.
* Zomerdagdroom, De Arbeiderspers/Em. Qeurido, Amsterdam, 1973.
* Blauwbaardje in de ruimte. Op schrift gesteld door Louis Paul Boon/In beeld gebracht door Jo Boon, Paris-Manteau, Amsterdam/Brussel, 1973.
* De meisjes van Jesses, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1973.
Davids jonge dagen, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1974.
Verscheurd jeugdportret, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1975.
* Memoires van de heer Daegeman, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1975.
De zwarte hand of het anarchisme van de negentiende eeuw in het industriestadje Aalst, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1976.
Het jaar 1901. Verhalen naar de politiearchieven der stad Aalst, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1977.
Het Geuzenboek, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1979.
* Verzamelde gedichten, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1979.
* Eros en de eenzame man. Een droefgeestig en schandelijk pornoverhaal, De Arbeiderspers/Em. Querido, Amsterdam, 1980.
* Het boek Jezebel, Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, Gent, 1999.

Websites: www.booncentrum.be, www.lpboon.net

 

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Literair Nederland - 10 jaar geleden

29 oktober 2007

een schokkend sprookje
Door Fatima Bajja

Met De Vliegeraar schaarden honderden boekenfans zich achter de schrijver Khaled Hosseini. De kritiek die de schrijver over dit boek ontving– het verhaal waarin de vriendschap van twee Afghaanse jongens wordt beschreven- was jubelend. Hosseini werd geprezen om zijn ontroerende, meeslepende en mooie manier van schrijven. Met zijn nieuwe boek Duizend schitterende zonnen, waagde Hosseini een tweede poging.

Lees meer