2 juli 2007

Burgerrecensenten versus 'echte' recensenten, deel I

Auteur Herman Stevens vroeg zich vorige week in het <a href=”http://www.hermanstevens.nl/result_weblog.asp?Id=55″>NRC </a>af waarom lezers op internetsites eigenlijk recensies schrijven. De recensenten van dag- en weekbladen zijn niet meer de leidsmannen en -vrouwen die ze waren constateert hij. ‘Als we marktonderzoek moeten geloven, laten lezers zich net zo lief leiden door het internet, waar vrijwilligers hun recensies op websites als Recensieweb, LiterairNederland en 8Weekly zetten.’ De ware ? belezen ? lezer tref je er echter niet aan, die kom je wél tegen op literaire avondjes in de provincie, meent Stevens. In het artikel plaatst hij de opkomst van de internetrecensie tegen een achtergrond van een afnemende ruimte voor boekrecensies in de krant.

Daarbij zou de dagbladrecensent verzuurder worden, omdat hij ? eeuwige freelancer ? niets in de melk te brokkelen heeft op de redactie. ‘Er is één reden dat de recensie-websites zo’n vlucht hebben genomen. Internet-recensies zijn direct op te zoeken via Google, terwijl de dagbladen slechts een klein deel van hun kritieken op het net zetten […] als de websites die recensenten willen vasthouden, zal er ooit geld op tafel moeten komen. Want zoals de achttiende-eeuwse criticus Samuel Johnson al zei, alleen een domkop schrijft voor niets.’

Stevens opent hiermee een boeiend onderwerp dat nog wel wat andere facetten kent. De psyche van de internetrecensent verschilt niet zoveel van die van Herman Stevens wanneer hij een brief inzendt (waarvoor hij immers geen geld ontvangt) maar waarin hij de behoefte bevredigt een grote groep mensen in kennis te stellen van zijn inzichten en opvattingen. De lezer van de recensie op het internet lijkt vervolgens weer op de lezer van het opinieartikel van Stevens in de krant: hij is benieuwd naar wat iemand die er verder geen bewezen verstand van heeft over het onderwerp te berde brengt. Bijvoorbeeld omdat het onderwerp verder niet heel veel aandacht krijgt. Want het internet is hoe dan ook de redding van de kleine, onbesproken boeken. Er is tenslotte steeds minder ruimte in de dagbladen voor recensies.

Een ander aspect vind ik belangrijker. Stevens gaat naar mijn inzicht voorbij aan de veranderende behoeften van de lezer. Ik neem aan dat veel internetgebruikers gaandeweg een strategie ontwikkelen om vanuit een teveel aan informatie te komen tot genoeg om te weten wat je wilt weten. De recensent van de nieuwe vertaling van het werk van Emily Dickinson krijgt het niet makkelijk voor elkaar kort samen te vatten wat een heel gewone gebruiker van het internet goed bijeen kan zoeken. Zo’n gebruiker vindt ook veel rommel, maar neem maar aan dat wie voorheen de moeite nam een recensie van een boek te lezen, inmiddels in staat is in weinig tijd veel goeds uit de het grote aanbod te halen. Zo’n lezer weet bijvoorbeeld ook dat het verstandig is niet alleen de eerste twee recensies te lezen die Moederziel van Herman Stevens op het internet opleveren (8weekly en Recensieweb, niet zo positief) maar ook wat verder, naar de Volkskrant te zoeken (veel positiever).

Maar het gaat nog een beetje verder. Wie in literatuur geïnteresseerd is, kan bijvoorbeeld besluiten – door goed om zich heen te kijken – dat de geprezen dagbladrecensies een weergave van de literaire wereld geven die eenvoudigweg niet meer voldoet. En opgelucht ademhalen door eens een paar weken achterheen allen maar recensies hier of hier te bekijken. Alsof je na lange tijd weer boven water komt. Dagbladrecensies, ja, maar ook gebied dat de nederlandse krant niet kan bestrijken.

De bezorgdheid van Stevens is begrijpelijk, maar de goede lezer heeft zich ontwikkeld van een die geboeid de boekenbijlage doornam en daar zijn mening mede op baseerde, tot een die geboeid veel meer informatie bekijkt, daar in leert te selecteren en mede daarop zijn mening baseert. Persoonlijk vind ik het onjuist je te laten leiden door een dagbladrecensent, zomin als ik het juist vind de eerste de beste internetrecensie te geloven. De omgang met de media is wat ingewikkelder geworden. Dat is nog geen reden de lezer te onderschatten.

Menno Hartman

Recent

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

14 september 2017

Daar waar granaten fluiten

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer