TONEELSCHRIJFLENTE

Naast de viering van de dag van de arbeid, begon op 1 mei j.l. tevens de Nederlandse toneelschrijflente. Mocht u hier nog nooit van gehoord hebben dan is dat niets om u voor te schamen. Het is namelijk de eerste Nederlandse Toneelschrijflente in de geschiedenis van de Nederlandse toneelschrijfkunst. Toneelschrijfkunst?, bestaat die dan? Nou daar zijn de meningen enigszins over verdeeld.

Natuurlijk bestaat de toneelschrijfkunst, maar het blijft een vreemde eend in de bijt gezien de geringe literaire waardering van het genre in Nederland. Dat dit in andere landen wel anders is, bewijst de Nobelprijs voor de literatuur die tot driemaal toe werd toegekend aan een toneelschrijver. Wat in ieder geval duidelijk is, is dat Nederland geen traditie kent als het gaat om het schrijven van dramatische teksten. Platform Onafhankelijke Theaterauteurs wil hier verandering in brengen door schrijvers, regisseurs en publiek bij elkaar te brengen.

De aftrap van de toneelschrijflente vond zoals gezegd plaats op 1 mei in De Balie te Amsterdam alwaar Gerardjan Rijnders een column voorlas waarin hij aandacht vroeg voor het vroege toneelwerk van Van het Reve dat volgens Rijnders interessant genoeg was voor een moderne enscenering. Interessant was ook een door een jongere generatie toneelschrijvers voorgelezen interview van twintig jaar geleden met Ger Thijs, Judith Herzberg en Frans Strijards over het schrijven van theater in Nederland. Of er in de tussentijd iets veranderd is, valt moeilijk te zeggen, maar het pamflet van Platform Onafhankelijke Theaterauteurs klinkt hoopvol:
 
“Na langdurig in de betrekkelijke luwte van de literatuur te hebben geleefd, ontwikkelt zich de laatste decennia in ons land een levendige toneelschrijftraditie. Het geheugen van het Nederlands toneel is echter kort. Daarom tonen wij een even optimistische als dynamische staalkaart. Tegen het vergeten, voor de reflectie.”

Komt dat zien- komt dat zien.

Andreas Vonder

Recent

12 november 2018

Zwanger van dood

Literair Nederland - 10 jaar geleden

28 november 2008

Zinnen van eenvoud en trefzekerheid
Recensie door Karel Wasch

Godelieve Prantl (1948) debuteert met deze fraai uitgegeven bundeling van haar gedichten. De 20 gedichten uit De nacht is bont en blauw zijn in vier cycli verdeeld: Cyclus van 7, Kou, Kinderkamer en Halleluja. De eerste cyclus is beschouwend, de cyclus Kou adembenemend. In Kinderkamer komen we tedere gedichten tegen en Halleluja is wat luchtiger van toon.

Lees meer