30 september 2016

Yoghurtpak

Door Inge Meijer

Telkens als ik een pak yoghurt uit de koelkastdeur pak, lees ik op de schuine bovenkant: ‘Waar is de dop?’ Ik heb geen idee, klinkt het in mezelf. Het heeft geen zin dit hardop te zeggen want niemand luistert. Al ontsnapt me wel eens: ‘Ik zou het niet weten’, en na het zoveelste pak yoghurt met dezelfde vraag roep ik wel eens: ‘Weten ze nu nog niet waar die dop is?’
‘Waar is de dop?’ en het niet weten. Hoe houdt een mens dat vol. Ik kan in het rekje van de koelkastdeur kijken of onder de tafel maar dat lost niets op want die dop is er gewoon niet. Als er een vraag is, wil je antwoorden, al is het maar: ‘Ik zou het niet weten.’ En dan weet je het.

Het is zoiets als bij een vriendin op bezoek komen en dat ze dan vraagt: ‘Waar is de bank?’ waardoor ik dan gelijk de aandacht op ‘bank’ richt en zie dat er een nieuwe staat waarop ik dan uitroep: ‘Heb je een nieuwe bank!’ En je gaat erop zitten en raakt er het eerste kwartier niet over uitgepraat. Niet dat ik zulke vriendinnen heb maar het zou kunnen.

Met de vraag: ‘Waar is de dop?’, willen ze wellicht dat ik roep, ‘Hé, de dop is weg!’ En dat ik daar dan een kwartier over ga praten hoe goed dit is van de zuivelpakkenproducent. Maar hé, in den beginne was het een pak zonder dop, toen werd het een pak met dop en nu is de dop weg. Het is zoals het is.

Overigens heb ik me deze week bij het ontbijt zeer vermaakt met de nieuwe editie van het fraaie poëzietijdschrift Het Liegend Konijn. Daarin werk van onder andere Gerry van der Linden en Marieke Rijneveld. Niets beters om stompzinnigheid te overwinnen dan een gedicht in de ochtend.

Het gedicht ‘Voor Wim Brands (1959-2016)‘, van Gerry van der Linden bracht me een afstand tot de dingen die het waarnemen scherper maakt. Eenvoudige woorden in kleine strofen waar een oprechte maar afstandelijke genegenheid uit spreekt en dat eindigt met:

je was gevallen – ik zag het
je wilde opstaan uit een lege stoel

En dan Marieke Rijneveld, die schrijft: ‘(…) zij zei dat dichters die hun ouders ontberen hetzelfde zijn als jongens met vouwranden die maar niet willen blijven plakken.’ (Uit: Oudjaar Lombok)

‘Jongens met vouwranden’. Dat wil ik wel gedrukt zien staan op een pak met yoghurt.

 

 

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

28 mei 2007

´Het eerste bezoek was een klucht. Niet zomaar banaal lachen en dijen kletsen. Nee, het was, hoe meer ik erover nadenk, de verfijnde onderbroekenlol van een oude professor die te midden van kunst en antiek plotseling tegen me zei: ´Laat uw broek maar even zakken.´´

´Het eerste bezoek was een klucht. Niet zomaar banaal lachen en dijen kletsen. Nee, het was, hoe meer ik erover nadenk, de verfijnde onderbroekenlol van een oude professor die te midden van kunst en antiek plotseling tegen me zei: ´Laat uw broek maar even zakken.´´

Wie had ooit gedacht dat deze aanlokkende openingsalinea door ons eigen Peter Brusse werd opgeschreven? Brusse, bij het grote publiek voornamelijk bekend als voormalig buitenlands correspondent voor de Volkskrant en het NOS Journaal in Londen maakt met het vlindernet zijn debuut als romanschrijver.

Lees meer