11 december 2014

Worst – Atte Jongstra

De werkelijkheid is alleen van jezelf

Recensie door Adri Altink

Een huwelijk is net als worst. Je moet niet de hele tijd bezig zijn met de bestanddelen van je partner’, antwoordt de ‘ik’ uit Atte Jongstra’s nieuwste roman Worst. Hij krijgt tijdens een college in Berlijn vragen over zijn boeken; deze gaan over de psychologie in zijn romans. ‘Mijn personages houden er niet van. Ze denken liefst zo weinig mogelijk over zichzelf na’, antwoordt hij.

Op 1 juni 2012 barst de bom. Schrijfster Ingrid Hoogervorst zet haar man buiten de deur omdat hij nooit ergens over wilde praten: ‘Je krijgt een uur om op te rotten’. De aanleiding was een compromitterend gedicht dat ze op zijn pc heeft ontdekt en heeft uitgedraaid. Duidelijk bewijs van overspel, smeet ze hem in het gezicht. Nee, vrijheid van de dichter, was zijn vergeefse repliek.

‘De heenzending’ noemt de aangesprokene, Jongstra, die gebeurtenis. In Worst kijkt hij op zijn manier terug op de 15-jarige relatie met zijn ex, die in de roman ‘Rosa’ wordt genoemd. Eerder dit jaar deed Ingrid Hoogervorst dat al in haar Privédomein, een roman met veel analyse en zelfbeklag en graven naar signalen die er bij nader inzien altijd al geweest waren. Jongstra zelf moet daar niets van hebben. Dat blijkt op een vermakelijke manier bijvoorbeeld uit een herinnering die hij beschrijft aan een gesprek dat ze samen hadden naar aanleiding van een artikel uit de NRC van 24 maart 2007 over de ‘Psychologische Alweter’. Rosa gaat er, fragmenten voorlezend aan haar man, eens goed voor zitten: ‘Moet je horen. Goed stuk. Over hoe slecht naar mensen wordt geluisterd.’ De ‘ik’ heeft er geen zin in, maar leest na enig aandringen een fragment voor over het analyseren van elkaars persoonlijkheid in een relatie en zegt dan: ‘Daar zouden ze eens mee moeten stoppen’. Rosa eist het katern terug: ‘Als je je mening al weer klaar hebt, geef dan maar hier.’
Inderdaad. De signalen waren er vijf jaar voor de ‘heenzending’ ook al.

Spreidde Hoogervorst de nukken en ongemakken van haar partner (zij noemt die in Privédomein consequent ‘de schrijver’) nogal venijnig ten toon in haar roman, Jongstra doet dat in Worst wat minder. Dat komt vooral door de verwevenheid van zijn terugblik met het verslag van één van zijn verzamelwoedes, worst deze keer. Die lekkernij zet hij in de roman meteen maar in als metafoor voor wat er mis ging: ‘Het was geweld dat ons huwelijk sneuvelen deed, en het peuren in de worst’.

Nee, voor gepsychologiseer kun je de deur van Jongstra beter voorbijgaan. ‘Daar heb ik een ex-echtgenote voor’, zegt hij in Venetië tegen een Poolse doctor, die hij aan de ‘espressotoog’ heeft getroffen en die hem rondleidt in ‘het Giethoorn van Italië’. Iedereen heeft zijn eigen werkelijkheid, en laat dat in godsnaam zo blijven, lijkt Jongstra te denken. Dat is ook de toon van Worst. Natuurlijk stopt hij het nodige gif in de beschrijving van de breuk, maar het gebeurt op een manier die regelmatig op de lachspieren werkt.

Jongstra wil er eigenlijk niet eens zoveel over kwijt: ja, een paar belabberde ervaringen, haar achterdocht, zijn zoektocht naar passende huisvesting na zijn ‘heenzending’, de sneren als hij in het huis spullen op komt halen, het gedoe over alimentatie enzovoort. Maar er is vooral zijn passie voor de worst in alle denkbare gedaantes en toepassingen. Hij struint er het internet voor af en leest oude kranten en de (wereld)literatuur door op zoek naar vermeldingen van worst.

En ook in het verslag van die passie geldt: de werkelijkheid is die welke we creëren of waar we in wensen te geloven. Jongstra neemt onze opvattingen van de realiteit voortdurend op de hak. Het meest extreem deed hij dat in 2007 in De avonturen van Henry II Fix, waarin hij een compleet gefingeerde biografie presenteerde met een vérgaande schijn van gedocumenteerdheid. Veel van wat hij deze keer in Worst debiteert is ‘waar’, maar ook hier wordt het spel gespeeld, in tekst en afbeeldingen. ‘Jochem Rook huwde te Vollenhove (Overijssel) op 17 juli 1812 Margje Worst’; verzint hij dat? denk je als nieuwsgierige lezer. Nee, hoor. Het klopt. Maar die tekening dan op pagina 96, waarop iemand een ladder beklimt om Nietzsche een worst op zijn hoofd te zetten? De noten achterin de roman erkennen de manipulatie: ‘vrij naar Julius Hammer’. Jongstra heeft de lauwerkrans op het origineel voor de gelegenheid vervangen door een worst als hulde aan de – ja, dat wel – worstminnende filosoof. Of neem de grafiek op pagina 121 over de ‘Divorce rate in Maine per capita consumption of sausage’… Toch even googelen: nee, het ging niet over worstjes, maar over margarine! Daarentegen bestaat het muziekstuk Salute to a Sausage Society for Trombone Trio van de Zweed Christian Lindberg wel degelijk! Het is te beluisteren als track 12 op YouTube.

In Nederland creëerde Atte Jongstra zelf ook maar meteen een sausage society. Worstclub Mondiaal. Hij is er erelid van. Daar had Rosa dan weer totaal geen begrip voor. In het eerste jaar na zijn ‘heenzending’ biedt zijn club hem meermalen vertroosting. Hij pikt er zelfs een nieuwe vriendin op bij wie hij zich kort kan warmen. Maar de nieuwe ware treft hij via een Facebookkennis. Het is Erminie. Hij krijgt haar, in tegenstelling tot eerdere vriendinnen, die weinig van zijn worsthobby moesten hebben, zelfs mee naar Mondiaal. Als de toenadering haar echter plotseling wat al te snel gaat haakt ze af.

Een paar dagen later vergeet Jongstra, verteerd door minnepijn, naar een activiteit van zijn geliefde worstclub te gaan: ‘Ik zat met natte ogen voor het raam naar het park te turen en vergat er heen te gaan. Maar aan de janker in zichzelf krijgt men na een dag of wat een hekel. Ik kon haar zo niet laten schieten’.

Sloeg zijn vrouw in 2012 toe na de vondst van zijn vermeende overspelgedicht, nu haalt hij Erminie terug met een vers per mail: ‘Val, neem, eet. Ik ben van jou’, is de laatste regel.
Ze reageert nog dezelfde dag. Zonder gepsychologiseer.

 

 

 

Worst
Atte Jongstra
Verschenen bij: Uitgeverij De Arbeiderspers
ISBN: 9789029589659
192 pagina's
Prijs: € 24,99

Meer van Adri Altink:

1 december 2016

Wat maakt ons tot wie we zijn?

Over 'Hier ben ik' van Jonathan Safran Foer
13 september 2016

Op de vlucht naar moed

Over 'Helden van de grens' van Dave Eggers

Recent

20 januari 2017

Openhartig over lotsbestemming

Over 'Het visioen aan de binnenbaai' van Oek de Jong
19 januari 2017

Lawaaidichter en lawaaimakers

Over 'Radeloos en betoverd' van Pat Donnez
18 januari 2017

Streng en gewichtig

Over 'We hadden liefde, we hadden wapens' van Christine Otten
17 januari 2017

Ongrijpbare gedichten

Over 'Bladgrond' van Roland Jooris
16 januari 2017

Sprookjes hebben geen woorden nodig

Over 'Sprookjes van Grimm zonder woorden' van Frank Flöthmann