30 januari 2014

What’s in a name

Door Inge Meijer

Vanmorgen liep ik een boekhandel binnen. Ik had geen paraplu nodig, of leesbril. Ik zocht een boek. Dat kon gelukkig in deze boekhandel. Het winkeltje lag aan een rustige winkelstraat waar, op het uitwaaierende geroep van voorbij fietsende scholieren en het rammelen van de winkeldeur die ik opentrok, verder niets te horen was. Bij binnenkomst stond daar als een blok de toonbank, vol papierwerk, boekjes, boeken, folders en een hoge kassa. Links lag de winkel als een open boek voor me. Boeken aan mijn voeten en boven mijn hoofd. Daartussen een smal pad dat langs boeken voerde die op kuithoogte lagen. Achter me een hoog opgetaste boekentafel. Rustig aan nu. Denk, denk om de rugzak. Draai met beleid en stoot nergens tegen aan. Bukken om, naar zal blijken, de zesde druk van Sylvia Plath’s De glazen stolp, naar me toe te halen.

Vanuit een nis onder de trap die zich halverwege de winkel bevindt, klinkt een goedemorgen. En of ik het vinden kan. ‘Jaja, neenee’, zeg ik en sla het boek van Plath open. De boekhandelaar treedt uit zijn nis naar voren. Een echte boekhandelaar, beetje raar haar, plat op zijn hoofd, bril op zijn neus, niets bijzonders. ‘En, vraag ik, bent u blij dat het doek voor Polare gevallen is?’ Gelijk ik de naam uitspreek wordt er in mijn hoofd een gitaar aangeslagen. ‘Kreeg u zoiets als: eigen schuld dikke bult en ik had het wel gedacht?’ ‘Tjsa’, zei de boekhandelaar die een echte romanticus bleek: ‘die groots opgezette boekhandels kijken naar kopers maar vergeten de lezers. Deze stad kent geen Polare’, vervolgde de boekhandelaar grijnzend. Een hese stem zong in mijn hoofd: ‘Volare oho, cantaré oho ho ho’. Ik kon er niets aan doen. Zo gauw ik Polare hoor, denk of een vestiging binnenloop, gaan de Gipsy Kings los in mijn hoofd. Niet dat het er iets mee te maken heeft. Die opzwepende vurigheid bezat Polare helemaal niet. What’s in a name? In die van Polare dus niets. Echte boekenwinkels varen wel onder namen als Someren & Ten Bosch, Lovink, Nawijn & Polak, Athenaeum, Schimmelpennink. En daar staat dan Boekhandel voor, of achter. Weet je gelijk waar je aan toe bent.
Ik stond nog met De glazen stolp in mijn handen en las de eerste zin die een hoop in me losmaakte:

‘Het was een merkwaardige snikhete zomer, de zomer dat ze de Rosenbergs elektrocuteerden, en ik was in New York, en wist niet wat ik er deed.’ De hitte was voelbaar, blote voeten over smeltende teerwegen en de dreiging van het onbevattelijke. En dat je dan niet weet wat je daar doet. Maar ook niet weg gaat. Bij de kassa zei de boekhandelaar, nog steeds grijnzend: ‘Een klant vertelde me laatst dat als hij bij Polare rondliep, hij subiet niet meer wist wat hij er deed. Merkwaardig niet?’ Volare, oho, cantaré oho ho ho, ging het in mijn hoofd terwijl ik toekeek hoe de boekhandelaar het boek met papier omwikkelde en vakkundig dichtplakte.

 

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

20 november 2017

Het leven ontwijken

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 november 2007

Geloven in een god die niet bestaat
Door Bernadet

Op de titel De kunst van het niets doen reageerden veel mensen met: ‘Oh, dat zou ik ook wel willen, een tijdje niets doen.’ Daar ging het boek echter niet over. Het ging over Taoïsme en de gebeurtenissen in je leven op je af laten komen, van alle kanten bekijken, en dan weer verder gaan met leven.

Lees meer