15 mei 2017

De Weergekeerde Bloem – Wessel te Gussinklo

Wat een schrijver lijden kan

Recensie door Daan Pieters

Het valt niet mee om schrijver te zijn. Vraag het maar aan Hajé Gerritsen, hoofdpersonage in De Weergekeerde Bloem van Wessel te Gussinklo. Hajé is een gevestigde schrijver die met een verlammend writer’s block kampt. Na zijn ontmoeting met de zonderlinge Marcel, een vrij passief personage dat vooral als klankbord dient voor lange bespiegelingen over de schone letteren en de dingen des levens, ontwikkelt zich een innige, symbiotische vriendschap. De twee slijten uren in cafés, schaken, wandelen, kortom, ze doen wat dergelijke personages geacht worden te doen en houden daarbij lange conversaties. Die klinken nu eens hoogdravend, dan weer vrij banaal (‘Wat doe je als geen vriendin hebt, met seks en zo?’ had ik gevraagd. / ‘Ik ga soms naar de hoeren.’ / ‘Ja,’ zei ik, ‘ja, dat doe ik ook’). Opvallend is de neiging van de auteur om alles zéér gedetailleerd te beschrijven, van de manier van lopen tot de houding, de kapsels en de kleren van zijn personages. Wordy prose noemen Angelsaksische critici dat. Bij momenten lijkt het wel een highbrow versie van Herman Brusselmans, al zijn er ook parallellen met onder meer Harry Mulisch, bij wie Te Gussinklo het motief van de weergekeerde bloem haalde. Nu het jammer genoeg bon ton is geworden om te schamperen over Mulisch, is dat haast een daad van verzet geworden.

Hoewel Marcel ook literaire ambitie heeft, lijkt hij aanvankelijk onmogelijk een serieuze concurrent te kunnen worden voor Hajé. Toch wordt hij een ernstige bedreiging als hij zelf een roman publiceert, nota bene met ideeën die hij grotendeels van Hajé heeft gepikt. Het boek wordt een groot succes, en naarmate Marcels ster rijst, zinkt Hajé steeds verder weg in het moeras, alsof hij wordt leeggezogen door een parasiet. Het pijnlijke dieptepunt is de boekvoorstelling van Marcel, waar Hajé nauwelijks wordt geduld en zich ‘tussen het voetvolk van de uitgeverij’ moet mengen.

Wessel te Gussinklo is uiteraard niet de eerste die als insider een roman over het literaire wereldje schreef. Nog altijd lezenswaardig is bijvoorbeeld De grachtengordel van Geerten Meijsing, een boek waarin het milieu van scribenten en handelaren in bedrukt papier genadeloos door de mangel wordt gehaald. Ook bij Wessel te Gussinklo wordt het schrijfbedrijf niet gespaard: het blijkt een krabbenmand te zijn van zich in zelfmedelijden wentelende pennenridders die elkaar het licht in de ogen niet gunnen en in het gevlij proberen te komen bij arrogante uitgevers. Daarvoor kon de auteur overigens rijkelijk uit zijn eigen ervaring putten: jarenlang moest hij met zijn eigen manuscript leuren voordat hij een uitgever vond. Soms levert het amusant proza op, zoals wanneer Marcels uitgever de platste commerciële trucs uit de kast haalt (‘Marcel, kun jij niet net als Jan Wolkers met ontbloot torso op de achterflap? Dan kopen duizenden geperverteerden extra die roman’). Er vallen ook wel wat mooie inside jokes te rapen; zo is er een literair tijdschrift dat De prosector heet. Maar jammer genoeg roepen de navelstaarders die het boek bevolken op den duur niet veel empathie meer op.

Op zich is het geen probleem dat er weinig opzienbarends ‘gebeurt’ in een boek, zie bijvoorbeeld het oeuvre van Voskuil of uiteraard De avonden van Gerard Reve, dat trouwens ter sprake komt in De Weergekeerde Bloem: ‘Verder dan de eerste hoofdstukken was ik niet gekomen. Die vieze mensen met die verkeerde onderbroeken en dat bewasemde huis ruikend naar bewaarkool; de zweetlucht, de ranzige viezigheid die uit de bladzijden opsteeg.’ Het is fraai verwoord, en op stilistisch gebied stelt het boek geenszins teleur, maar de onderhuidse spanning die in De avonden het verhaal voortdrijft en het inlevingsvermogen van de lezer bevordert, is te weinig voelbaar in De Weergekeerde Bloem. De haast Couperiaans klinkende schrijfopdracht die Hajé zichzelf oplegt, lijkt Te Gussinklo zelf niet helemaal waar te kunnen maken: ‘Daarover wilde ik schrijven. De onzichtbare, de heimelijke krachten achter die handelingen, die gebaren, die woorden die zelf een creatie waren, een schepping en tegelijk een pantser om anderen af te weren, weg te kaatsen, steeds opnieuw mikkend, berekenend om meer kracht te krijgen, meer macht te verwerven, meer succes te hebben. Daar ging het om, dat gebeurde achter al die simpele praatjes en gedragingen.’

 

 

De Weergekeerde Bloem
Wessel te Gussinklo
Verschenen bij: Uitgeverij Koppernik
ISBN: 9789492313256
400 pagina's
Prijs: € 21,50

Meer van Daan Pieters:

1 september 2017

Knikkerbestaan

Over 'De nacht in Lissabon' van Erich Maria Remarque
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
14 juli 2017

Het barre landschap van de menselijke geest

Over 'Beest' van Paul Kingsnorth

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

Over 'De bekentenis van de leeuwin' van Mia Couto
19 september 2017

Nieuw leven beschreven

Over 'Het groeit! Het leeft!' van Marjolijn van Heemstra
18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

Over 'Ovale dakraam' van Pierre Reverdy
15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

Over 'Syfilis, of de Franse ziekte' van Girolamo Fracastoro
14 september 2017

Daar waar granaten fluiten

Over 'Wraak' van Andelko Vuletic

Verwant

15 mei 2017

Oogst week 11

15 mei 2017

Op weg naar het eeuwige licht

Over 'Wij zullen aan God gelijk zijn en voor eeuwig bestaan ' van Wessel te Gussinklo