27 mei 2015

Vuur en beschaving – J. Goudsblom

Terechte herdruk van een indrukwekkende studie

Recensie door Evert Woutersen

In 1984 publiceert J. Goudsblom in De Gids (jaargang 147) Vuur en beschaving. De domesticatie van vuur als een beschavingsproces. Hij schrijft: ‘Het onderwerp van deze studie is […] zeer omvangrijk. De handeling beslaat de menselijke omgang met vuur, de plaats waar deze zich afspeelt is het landoppervlak van de aarde, en de tijd beslaat ten minste vijfhonderdduizend jaar.’ In de jaren daarop (1984-1992) verschijnt een reeks vervolgartikelen in De Gids. Hieruit is het boek Vuur en Beschaving voortgekomen. In 1992 verschijnt tegelijk met de Nederlandse uitgave Fire and Civilization (Allen Lane/Penguin 1992). De vijfde druk (2015) is uitgebreid met een nawoord met een overzicht van nieuwe inzichten en verwijzingen naar recente literatuur over de verhouding tussen mens en vuur.  Goudsblom stelde een ‘kleine persoonlijke selectie’ uit het nieuwe aanbod samen en voegde er zijn observaties aan toe.

In het VPRO programma Boeken van Wim Brands vertelde Goudsblom (uitzending 26 april 2015) dat hij op het idee kwam voor Vuur en beschaving door de openingsscène van de bioscoopfilm Quest for fire (La guerre du feu van Jan-Jacques Arnaud uit 1981). Deze scène beschreef hij eerder in ‘De ontdekking van brandstof’ (De Gids, jaargang 170, Amsterdam 2007): ‘De film begint met een nachtelijke scène waarin een groep mensen die ligt te slapen rond een vuur door wolven wordt belaagd. Een dommelende wachter ontdekt het gevaar net op tijd. Hij pakt een brandende stok uit het vuur en gooit die naar de wolven. We zien hoe de stok terechtkomt in de vacht van een van de wolven, waarna de dieren huilend op de vlucht slaan […]. Deze scène maakt treffend duidelijk dat de machtsbalans tussen mensen en grote roofdieren ten gunste van de mensen is omgeslagen toen zij over vuur als wapen konden beschikken […]. De vuurbeheersing stelde mensen in staat van dit effect gebruik te maken en zich staande te houden tegenover dieren die veel groter en sterker zijn dan zij.’

Deze verandering in de machtsbalans is volgens Goudsblom een  ‘oermoment in de menselijke geschiedenis.’

Goudsblom schrijft dat zijn studie over de omgang van mensen met vuur aanleiding geeft tot het overschrijden van vakgrenzen. ‘Als socioloog beweeg ik mij op de terreinen van de archeologie, de antropologie, de geschiedenis, de psychologie en zelfs de biologie en de ecologie.’

Het boek laat zien dat vuurbeheersing een unieke en universele eigenschap is van menselijke samenlevingen: ‘Het leren beheersen van vuur was en is een vorm van beschaving. Doordat mensen het vuur hebben getemd en het hebben ingelijfd in hun samenlevingen, zijn die samenlevingen ingewikkelder en zijzelf geciviliseerder, beschaafder geworden.’

‘Beschaving’ en ‘civilisatie’ gebruikt Goudsblom als synoniemen. Ueber den Prozess der Zivilisation van de Duitse socioloog Norbert Elias is het referentiekader. Goudsblom specificeert zijn definities van de begrippen op zodanige wijze dat ze ook voor de beschrijving van vuurbeheersing kunnen worden gebruikt: ‘Er is veel voor te zeggen om beschaving op te vatten als een proces dat deel uitmaakt van een veel meer omvattend, algemeen menselijk proces van ‘collectief leren’. De term ‘collectief leren’ dekt alles waar we met woorden als ‘beschaving’ of ‘civilisatie’ op doelen, zonder dat daarin meteen een gunstig of ongunstig oordeel meeklinkt.’

Elias beschrijft het Europese civilisatieproces tussen 850 en 1850. Dit proces is een voortzetting van eerdere civilisatieprocessen (o.a. van de Grieken, Romeinen en Kelten), maar hij beschrijft die processen niet. Voor zijn studie naar de vuurbeheersing van de mens breidt Goudsblom zijn onderzoeksgebied uit: ‘Als overkoepelend kader dient de geschiedenis van de mensheid, bezien als een geheel dat is opgebouwd uit de geschiedenissen van talloze samenlevingen […].’ Bovendien voegt hij er een ecologische dimensie aan toe.

Hij begint bij de vroegste prehistorie. De ’grote door mensen teweeggebrachte ecologische transformaties’ zijn de ‘domesticatie van vuur’, de ‘opkomst van landbouw en veeteelt’ en de ‘industrialisering’. Zonder vuurbeheersing zou agrarisering en industrialisering ondenkbaar zijn geweest. Bij de eerste transformatie leren mensen vuur voor eigen doeleinden te gebruiken. Na de opkomst van de landbouw gaan de vernieuwingen in het vuurgebruik in een hoger tempo (pottenbakken en smeden en gespecialiseerder technieken). ‘Ongeveer tien generaties geleden is de industrialisering een dominante trend geworden; daarmee is de toename van vuurbeheersing geweldig versneld.’

Bestudering van de oudste geschriften, uit bijvoorbeeld Mesopotamië, leren dat er toen al voorschriften bestonden over de omgang met vuur. De stad Hattusa had een officieel beleid voor brandpreventie. Ook over het gebruik van vuur in het oude Israël is veel overgeleverd via het Oude Testament. Vuurgebruik staat veelal in verband met godsdienst en oorlog. Maar de meeste verwijzingen hebben betrekking op offers, zoals het verhaal van Abraham die in opdracht van de Heer een brandaltaar bouwt om zijn zoon Izaäk te offeren

De ontwikkeling van de vuurbeheersing is een integraal aspect van de sociale en culturele ontwikkeling. ‘Het bezit van vuur heeft de menselijke samenlevingen productiever en weerbaarder gemaakt, maar het heeft ook hun vermogen tot vernietiging en hun kwetsbaarheid vergroot.’

Belangrijkste conclusie van het boek: ‘Naarmate hun vermogen om vuur te beheersen groter is geworden, zijn de mensen hun levenswijze meer op de beschikbaarheid van vuur gaan instellen en daardoor zijn zij ook steeds afhankelijker geworden van het vuur en van de sociale organisatie en de psychische discipline die nodig zijn om er, met een minimum aan overlast en gevaar, van te kunnen profiteren.’

Goudsblom heeft voor zijn boek een indrukwekkende hoeveelheid studies geraadpleegd. Zelf noemt hij dat ‘topjes van gigantische ijsbergen van kennis’. Hij verwijst op een consequente manier naar zijn bronnen. Hij noemt de nationaliteit van de onderzoeker, de vakdiscipline, de naam en de bron. Dat gaat zo: de Zuid-Afrikaanse paleontoloog C.K. Brain, de Britse schrijver Bruce Chatwin, de Amerikaanse historicus Stephen Pyne, de Franse archeologe Catherine Perlès, de Italiaanse landbouwhistoricus Gaetono Forni.

Wat uit het boek heel duidelijk naar voren komt is de toenemende afhankelijkheid van brandstof. Zonder brandstof geen vuur. In ‘bibliografische en andere aantekeningen bij de vijfde druk’ schrijft Goudsblom dat vuur als iets zeldzaams beschouwd moet worden. Aan de vier eigenschappen van vuur, ‘vernietigend, onomkeerbaar, doelloos, zelfgenererend’ voegt hij er een toe: ‘vuur is van nature zeldzaam.’ Er was heel lang op aarde geen brandstof beschikbaar, pas na de ontwikkeling van vegetatie kon er vuur ontstaan. Eerst door natuurlijke oorzaak (blikseminslag, vulkanische uitbarstingen), later door de vuurbeheersing van de mens.

Met een ‘korte speculatie’ sluit hij het boek af: ‘Het ziet ernaar uit dat we onze afhankelijkheid van vuur en brandstof drastisch zullen moeten verminderen [..] Als het technisch mogelijk zou zijn de problemen bij de opslag en het transport van elektriciteit te overwinnen, zou dat kunnen bijdragen aan het tot stand komen van een Wereldwijd Web van Energie (of Elektriciteit; het blijft WWE).’

Vuur en beschaving is een grondige wetenschappelijke studie gebaseerd op een zeer uitgebreide literatuurlijst. Het boek bevat een overzicht en een register. Een terechte herdruk van een indrukwekkende studie.

J. Goudsblom is emeritus hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Amsterdam waar hij sociale psychologie en pedagogiek studeerde. Hij promoveerde in 1960 cum laude op Nihilisme en cultuur. Voor Balans van de sociologie (1974) ontving hij in 1975 de essayprijs van de stad Amsterdam. Andere publicaties o.a. Het regime van de tijd (1997) en Reserves (aforismen) (1998). Vuur en beschaving (1992) is zijn bekendste werk en in meerdere talen vertaald.


Vuur en beschaving

Auteur: J. Goudsblom
Verschenen bij: Uitgeverij Van Oorschot
Aantal pagina’s: 320
Prijs: € 19,90

Vuur en beschaving
J. Goudsblom
ISBN: 9789028260504

Meer van Evert Woutersen:

31 augustus 2017

Overleven dankzij religie, vriendschap en hoop

Over 'Mijn gevangenissen' van Silvio Pellico
8 juni 2017

Vertaling jeugdwerk Paustovski herzien

Over 'De romantici' van Konstantin Paustovski
16 februari 2017

Clarice – de Braziliaanse Kafka

Over 'Clarice Lispector' van Benjamin Moser

Recent

20 oktober 2017

Soepel en licht vallende poëzie

Over 'Wax Hollandais' van Abdelkader Benali
18 oktober 2017

‘Een luchtig sprookje’

Over 'Waterscheerling' van Rascha Peper
17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit
16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong

Verwant

27 mei 2015

Een indrukwekkende studie

Over 'Sprong in het duister ' van J. Goudsblom
27 mei 2015

Sprookjesachtige bundel tragische lotgevallen

Over 'Het geheim van de kromme neuzen' van J. Goudsblom