24 december 2012

Het vertrek van station Atocha – Ben Lerner

Gezegend met een heerlijke zelfspot

Recensie door Jaap M. Jansen

 

Niet zelden wordt in literaire kritieken uitgegaan van een set ‘basisregels’ waaraan een literair werk zou moeten voldoen. Deze basisregels staan boven alle twijfel verheven en worden besproken als de essentiële eigenschappen van literatuur of poëzie. Niemand vindt het vreemd als een recensent stelt dat een literair boek een zekere diepgang moet kennen, of dat de hoofdpersoon een ontwikkeling moet doormaken. Aan de hand van Ben Lerners roman Leaving the Atocha Station (in het Nederlands vertaald als Vertrek van station Atocha) wil ik nader ingaan op dit fenomeen. Men kan nu boos uitroepen dat deze roman wordt ‘misbruikt’ voor andere doeleinden, dat ondergetekende het boek op deze manier geen recht doet (hetgeen overigens ook zo’n subjectieve vooronderstelling is), maar dit moet direct krachtig worden tegengesproken: Vertrek van station Atocha wordt op deze manier vermoedelijk in een positiever licht gesteld dan als we het werk op mimetisch niveau zouden bespreken.

Daarenboven geeft de roman zelf aanleiding tot overpeinzingen van een meer filosofische aard. Het begin is uitermate boeiend. De jonge Amerikaanse dichter Adam (de ik-figuur) heeft een beurs gekregen om in Spanje aan een poëzieproject inzake de Spaanse burgeroorlog te werken. Hij doet dit, zoals het een student betaamt, op zijn dooie gemakje. Drugs, zeeën van tijd, wat boeken lezen, struinen door Madrid – het is welhaast een clichébeeld. Bijna elke morgen bezoekt hij het Prado om zich daar (vrij letterlijk) te vergapen aan de Kruisafneming van Rogier van der Weyden, een schilderij dat in dit boek zeer treffend wordt beschreven. Waarom de hoofdpersoon steeds weer terugkeert naar ditzelfde schilderij, is een volstrekt raadsel. Dat wordt expliciet gemaakt wanneer Adam op een gegeven moment een andere bezoeker voor de Kruisafneming ziet staan en deze in snikken uitbarst; de man, zo beseft Adam, heeft een diepe kunstzinnige ervaring! (Overigens een bijzonder komische scène.) Het geeft hem te denken: hijzelf heeft nog nooit zulk een ervaring gehad, en hij vraagt zich af of hij er überhaupt wel toe in staat is.

Wanneer dit zó prominent naar voren wordt gebracht aan het begin van een roman, kan het moeilijk worden afgedaan als een triviaal verhaalelement, temeer daar de episode vrij in het luchtledige lijkt te hangen. De lezer wordt aan het denken gezet over het fenomeen van zo’n artistieke ervaring – de hoofdpersoon gaat in de loop van het boek een stapje verder en komt tot de conclusie dat al zijn waarnemingen een wat afstandelijk karakter hebben. Zijn houding tegenover de poëzie (hij wil een dichtwerk schrijven over de Spaanse burgeroorlog) is in grote mate onverschillig: hij schrijft voor het behouden van zijn beurs, en niet andersom. In eerste instantie is Adam zich niet eens bewust van de nare kanten van deze nonchalance: dat komt pas later, wanneer hij verliefd wordt. De titel van de roman refereert naar Adams inkeer: wanneer op 11 maart 2004 een terroristische aanslag op het station Atocha wordt gepleegd, moet Adam een keuze maken: aan de zijlijn blijven staan, zoals hij gewoon is, of deelnemen aan het verdriet en de woede. Wat Adam kiest, blijft echter onvermeld. Het is aan de lezer om dit in te vullen.

Adams afstandelijkheid tot de wereld om hem heen kleurt ook de verhaaltrant. Lerners boek is een klassiek voorbeeld van de stream of consciousness: observaties, indrukken en gedachten wisselen elkaar af en beïnvloeden elkaar – vaak is hierbij niet duidelijk of hij iets écht waarneemt, het zich verbeeldt of het in herinnering roept. Dit dwingt ook de lezer tot het nemen van een zekere afstand want de onbetrouwbaarheid van de ik-figuur – de combinatie van drugs met poëzie levert een volstrekt eigenzinnige waarneming op -, heeft bij vlagen wel wat weg van het alcoholische delirium in Venedikt Jerofejevs Moskou op sterk water. Toch gaat Lerner niet zover als Jerofejev (die zijn ik-personage zelfs zijn eigen dood laat beschrijven). Het blijft te allen tijde geloofwaardig. Adam is een aparte dichter-niksnut, maar zijn verhaal is wel plausibel.

Of Vertrek van station Atocha een ‘goed’ boek is, hangt dus af van de criteria die worden gesteld; de hoofdpersoon is weinig sympathiek, de verhaallijn weinig opwindend en de schrijfstijl weinig direct. Daarentegen biedt de roman voldoende: een poëtisch kijkje op Spanje, een fervent gefilosofeer en tal van thema’s ‘ter contemplatie’. Wederom in de lijn van Jerofejevs boek, is Vertrek van station Atocha zo af en toe eerder een prozagedicht dan een roman. Maar de verteller is gezegend met een heerlijke zelfspot:

‘Een schilderij fotograferen…’, zei ik bijvoorbeeld met honende geheimzinnigheid (…) of ik zei bijvoorbeeld ‘Blauw is een idee over afstand…’, of ‘Literatuur eindigt in dat specifieke blauw…’ (…) enzovoort. (p.51)

 

Het vertrek van station Atocha
Ben Lerner
Vertaling door: Ronald Vlek
Verschenen bij: Atlas Contact, Uitgeverij
ISBN: 9789025442958
208 pagina's
Prijs: € 15,00

Meer van Jaap M. Jansen:

22 november 2013

Trans-Atlantisch - Colum McCann

Over 'Trans-Atlantisch' van Colum McCann
7 november 2013

Kinderlijke onschuld en onwetendheid in harde omgeving

Over 'We hebben nieuwe namen nodig' van NoViolet Bulawayo
12 juni 2013

Het geheim van een auteur

Over 'De figuur in het tapijt ' van Daniël Rovers

Recent

17 augustus 2017

Gedichten die op afstand blijven maar ook weten te ontroeren

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník
7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist