30 november 2015

Het boek van mijn levens – Aleksandar Hemon

Versplinterd leven

Recensie door Carlijn Brouwer

Vergeleken worden met Vladimir Nabokov: dat klinkt in eerste instantie vooral als een groot compliment, maar het draagt tevens een gevaar in zich – want wat als de verwachtingen van de lezer daardoor zo hooggespannen zijn dat het alleen maar tegenvalt? Het is niet moeilijk een parallel te vinden tussen Aleksandar Hemon en Vladimir Nabokov: beiden groeien op in Oost-Europa en beiden verhuizen naar de Verenigde Staten. Beide ballingen maken zich de nieuwe taal eigen en gaan in het Engels schrijven. Gelukkig is dat niet de enige gelijkenis tussen beide auteurs – de intelligente, taalsensitieve en peinzende manier van schrijven komt ook overeen. De uitgever heeft zijn hand niet overspeeld: hier is een bijzonder getalenteerde schrijver aan het woord.

Levens
Hemon heeft in zijn leven genoeg meegemaakt om een aardige boekenplank mee te vullen. Hij wordt in 1964 geboren in Sarajevo, wat dan nog een kleine stad in de Balkan is. Zijn jeugd bestaat uit (veelal verloren) schaakpartijen met zijn vader, potjes voetbal met zijn raja, een groepje jongens aan wie hij de eerste jaren van zijn leven zijn identiteit ontleent, jaloezie ten opzichte van zijn jongere zusje en wachten tot zijn vader terugkeert van een van zijn buitenlandse reizen. Vervolgens, als jongere, gaat hij op zoek naar de grenzen van wat mogelijk is binnen een door de Staatsveiligheidsdienst gecontroleerde samenleving. Een verjaardagsfeest, waarbij iedereen onder het mom van ‘een performance’ als nazi verkleed komt, behoort niet tot de mogelijkheden. Je laven aan alles wat westers en kapitalistisch is – in de vorm van Amerikaanse poëzie, popmuziek en jeans – wél. Na de val van de Muur, in 1989, krijgt Hemon in 1992 de kans om naar de Verenigde Staten te gaan. Het is de bedoeling dat hij daar een paar weken blijft, maar intussen verslechtert de situatie thuis in Bosnië zo erg dat zijn ouders hem aanraden te blijven. Daarmee begint het immigrantenbestaan in Chicago, dat Hemon tot op de dag van vandaag leeft.

Identiteit
Over al die verschillende ‘levens’ schreef Hemon essays in The New Yorker. Achter elkaar gezet vormen ze de bijzondere autobiografie van Aleksandar Hemon. In elk hoofdstuk beschrijft hij een stukje van zichzelf alsof het om een personage gaat dat hij niet zelf is. Hemon is in staat zichzelf en zijn directe omgeving scherp te analyseren, juist door die afstand te nemen. Zien we hier een erfgenaam van de Russische literatuurtheoreticus Viktor Sjklovski, die ostranenie – letterlijk ‘vervreemding’ – als hoogste doel van de kunst, en daarmee dus de literatuur, zag? Sjklovski zag in leven op de automatische piloot het grootste kwaad: op den duur wordt zelfs iets veelomvattends als oorlog normaal en verblikt of verbloost men niet meer bij een zoveelste dode. Kunst is de oplossing, zegt hij. Nooit vergeten dat de groepen waartoe je denkt te behoren slechts abstracties en illusies zijn, zegt Hemon.

Het boek van mijn levens is een grote zoektocht naar identiteit. Alleen door je af te zetten tegen een Ander kun je een Ik construeren. Dat begint met de al eerder genoemde raja, het groepje jongens waartoe Hemon behoorde en dat in staat van oorlog verkeerde met de andere raja’s van de buurt. Vervolgens is het, zij het voorzichtig, de linkse, op het westen georiënteerde jongere tegen de Staat. Het zijn de Bosniërs tegen de Serven. Maar het is ook de immigrant tegen de Amerikaan. Want het blijkt moeilijk je thuis te voelen aan de overkant van de oceaan: alles voelt vreemd, je hele identiteit staat op losse schroeven. Of zoals Hemon het uitdrukt:

‘Immigratie is niets anders dan een ontologische crisis omdat je als immigrant gedwongen wordt onder eeuwig veranderende existentiële omstandigheden te onderhandelen over de condities van je eigenheid.’

Of: ‘In metafysiek opzicht was ik wankel, omdat ik nog niet wist hoe ik moest zijn in Chicago.’

Nieuw leven
Hemon zoekt naar een thuis en vindt dat in de andere immigranten. Samen wonen zij in een flat in een buitenwijk van Chicago en langzaamaan beginnen de straten als hun straten aan te voelen, beginnen de koffiehuizen hun koffiehuizen te worden en worden de gezichten alledaags. Aan de rand van de samenleving ontstaat een nieuwe enclave. Toch blijft Hemon zweven in een soort ‘niemandsland’: geen Bosniër meer, nog geen Amerikaan. Het blijkt moeilijk betrokken te blijven bij zijn vrienden die in Sarajevo zijn achtergebleven, omdat een oorlog op afstand niet te vergelijken is met er daadwerkelijk middenin zitten, maar ook om de eenvoudige reden van een platliggend telefoonnetwerk. Bovendien woont Hemon nu in een land dat de Bosnisch-Servische burgeroorlog probeert te reduceren tot een eenvoudig te begrijpen probleem – wat onmogelijk is. Toch maakt ook Hemon zich schuldig aan denken in stereotypen en goed en kwaad. Zo kan hij zijn oud-literatuurprofessor, die hij tijdens zijn studententijd in Sarajevo bewonderde om zijn eruditie en bevlogen manier van vertellen, niet meer recht in de ogen kijken wanneer hij openlijk sympathiseert met de SDP, de Servische Democratische Partij:

‘Ik ontlas boeken en gedichten waar ik vroeger van hield – van Emily Dickinson tot Danilo Kiš, van Frost tot Tolstoj -, ontleerde de manier waarop hij me geleerd had ze te lezen, want ik had het moeten weten, ik had er aandacht aan moeten besteden.’

Zijn verleden is aan het veranderen onder invloed van het heden, zijn verleden ligt in gruzelementen – net als de stad Sarajevo. De leden van de raja, waar het allemaal mee begon, en de vrienden aan wie Hemon later zijn identiteit ontleende, ontvluchten Bosnië en zoeken hun heil elders. Gelukkig voor ons heeft de interne versplintering er bij Hemon toe geleid dat hij ging schrijven. Om te begrijpen wat er gebeurt, om in de meest uitzichtloze situatie de humor te ontdekken, om zichzelf houvast te geven. In de taal gaat hij wonen, zoals ook Nabokov dat deed.

Kunst
Het boek van mijn levens gaat over zingeving, maar ook over de liefde voor voetbal, je hond en de borsjt van je grootmoeder. Het is een eerbetoon aan Sarajevo, aan Chicago. Het is een boek dat inzicht geeft in een van de ingrijpendste conflicten in Europa van de afgelopen eeuw, een boek dat laat zien hoe onbuigzaam de mens soms is, en hoe veerkrachtig op andere momenten. Het laat zien hoe onontbeerlijk taal en literatuur zijn en hoeveel schrijven kan betekenen. Voor de auteur, maar ook voor de lezer. Het boek van mijn levens beneemt je de adem en stemt tot nadenken – van op de automatische piloot lezen is geen sprake, daarvoor struikel je te vaak over de mooie zinnen en rake gedachten.

En dat is, om met Viktor Sjklovski te spreken, kunst.

 

 

 

Het boek van mijn levens
Aleksandar Hemon
Vertaling door: Charles Bors, Mauro Veen
Verschenen bij: Karaat
ISBN: 9789079770199
261 pagina's
Prijs: € 21,95

Meer van Carlijn Brouwer:

7 maart 2016

De tragiek van het alledaagse

Over 'Noodlanding ' van Kira Wuck
5 februari 2016

Een reis zonder begin en zonder einde

Over 'De wetten van de melancholie ' van Georgi Gospodinov
29 oktober 2015

Verliefd op een klipper

Over 'Een vrouw van staal' van Corine Nijenhuis

Recent

25 mei 2017

De andere kant van het land van beloften

Over 'Amerika, of de verdwenen jongen' van Franz Kafka
24 mei 2017

Het extreemrechtse drama

Over 'Ik had me de wereld anders voorgesteld' van Anil Ramdas
23 mei 2017

De man die niet kon liefhebben

Over 'Een onberispelijke man' van Jane Gardam
22 mei 2017

Herrijzende ster van Vaandrager en de tijd dat poëzie op straat lag

Over 'Vaan nu' van Bertram Mourits e.a.
18 mei 2017

Poëzie gefascineerd door het zijn, het aanwezig zijn.

Over 'Gebogen planken' van Yves Bonnefoy

Verwant

30 november 2015

Inleiding tot de duurste orgie uit de geschiedenis

Over 'Een dag in mei ' van Aleksandar Hemon
30 november 2015

Tanden als spiegels van de ziel

Over 'De geschiedenis van mijn tanden' van Aleksandar Hemon
30 november 2015

Een boek als een magneet

Over 'Begrijpend lezen' van Aleksandar Hemon