6 november 2012

Vader van God – Martin Michael Driessen

Almachtig, maar niet alwetend

Recensie door Sunny Jansen

 

‘In den beginne was alles…’

De eerste zin van Vader van God maakt het meteen duidelijk. Dit boek gaat over God en de Bijbel, maar dan net iets anders dan we gewend zijn.

God woont ergens daarboven en is druk met scheppen, terwijl zijn huishoudster wat om hem heen scharrelt met een stofdoek. Samen werpen ze een blik in Gods terrarium. ‘Dat met die Kelten wordt volgens mij niets…’ meent de huishoudster. En natuurlijk krijgt ze gelijk. Hoe hoopvol hij telkens ook weer is, vaak leidt zijn schepping nergens toe. Hij schept, creëert en worstelt. ‘Tot diep in de avond van die zo hoopvol begonnen dag zat God over zijn schepping gebogen en zag met lede ogen waartoe de vrije wil kon leiden: een saga van hartstochtelijk familietwisten, incest en verraad, van zingende helden die met bronzen zwaarden op aarden ringwallen stonden of hun eigen paleizen in brand staken met al hun gasten erin.’ Het is duidelijk: God is wel Almachtig, maar zeker niet Alwetend als het om de mensheid gaat. Hij klungelt maar wat aan en eigenlijk bakt hij er niet zoveel van. En begrijpen doet hij zijn schepping al helemaal niet.

Na een zoveelste teleurstelling valt God oververmoeid in een diepe slaap. Hij slaapt lang, heel lang en Bartje de huishoudster maakt zich een beetje zorgen. Er meldt zich een bezoeker, Mozes, en Bartje is onder de indruk van zijn verschijning. Zij laat hem bij Gods lessenaar en daar leest hij de chaotische stapels notities die God voor de heilige boeken van de mensheid heeft gemaakt. Vol bewondering leest hij de aantekeningen over Gods schepping. Bartjes herinneringen zijn echter heel anders: ‘Hij was altijd al goed met de pen…’, mompelt ze.

Als Mozes weer vertrokken is, ontwaakt God eindelijk uit zijn lange slaap. Hij ontdekt dat Mozes zijn aantekeningen heeft gestolen en begrijpt nu dat hij zijn schepping los moet laten. Hij schept dan wel alles, maar kan desondanks niet alles beheersen. Maar loslaten is makkelijker gezegd dan gedaan.  ‘Allengs begon God geroezemoes te onderscheiden: de stemmen van een mensheid die Hij aan haar lot overgelaten had, drongen steeds duidelijker tot hem door, en met dezelfde nieuwsgierigheid waarmee men volgt wat een voormalige geliefde met zijn of haar leven doet, bleef God luisteren.’ God besluit vermomd als herder naar de aarde te gaan. ‘Uiteindelijk besloot Hij hun een nieuwe kans te geven, zij het als een naijverige en toornige God die geen misstap zou dulden.’

Gods verblijf op de aarde is geen succes. Na veel gedoe dat uiteindelijk leidt tot de vernietiging van Jericho keert hij ontgoocheld terug naar boven en bedenkt spijtig dat hij ook een bloementuin van de schepping had kunnen maken. Hij heeft helemaal genoeg van de mensheid en besluit nogmaals zich nergens meer mee te bemoeien, maar dan slaat de verveling toe. Hij legt zich toe op de training van vredesduiven en herleest de Bijbel. Het concept van de Verlosser dat hij er in beschreef, biedt kansen realiseert hij zich. Wat als hij nu eens zelf als Messias ten tonele verschijnt? Een mooie kans om de mens te leren begrijpen en dan heeft hij meteen de vader naar wie hij zo verlangt.

Op dit punt verschuift het verhaal naar de aarde, naar Jozef, die zijn zoon tracht te behoeden voor zijn noodlot. Jozef lijdt en de engel Gabriël brengt hem vele therapeutische bezoekjes. Dit leidt tot jaloezie bij de andere engelen. Erg sympathiek is Gods engelenschare trouwens niet.

‘Er viel een traan op Jozefs gebruinde hand, en Gabriël had moeite zijn verveling te verbergen.’

Erg veel steun heeft hij niet aan de engel en Jozef kan maar één oplossing bedenken: Jezus mag geen Messias worden. Hij mag zich in niets onderscheiden en moet onopgemerkt leven. Daarvoor moet hij aan het alziende oog van God onttrokken worden. Hij ziet maar een uitweg: hij slaat met Jezus op de vlucht. Niet erg gunstig voor Gabriëls imago: hij vreest de annalen in te gaan ‘als de weke therapeut die Jozef een proefverlof toestond.’

Met Vader van God heeft Martin Michael Driessen, regisseur en vertaler, een origineel boek geschreven. Enerzijds is het een humoristisch, maar toch respectvol bijbelcommentaar, anderzijds is het een pakkende roman over vaders en zonen. Gods verlangen naar een vader en Jozefs drang om zijn zoon te redden vullen elkaar mooi aan. De stijl is mooi en warm en overtuigt, ondanks (of juist dankzij?) de vele anachronismen. Zo verlangt de huishoudster naar mooie winkelstraten en een nieuw servies, terwijl het nog niet eens in God opgekomen is om die te scheppen. Verwonderd vraagt hij zich dan ook af waarom zijn huishoudster vaak meer lijkt te weten hijzelf. De rol van Jozef is ontroerend en Driessen slaagt er zelfs in om God als een geloofwaardig personage neer te zetten, met wensen en verlangens, teleurstelling en onhandigheden. Maar uiteindelijk is de glansrol  voor de huishoudster!

 

Vader van God
Martin Michael Driessen
Verschenen bij: Wereldbibliotheek
ISBN: 9789028424784
205 pagina's
Prijs: € 17,90

Meer van Sunny Jansen:

23 maart 2015

Op zoek naar het eeuwige leven

Over 'Slaap zacht Johnny Idaho ' van Auke Hulst
2 maart 2015

Wat is herinnering en wat is verbeelding  

Over 'Uitval' van Fleur Bourgonje
9 december 2014

Zonder rietpen verkommert de geest

Over 'Het paviljoen van de vergeten concubines' van Pim Wiersinga

Recent

17 augustus 2017

Gedichten die op afstand blijven maar ook weten te ontroeren

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník
7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist

Verwant

6 november 2012

‘een dood schommelt aan zijn vleugelpennen’

Over 'Van alle angst ontdaan' van Martin Michael Driessen
6 november 2012

Duivelse bedrieglijkheid

Over 'Satanstango' van Martin Michael Driessen