25 augustus 2009

Tirade 429

Er is weer een nieuw Tiradenummer! Onder andere in dit nummer een opmerkelijk artikel voor alle lezers van Binnen de huid, de eerder dit jaar postuum verschenen roman van J.J. Voskuil. In het boek beschrijft Voskuil een duel tussen Maarten Koning en David Grobben. Enno Endt, die model stond voor het personage David in Binnen de huid en Bij nader inzien, heeft de gebeurtenis óók beschreven. Met een begeleidend stuk van Lieneke Frerichs, weduwe van Enno Endt.

Verder onder andere een essay van Jeroen van Kan over het literair populisme van Thomas Vaessens. Van Kan toont dat Vaessens op verkeerde gronden Frans Kellendonk gebruikt voor zijn theorieën, verbazingwekkend genoeg A.F.Th. van der Heijden links laat liggen en Leon de Winter op morele gronden afwijst, terwijl die laatste nou juist bij uitstek een auteur is die Vaessens zou moeten bevallen.

Jan van Mersbergen schrijft over zijn fascinatie voor Cormac McCarthy en Joop Goudsblom publiceert het eerste deel van zijn memoires. Verder ijzersterke verhalen van Monica Metz, Lodewijk van Oord en debutant Rutger Heringa. Veel en goede poëzie van Lieke Marsman, Ina Andrea, Paul Meeuws, Jan Baeke, Arie van den Berg, Emma Crebolder en Sasja Janssen.

 

Zie ook www.tirade.nu voor een volledige beschrijving van het nieuwste nummer en de mogelijkheid om dit nummer te bestellen. (Van Oorschot & Tirade)

 

Recent

22 september 2017

Modiano's spel met de lezer

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer