14 april 2015

Schrijven als een ander – Maarten Steenmeijer

 ‘Ga er maar aan staan’

Recensie door Lodewijk Brunt

Wie literaire teksten vertaalt, moet van alle markten thuis zijn, een Jack of all trades … pardon: Manusje van alles. Het gaat om meer dan het zorgvuldig, woord voor woord, omzetten van de ‘brontaal’ in de ‘doeltaal’, om het in jargon te zeggen, je moet ook het idioom van speciale groepen beheersen. Wat betekent het als er in een Engelse tekst over de loo gesproken wordt? Is dat iets anders dan bathroom? Toilet? Water closet? Zulke dingen luisteren nauw. Bij sommige gelegenheden zeg je bepaalde woorden niet, bij andere juist wel en dat heeft alles te maken met klassenverhoudingen, religieuze achtergrond, leeftijd, status, regio, periode. Tussen de verschillende talen bestaan bovendien aanzienlijke idiomatische verschillen. Villa betekent in de ene taal een duur huis, in de andere taal een buitenwijk, afhankelijk van de context. In het Italiaans slaat een casino op een feestzaal, in het Nederlands op een gokpaleis.

Als je afgaat op de wijze lessen van Maarten Steenmeijer in zijn zojuist verschenen Schrijven als een ander. Over het vertalen van literatuur, kijk je wel uit om er aan te beginnen. Ondanks het feit dat Nederland, anders dan Engelstalige landen, een typisch ‘vertaalland’ is. In een speciaal hoofdstuk vind je een bloemlezing van fragmenten uit recente Nederlandse vertalingen van Duitse, Amerikaanse en Spaanse romans. Een dodelijke opsomming. Steenmeijer, die zelf uit het Spaans vertaalt, legt de lat hoog. De vertaler moet volgens hem de ‘talige persoonlijkheid’ van de schrijver zien te ontdekken en ‘in al haar eigenheid en eigenaardigheden leren kennen en doorgronden’. De bedoeling is immers de schrijver ‘een stem in het Nederlands’ te geven. ‘Die stem is méér dan de toon, tempo, klankkleur, en bereik; zij is ook een manier van denken en voelen, een visie op de wereld, een levensgevoel, een gemoedstoestand’. Wie durft nog? Ook praktisch sta je hier als vertaler voor een bijna onmenselijke opgave. Een voorbeeld: Steenmeijers favoriete schrijver is de Spanjaard Javier Marías, maar deze auteur heeft – zoals de vertaler zelf opmerkt – pas na vijf boeken zijn eigen ‘talige persoonlijkheid’ gevonden.

Desondanks brengt Steenmeijer het vertalersambacht dichterbij door allerlei aspecten en dimensies op een luchtige manier tegen het licht te houden. Zijn boek is een verzameling van zo’n vijfentwintig hoofdstukjes, vaak niet langer dan een pagina of vijf, zes. Hij is wars van moeizaam jargon en schrijft overzichtelijke, nuchtere betoogjes, columns eigenlijk, waarbij hij algemene vertaalproblemen verduidelijkt aan de hand van concrete gevallen. Als je begrijpt hoe vertaalfouten tot stand komen, is vertalen misschien niet meer zo afschrikwekkend, het is uiteindelijk toch mensenwerk. Hij behandelt eerste zinnen, zowel voor schrijvers als vertalers van cruciaal belang, het vertalen van popsongs, de plaats van de lezer en de kwestie van ‘vrij’ of ‘precies’ vertalen, maar als een rode draad door het hele boek loopt een heikele kwestie, waarvoor ook andere vertaaldeskundigen uitdrukkelijk aandacht hebben gevraagd: hoe doe je recht aan het origineel?

In 1937 wees de Spaanse filosoof José Ortega y Gasset er in een beroemd essay op, dat vertalers ‘de angel uit de oorspronkelijke tekst halen’. Schrijvers zijn volgens Ortega ‘opstandelingen tegen de taal’, ze overtreden normen en regels, literaire taal wijkt af van de doorsneetaal, misschien wel juist ter verhoging van de verstaanbaarheid. Vertalers kunnen daar niet tegenop, ze sluiten de schrijver op in de ‘gevangenis van de gewone taal’, vertalingen geven vaak de indruk dat de schrijver eigenlijk een beetje dom is. Om het in andere woorden te zeggen: ‘vreemd’ taalgebruik wordt in de vertaling weggezuiverd, het hart, de originaliteit, wordt uit de tekst gehaald. Dit is het centrale dilemma van de vertaler en Steenmeijer komt hierop dan ook op verschillende plaatsen terug, ook aan de hand van schrijver en vertaler Tim Parks die zich de laatste jaren uitdrukkelijk in de discussie heeft geworpen. De ‘persoonlijke stijl’ van de schrijver wordt door vertalers omgezet in een ‘algemene stijl’, die weliswaar voldoet aan de standaarden van ‘mooi Engels’ of ‘mooi Frans’, maar die de oorspronkelijk tekst uitdrukkingsloos maakt.

Een klemmend probleem. Steenmeijer pleit ervoor dat vertalers beter betaald worden en meer in de schijnwerpers komen te staan – hun naam op de kaft, duidelijker aanwezig in praatprogramma’s op radio en tv. Wie zou het hem misgunnen een Bekende Nederlander te worden? Maar dat alles is geen oplossing voor de bijna schizofrene positie waarin vertalers zich per definitie bevinden. Steenmeijer zegt het zelf: de ene vertaler is de andere niet. ‘Vraag aan tien literair vertalers om dezelfde tekst te vertalen en je krijgt tien verschillende resultaten. (…) Het is naïef om de vertaler te zien als een onzichtbare go-between’. Vertalers zullen altijd moeten zien te laveren tussen de eisen van de oorspronkelijke tekst en de vrijheid om die tekst naar eigen inzicht om te zetten. Het is volgens Steenmeijer een soort ‘spookgebied’ waarin de vertaler als een ander moet schrijven, maar ook als zichzelf. ‘Ga er maar aan staan’, verzucht hij.


Schrijven als een ander
Over het vertalen van literatuur

Maarten Steenmeijer
Verschenen bij: Uitgeverij Wereldbibliotheek (2015)
Aantal pagina’s: 176
Prijs: € 15,95

Schrijven als een ander
Maarten Steenmeijer
ISBN: 9789028426177

steun-ons

Vond u dit een boeiende recensie? Help ons dan om dergelijke hoogwaardige en interessante boekbesprekingen te blijven publiceren. Wij willen uw steun gebruiken om u bijvoorbeeld de mogelijkheid te bieden de gerecenseerde boeken direct via Literair Nederland te bestellen.

 

Meer van Lodewijk Brunt:

17 november 2016

Stilist van wereldklasse

Over 'Mc Sorley's wonderbaarlijke saloon' van Joseph Mitchell
19 oktober 2016

Een en al puzzel

Over 'De sneeuw kimono' van Mark Henshaw

Recent

16 januari 2017

Sprookjes hebben geen woorden nodig

Over 'Sprookjes van Grimm zonder woorden' van Frank Flöthmann
12 januari 2017

Een blik in de spiegel

11 januari 2017

Reis door het leven

Over 'De tere bloemen van het verstand' van Myrte Leffring
10 januari 2017

Een echt Renaissance-mens

Over 'Rusteloos en overal' van Michiel van Kempen
9 januari 2017

Berichten uit het bezemhok

Over 'Zonder rampspoed valt er niets te melden' van Frans Pointl

Verwant

14 april 2015

Eindeloos veel vragen

Over 'Wachten op een vriend ' van Maarten Steenmeijer
14 april 2015

Oogst week 7