1 juli 2016

De rotonde - Roman in verzen – Mark Boog

Rotonde als anticlimax

Recensie door Reinder Storm

Mark Boog (1970) publiceerde vanaf 2000 een tiental gedichtenbundels en romans. Zijn nieuwste bundel De rotonde uit 2015 kreeg als ondertitel mee: ‘roman in verzen’, en is dus een combinatie van het verhalende en poëtische genre. Of er heel veel ‘romans in verzen’ zijn is de vraag … Een overbekend voorbeeld is Jevgeni Onegin van de Russische grootmeester A.S. Poesjkin uit 1833. Maar dat is veel omvangrijker dan De rotonde.

De rotonde kent een strakke opbouw. Het bestaat uit drie afdelingen, die elk bestaan uit 33 gedichten. Elk gedicht telt vijftien regels, volgens het schema 4 : 4 : 4 : 3. De gedichten krijgen telkens hun beslag in twaalf regels. De drie slotregels vormen – met tal van kleine variaties – een telkens herhaald slotakkoord, een mantra die een ondertoon geeft aan het verhaal van dreigende onrust:

Hij ziet de weg.
Hij buigt het hoofd.
Het onweert in de verte.

De gedichten zijn gesteld in blanke verzen, ongerijmd dus, en met een krachtig en dwingend metrum en ritme. Daarmee overtuigt de dichter vanaf de eerste bladzijde. Was het niet A. Roland Holst die het een kenmerk van goede poëzie noemde als de lezer onwillekeurig de neiging voelt de gedichten in kwestie hardop voor te lezen?

Mark Boog’s poëzie in De rotonde voldoet vaak aan dat criterium. De afzonderlijke gedichten, als ze al zo heten mogen, laten zich  op zich zelf lezen. Maar beter is toch ze tot je te nemen in de context van de hele bundel, als onderdeel van het verhaal, van de ‘roman’, omdat ze dan beter tot hun recht komen.

Het verhaal gaat over meneer Van Dam. Hij heeft genoeg van zijn uitzichtloze bestaan dat kennelijk wordt bepaald door saai kantoorwerk, door de vergeefse maar niet aflatende zoektocht naar de liefde en door drankzucht. Hij heeft besloten zijn ziel aan de duivel te verkopen. Heel veel specifieke(re) contouren krijgt de figuur Van Dam niet, maar dat belemmert het meeleven of de geloofwaardigheid geen moment.

Maar zelfs Van Dam herbergt een ziel. Hij loopt
er jaren al mee rond, en is het dan
een grauwe ziel, een ongevleugelde,
het is er een. Zijn kostbaarste bezit.

De advertentie die hij ooit de krant
heeft aangeboden: “Ziel te koop. Niet duur.
Als nieuw, haast ongebruikt. Gevraagde prijs:
Talent, genie, genot, iets groots en vurigs.

Ik wacht op vrijdagavond bij het kruispunt,
na zonsondergang. U herkent mij
aan de lege blik, de grijze jas
het stof tussen de kaken.” Geen reacties.

En zo gaat Van Dam op pad, naar het kruispunt waar hij zijn ziel aan de duivel wil verkopen, net zoals volgens overlevering talrijke onwaarschijnlijk begenadigde kunstenaars en artiesten. Dit omineuze besluit valt min of meer samen met het concept van de zelfmoord. Zelfmoordenaars werden – eveneens volgens overlevering – begraven nabij een kruispunt, zodat hun zondige zielen de weg kwijt zouden raken. De rotonde verhaalt van Van Dams tocht naar zo’n kruispunt, en maakt de lezer deelgenoot van zijn overpeinzingen en inzichten. Poëtisch verwoord, sterk verbeeld, en overtuigend.

De mens is een ontkenningsautomaat.
Hij lacht zijn ziekte weg en pimpelt vrolijk
de jenever binnen na crematie
of begrafenis. Begint opnieuw.   

Zo ook Van Dam – maar nu niet meer. Hij trekt
zijn natte jas uit, vele kilo’s zwaar
en laat hem achter op het wegdek. Dan
slaat weer de twijfel toe. De nacht, het zwart,

het niets! En onder het asfalt meters diep
de zware klei, die zuigt, die aan hem trekt.
Op hem leunt een zuil van storm en regen.
drager van het al. […]

De catch van Mark Boogs lange gedicht, helemaal aan het eind, is eigenlijk prozaïsch (no pun intended). Geheel in overeenstemming met de actuele praktijk in de wegenbouw is het kruispunt waarnaar Van Dam zo doelbewust en ‘definitief’ op weg was omgebouwd tot …? Juist ja: een rotonde. En daardoor is de betekenisvolle symboliek van het ‘kruispunt’ krachteloos geworden en ontlaadt de door de dichter opgebouwde spanning zich als een anticlimax. Van Dam rest geen andere keus dan doelloos rondjes te gaan draaien, achter een vage, grijze gestalte aan …

De uitwerking van het verhaal doet denken aan een James Bond-film: Spannend, verrassend, onderhoudend, tot aan het einde, wanneer het verhaal steevast uit de bocht vliegt en het eigenlijk te gek wordt. Het lot van Van Dam in Boog’s De rotonde is niet zozeer ‘te gek’. De spanning, die zo knap, dreigend en beheerst werd opgebouwd, wordt aan het slot gewoon niet ingelost.

Misschien is poëzie voor zo’n ‘verhaal’ dan toch een ongeschikt vehikel? Wel is het een uiting van Boogs sterke en zelfbewuste dichterschap. Dus: ‘verhalend’ is De rotonde niet helemaal geloofwaardig, poëtisch wel.

 

De rotonde - Roman in verzen
Mark Boog
Verschenen bij: Cossee
ISBN: 9789059366275
80 pagina's
Prijs: € 19,95

1 reactie





 

Meer van Reinder Storm:

9 juni 2017

Een rasechte lyricus aan het woord

Over 'Geen ander antwoord' van Frans Kuipers
27 april 2017

Zijn gedichten tonen een vijandig en onherbergzaam wereldbeeld

Over 'Liever niet' van Armando
14 maart 2017

Uitzonderlijke poëzie, liefst hardop voorlezen

Over 'De optocht' van Toon Tellegen - Illustraties Annemarie van Haeringen

Recent

21 juli 2017

Vast in het ijs

Over 'Dwars door het ijs' van Cormac James
19 juli 2017

Kijk, lees en geniet!

Over 'Wonderwezens' van Ingrid Biesheuvel, John Rabou
17 juli 2017

Terug naar vroeger

Over 'Hier kom ik weg' van Annette Maas
14 juli 2017

Het barre landschap van de menselijke geest

Over 'Beest' van Paul Kingsnorth
12 juli 2017

Het geluid van een brekend hart

Over 'Ik heet Lucy Barton' van Elizabeth Strout